Red het Hollandse landschap

Van gevelreclames en geluidsschermen tot de woningmarkt: de vragen voor de Ruimtelijke Agenda zijn bekend. Yvonne Zonderop vertelt hoe de lijst tot stand kwam....

‘Wat is schoonheid? Hoe stel je dat vast?’ Eeuwenoude vragen klinken op in het bovenzaaltje van een keurig Haags etablissement. Acht hooggeleerde dames en heren zitten rond de tafel en vliegen elkaar academisch in de haren. Het panel van wijzen van de Ruimtelijke Agenda vergadert. Samen moeten deze deskundigen de zeven voornaamste ruimtelijke vraagstukken in ons land formuleren. Dat vergt de nodige discussie, want de meningen lopen uiteen.

Hans Mommaas, hoogleraar Vrijetijdswetenschappen aan de Universiteit van Tilburg, vraagt aandacht voor ‘zachte waarden’ als schoonheid en beleving. Er wordt veel geklaagd over verrommeling en horizonvervuiling, ook door deelnemers aan de Ruimtelijke Agenda. We moeten ons meer bewust zijn van de invloed van ruimtelijke ordening ons gemoed, vindt Mommaas.

Mommaas sluit zich aan bij Volkskrantlezer Henk Bos. Deze poneerde op www.ruimtelijke-agenda.nl de stelling dat schoonheid in de ruimte een kwestie is van ontwerp. Volgens hem wordt onze omgeving mooier als stedebouwkundigen en (landschaps-) architecten meer te zeggen krijgen dan bestuurders, juristen en goedbedoelende planologen. De Tilburgse hoogleraar is het daar mee eens. ‘Landschappelijke kwaliteit is een waarde in zichzelf’, zegt Mommaas.

Dat klinkt mooi, vinden andere wetenschappers in het panel van wijzen. ‘Mensen storen zich bijvoorbeeld ook aan die enorme billboards in de stad’, weet panellid Sadik Harchaoui, directeur van Forum. Maar hoe benoem je die zogeheten ‘zachte waarden’? Hoe krijgen ze een vaste plaats in het economische proces?

Hier moet een oplossing voor komen, vindt het panel. Aldus brengt de kwestie van ‘schoonheid en beleving’ het tot een van de zeven voorname vraagstukken waar de Ruimtelijke Agenda op door gaat (zie kader). Het panel neemt de uitslag van de lezersraadpleging natuurlijk serieus (het Betoog, 7 april). Maar de deskundigen worden ook geacht zelf een stempel te drukken op de uitkomst van het proces. Op die momenten ontstaat het debat.

Neem het probleem dat volgens velen aan de bron ligt van de ruimtelijke onvrede in Nederland: de onzekerheid en onmacht onder bestuurders. Vroeger was ruimtelijke ordening een overheidstaak, uitgevoerd door ambtenaren, aan de hand van vaste uitgangspunten. Maar de overheid trok zich terug. Er moest meer ruimte komen voor lokale oplossingen van lokale problemen. Sommige vragen konden misschien beter door de markt dan door de overheid worden beantwoord. Aldus ontstond een vacuüm. Veel van de huidige ergernis valt daarop te herleiden.

Ook volgens Volkskrantlezers is de huidige bestuurlijke onzekerheid een bron van zorg. Meer dan een kwart van de 77 stellingen op ruimtelijkeagenda.nl ging over de vraag welke partij tegenwoordig voor de ruimte verantwoordelijk is. Nog eens vijf stellingen laakten de toegenomen invloed van commerciële partijen. Ook het panel van wijzen weet zeker dat bestuurlijke verantwoordelijkheid tot de zeven vraagstukken behoort. Maar hoe formuleer je het probleem?

Bestuurskundige Mark van Twist, bijzonder hoogleraar public/private partnership in Nijmegen, is beducht voor de roep om ingrijpen door de centrale overheid. Vele honderden Volkskrantlezers steunden een dergelijke stelling op de website. ‘Maar het is naïef om te denken dat meer macht voor de overheid helpt’, meent Van Twist. Hij zoekt de oplossing in het organiseren van meer maatschappelijke veerkracht: ‘Geef maatschappelijke partijen een duidelijke stem, dat helpt.’

Klaas van Egmond, hoogleraar milieukunde in Utrecht en directeur van het Milieu- en Natuurplanbureau, ziet een ander probleem. Hij maakt zich vooral zorgen over de ongelijke machtsverhouding tussen de overheid en de markt. Bestuurlijke onzekerheid vertaalt zich in planologische onduidelijkheid, en dat werkt grondspeculatie in de hand, zegt hij. In de Bloemendalerpolder, tussen Weesp en Muiden, vertienvoudigde de grondprijs toen bleek dat projectontwikkelaars er alsnog mochten bouwen. Bewoners van de nieuw te bouwen woningen mogen daarvan straks de rekening betalen. Hier zal de politiek iets tegen gaan ondernemen, voorspelt Van Egmond.

Na veel discussie wordt het panel het eens over de stelling: onzekerheid over bestuurlijke verantwoordelijkheid leidt tot gebrekkige regie en onvoldoende daadkracht. Dit speelt op drie terreinen. Er is onduidelijkheid in de verhouding tussen commercie en openbaar bestuur, in de verhouding tussen de centrale overheid en lokale partijen en in de verhouding tussen de korte en de lange termijn. Voor al deze vragen zijn oplossingen nodig.

Maar natuurlijk komen ook de dagelijkse zorgen van Volkskrantlezers aan bod. Hoeveel mensen zijn niet op zoek naar een betaalbaar huis? Kees Koedijk, hoogleraar financieel management aan de Erasmus Universiteit, vindt dat de Ruimtelijke Agenda oplossingen voor dit vraagstuk moet zoeken.

De leefbaarheid in de stad is ook een onderwerp dat op de site veel bijval kreeg. Het belandt zonder veel tegenspraak op de lijst met vraagstukken. Talja Blokland, bijzonder hoogleraar samenlevingsopbouw aan de Erasmus Universiteit, houdt een pleidooi voor een beter leefmilieu in de oude wijken. ‘De politiek doet tegenwoordig alsof oude wijken vooral last hebben van het integratievraagstuk. Maar slechte wijken kampen met ruimtelijke problemen, die vragen om ruimtelijke oplossingen.’

Karin Laglas, managing director bij Rodamco, is het daar mee eens. ‘Maar we moeten niet doen alsof alleen de oude wijken steden voor problemen stellen. De stad is een leefmechanisme. De stad moet uiteenlopende mensen in verschillende fasen van hun leven een goed leefmilieu kunnen bieden. Dat lukt nu onvoldoende en dat is een serieus probleem.’

Wim Hafkamp, wetenschappelijk directeur van het grote stedeninstituut Nicis, verwoordt het vraagstuk van de mobiliteit. Lezers van de Volkskrant plaatsten het gebrekkige openbaar vervoer bovenaan de Ruimtelijke Agenda. Maar volgens Hafkamp is het echte vraagstuk fundamenteler. ‘We worden steeds rijker, de technologie maakt steeds meer mogelijk. Daardoor kunnen we in dezelfde tijd steeds meer kilometers afleggen. Straks kunnen we met een nieuwe spoorlijn in drie kwartier van Amsterdam naar Groningen. Maar moeten we dat ook willen? ’

Het panel had graag acht of negen vraagstukken op de lijst gezet, maar Frank Kalshoven, economisch columnist van de Volkskrant en voorzitter van de vergadering, herhaalt het meermalen: de Ruimtelijke Agenda is een proces van kiezen. Dat is lastig.

Het wordt voor het panel nog lastiger als ze deze zomer alle oplossingen met elkaar moeten vergelijken en de beste voorstellen moeten aanbevelen. Ook dan zullen de argumenten over tafel vliegen en zullen compromissen gesloten worden. Maar eerst komt nu de samenleving aan bod met een keur aan voorstellen voor oplossingen. U kunt het volgen in het Betoog en op de website: www.ruimtelijkeagenda.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden