Nieuws Dodd-Frank Wet

Regels voor Amerikaanse banken weer veel soepeler

Tien jaar na de bankencrisis die tot de Grote Recessie leidde laten de Verenigde Staten de financiële teugels weer vieren. Het Amerikaanse Congres schrapte dinsdag delen van de Dodd-Frank Wet, waarmee in 2010 de banken aan banden waren gelegd.

Wall Street, New York. Foto AFP

De nieuwe wet, die een dezer dagen door de president wordt getekend, past helemaal in de dereguleringsagenda van de regering-Trump. De bescherming van zwakkere groepen (van dieren tot consumenten) vormt in conservatieve ogen een belemmering voor het bedrijfsleven en moet zo veel mogelijk ongedaan worden gemaakt.

Maar ook tientallen Democratische volksvertegenwoordigers stemden voor het losser maken van het bankenkorset. Veel van hen hebben de afgelopen jaren honderdduizenden dollars verkiezingssteun gekregen uit de financiële sector. Daarmee liet het besluit weer de macht van de bankenlobby zien, en toonde het opnieuw aan dat er in de Democratische Partij diepe scheuren lopen tussen VVD-achtige liberalen en de SP-achtige linkervleugel.

Geen 'stresstest'

De belangrijkste stap terug is dat alleen nog de allergrootste banken, met een vermogen groter dan 250 miljard dollar, rekening hoeven te houden met sterke economische tegenwind. Voorheen lag die grens bij 50 miljard. Dat betekent dat bedrijven zoals creditcard-maatschappij American Express geen jaarlijkse ‘stresstest’ meer hoeven te ondergaan om te kijken of ze bestand zijn tegen grote financiële spanningen, zoals stijgende rentes en meer wanbetalers. Het aantal ‘systeembanken’, waarvan een faillissement grote maatschappelijke gevolgen zou hebben, is door de verhoogde financiële drempel teruggebracht van 32 naar 12.

Kleinere banken (met minder dan 10miljard) krijgen meer vrijheid om met het geld van hun klanten voor eigen gewin te speculeren. Dat werd acht jaar geleden verboden, omdat het grote risico’s met zich meebrengt. Daarnaast hoeven kleinere financiële instellingen geen overzicht meer te geven van hun leningen, een maatregel die bedoeld was om discriminatie bij hypotheekverstrekking tegen te gaan.

De versoepeling van de regels is volgens de Republikeinen nodig omdat Dodd-Frank de economische groei zou remmen. Daar zijn echter geen duidelijk aanwijzingen voor. De winsten en omzetten van banken zijn de afgelopen jaren sterk gegroeid, alsook leningen aan het midden- en kleinbedrijf. In het eerste kwartaal verdiende de financiële instellingen bij elkaar 56 miljard dollar, ruim een kwart meer dan vorig jaar.

Benzine op smeulend vuur

‘Het argument voor deregulering heeft objectief gezien geen enkele basis’, zei Dennis Kelleher van Better Markets, een organisatie die pleit voor financiële hervormingen. ‘Dit is alsof je benzine op een smeulend vuur gooit.’

Donald Trump en de Republikeinen wilden eigenlijk veel verder gaan. Trump had tijdens de verkiezingscampagne beloofd ‘een groot nummer’ te maken van de ontmanteling van de Dodd-Frank wet. Zo wilde hij het Financiële Beschermings Bureau voor Consumenten opheffen, een overheidsinstantie die onder meer malafide kredietverstrekkers onderzoekt.

Dat bleek door verzet van Democraten in de Senaat onhaalbaar. Met het oog op de tussentijdse verkiezingen later dit jaar kozen de Republikeinen eieren voor hun geld en namen genoegen met een kleinere overwinning waar dus ook sommige Democraten zich achter schaarden.

Maar er is meer in aantocht. Onder Trump willen de financiële toezichthouders vooral minder toezicht houden. Zo willen zij dat de Volcker-regel, die bancaire speculatie verbiedt, ook voor grotere banken wordt geschrapt. Ook hebben ze voorstellen gedaan voor een lagere verplichte dekkingsgraad, zodat banken meer kunnen gaan uitlenen met minder geld (Amerika is daar nu strenger in dan Europa). En het financiële beschermingsbureau voor consumenten is al grotendeels ontmand, doordat de door Trump aangestelde baas Mick Mulvaney al het onderzoek naar malafide bedrijven heeft stopgezet.