Reders gunnen Thecla graag een order

Haar vader vond schepen bouwen niets voor meisjes en stuurde haar een jaar als au pair naar Frankrijk. Maar Thecla Bodewes liet zich er niet van weerhouden het familiebedrijf over te nemen.Door

Bedrijf Scheepswerven Bodewes


Waar Hasselt


Sinds 1913


Aantal werknemers 100 man


Jaaromzet 12 miljoen euro


Eindelijk heeft Scheepswerven Bodewes een werf aan zee. Tot nu toe bouwde het bedrijf zijn schepen, ook zeeschepen, op werven diep in het binnenland: in Hasselt (bij Zwolle), en vooral in Meppel, op scheepswerf De Kaap. Het lukte allemaal, daar niet van. 'Maar hier in Harlingen kunnen we veel grotere en zwaardere schepen bouwen, met meer diepgang', zegt Thecla Bodewes, eigenaar en directeur van de groep. In Meppel is 13 meter de maximale breedte, in Harlingen 20 meter.


Ze kocht de Harlingse werf vorige maand. In de grote hal die ze nu tot haar beschikking heeft, staat het eerste schip al op stapel. Nou ja: scheepje. Een ploegboot, een klein baggerschip dat bedoeld is om havens waarin niet mag worden gebaggerd, uit te schrapen.


Een bedrijfsovername was het niet, de aanschaf van de Harlingse werf. Ze kocht alleen het vastgoed en de machinerie van De Volharding, die de faciliteit alleen nog maar verhuurde. Het kantoor ruikt naar verf, en is nog goeddeels leeg. De scheepsmodellen die de boel opfleuren, zijn een cadeau van de vorige eigenaar. Maar op termijn zullen hier vijftig man gaan werken.


In 1998 werd Thecla Bodewes eigenaar van een werf in Hasselt, toen haar vader besloot ermee te stoppen. De werf speelde in het gezin met vier dochters wel een rol, maar niet zoals dat zou zijn geweest met jongens in huis. 'Bij tewaterlatingen mochten wij kanten kousjes aan en dat vonden we natuurlijk mooi.'


Vader Bodewes vond schepen bouwen eigenlijk niets voor meisjes. Drie van zijn dochters hadden daarvoor ook geen enkele belangstelling, maar Thecla wel. Zij wilde naar de HTS Scheepsbouw in Haarlem, dezelfde opleiding die haar vader had gedaan.


Met zijn voorzichtige tegenwerkingen leverde haar vader haar uiteindelijk een uitstekende startpositie, die jaren later mede leidde tot de grootste order die het bedrijf ooit kreeg. In de hoop dat ze zou afzien van haar scheepsbouwplannen, stuurde hij haar een jaartje naar Frankrijk, als au pair. Daardoor spreekt ze nu vloeiend Frans.


In het volgende verhaal speelt dat een rol. Net als het feit dat ze vrouw is. Dat, ze zegt het keer op keer, is in haar vak een voordeel. Als je het goed doet. 'Ze weten meteen wie je bent.' Hoe dan ook: in 2001, ze was toen nog maar een paar jaar eigenaar van de werf, werkte ze in Marseille aan een klus om een schip te verlengen. Ze had daarvoor ter plaatse een droogdok gehuurd. Daarvan verhuurde ze een deel onder aan een Franse ondernemer die er een schip repareerde. 'Maar dat werd een chaos. Die man bekende mij op een gegeven moment: Thecla, je moet me helpen want ik heb deze klus niet in de hand.' Samen slaagden ze er alsnog in die reparatie op tijd gedaan te krijgen.


Diezelfde man werkt inmiddels als internationaal broker. Toen de grote Colombiaanse reder Impala bij deze broker vroeg bij wie hij een serie duwboten kon laten bouwen voor op de rivier de Magdalena, dacht de man terug aan die merkwaardige Thecla. Alles speelde mee: het Frans dat ze sprak, de goede naam van haar werven. En dat ze vrouw is. 'Ik heb wel vaker gehoord dat reders mij een order gunnen omdat ze liever met mij een kopje thee drinken dan met de zoveelste man in pak.'


Het bedrijf van Thecla Bodewes moet niet worden verward met de veel grotere werf Bodewes in Hoogezand. Maar verwarring is haast onvermijdelijk: het is dezelfde familie. 'Mijn grootvader was een volle neef van de toenmalige eigenaar van Bodewes in Hoogezand.'


De naam Bodewes is ook in de literatuur doorgedrongen. Thomas Rosenboom beschreef in zijn roman De Nieuwe Man de scheepswerven in Groningen, met een bescheiden rol voor Thecla's voorvader Harmannus. 'Toen ik in 2001 de werf De Kaap in Meppel overnam, was dat boek net uit. Ik kreeg toen zo veel exemplaren cadeau, dat ik al mijn jongens er een kon geven.' 'Mijn jongens', daarmee bedoelt ze haar werknemers.


Altijd bouwde het familiebedrijf unieke schepen, een enkele keer een kleine serie. Bodewes noemt dat zelfs de kracht van haar bedrijf. Maar dankzij deze order van Impala groeit de omzet van het bedrijf van rond 12 miljoen euro naar 20 à 25 miljoen euro per jaar. En waar vroeger 80 procent van haar markt lag in Nederland en Duitsland, gaat nu 80 procent ver de grens over. Een deel van de duwboten was eigenlijk te groot voor haar werf in Meppel; in de grote hal in Harlingen passen ze prima.


Nederland staat er volgens Thecla Bodewes goed voor als scheepsbouwnatie. Zelfs de gewoonte om het bouwen van complexe scheepsrompen uit te besteden aan lagelonenlanden loont volgens haar nauwelijks. 'Als je ziet hoe veel geld de organisatie daarvan kost, met duur toezicht, met transport, en met tijdsverlies, dan moet het al om een groot casco gaan wil je goedkoper uit zijn.'


Twee dingen baren haar zorgen. In haar jeugd heeft ze het zien gebeuren: de meisjes hoefden op school geen techniek te doen, maar de jongens moesten wel breien. Gevolg: een dreigend tekort aan technisch personeel. 'Nu is het niet acuut. Maar als de economie aantrekt, zitten we met een tekort aan personeel. We leiden ze nu wel zelf op, maar dat zal niet genoeg zijn.'


Nog grotere ergernis betreft de banken. Die doen helemaal niets voor het mkb, en al helemaal niet voor scheepsbouwers. Toen ze de Harlingse werf kocht, was er geen bank die dat wilde financieren. 'Ik kon de werf gelukkig voor heel weinig kopen, en ik kon het geld lenen van familie.'


Zelfs die order van de Colombiaanse duwboten zou aan haar neus voorbij zijn gegaan als het aan de bank had gelegen. 'Ik was in Zwitserland om die order te tekenen en ik belde mijn bank om het goede nieuws bekend te maken. Ik zeg tegen die directeur: maak de bankgarantie maar klaar. Zegt die man: Thecla, ik zou dat contract maar niet tekenen want ik kan de financiering niet garanderen.'


Zij had het geluk bij een galadiner een keer naast de allerhoogste baas van diezelfde bank te hebben gezeten, en zijn kaartje te hebben gekregen. Natuurlijk herinnerde deze bankier zich nog de charmante scheepsbouwster die in 2011 nog Ondernemer van het Jaar was. 'Hij liet meteen zijn beste risico-expert komen en binnen een paar dagen was het rond.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden