Regen

Ik liep op straat en het regende. Helemaal niet erg, want ik had mijn paraplu bij me...

Zeker in het begin van de herfst is er niets zo leuk als alleen op straat lopen onder een paraplu. De bomen zijn nog groen, de temperatuur is nog dragelijk, de regen rikketikt er gemoedelijk op los.

Het begin van de herfst is met name zo mooi omdat het doet verlangen naar de rest van de herfst – de bladeren die vallen, de stormen die waaien, de kachels die snorren, de ramen die beslaan, de kinderen die volkomen verregend terugkomen van school, blozende wangen, koude neuzen met druppels eraan.

Korte dagen en stamppot – dat is de herfst waarnaar ik ineens liep te verlangen, dikke sokken, een sjaal om, de winterjas aan, wakker worden als het nog donker is (maar niet met die winterjas aan).

Ach ja.

Het regent in Nederland gemiddeld 6 procent van de tijd, las ik laatst ergens en dat is dus een uur en drie kwartier per dag, zeg maar de lengte van een speelfilm en ijsje in de pauze.

Maar het regent lang niet elke dag – sterker: het aantal droge dagen per jaar is zo'n 180. De overige dagen, regendagen, regent het dus gemiddeld drieëneenhalf uur per dag, van het journaal van acht uur tot voorbij Nova – een hele zit, tenzij er iets leuks op tv is, wat zelden het geval is – een raadsel dat ik niet maar begrijp.

Het begon iets harder te regenen, en ook de wind trok aan. Bij het omslaan van een straathoek moest ik ineens mijn paraplu goed vasthouden en tot mijn schrik zag ik op het fietspad aan de overkant al fietsers in regenpak – de geur van die pakken alleen al, en hoe heet je het erin kunt krijgen. Om van het aan-en uittrekken nog maar te zwijgen.

Rechtsomkeert dus.

Een ander getal schoot me te binnen; van die 185 regendagen zijn er 130 waarop nauwelijks meer dan 1 millimeter valt – in zo'n dag leek ik mij trouwens te bevinden, want het hield ineens abrupt op met regenen, een gebeurtenis zo raadselachtig, eigenlijk, dat ik hem graag een paar keer kort achter elkaar herhaald had gezien. Maar dat zat er niet in.Ik klapte mijn paraplu in en dacht aan de zomer en de vakantiefoto's die nog moeten worden ingeplakt, aan het zand van het strand, dat ik uit de auto moet zuigen, aan de loodgieter die ik moet bellen om op een dak een goot te repareren, en aan de 55 regendagen waarop méér dan 1 millimeter regen valt. Een groot aantal daarvan hebben we in augustus gehad toen waren er zelfs dagen dat het uren achter elkaar plensde en van dat soort dagen zijn er op jaarbasis, volgens het KNMI, maar twintig.

Twintig!

Echt waar.

Toen ik thuis kwam en de sleutel in het slot stak, begon het weer te regenen, van die zachte, miezerige regen waarvan je langzaam heel erg nat wordt. Kennelijk bevond ik mij toch in een andere dag dan ik daarnet nog dacht, maar daar stond tegenover dat ik thuis was, en bijna binnen de beste plek om regen te beleven. De straffe, harde wind dwong me de gang in, waar het droog en stil was nog helemaal zomers, heel wonderlijk.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden