Recordhonger Dafne Schippers niet te stillen

In drie maanden heeft atlete Dafne Schippers de Nederlandse records op vier onderdelen verbeterd. Zaterdag werd ze getergd bij het verspringen.

AMSTERDAM - Dafne Schippers heeft de recordboeken van de Nederlandse atletiek flink afgestoft. In drie maanden tijd heeft ze de topprestaties op vier onderdelen scherper gesteld; vijf als de toptijd van de estafetteploeg wordt meegerekend.


Bij de NK atletiek haalde ze de plumeau over het stokoude record bij het verspringen. Ze kwam tot 6.78, een fractie verder dan het vorige record. In 1996 kwam Sharon Jaklofsky, een zevenkampster met Australische wortels, bij de Zomerspelen van Atlanta tot 6.75.


Met haar verre sprong plaatste Schippers zich voor de EK atletiek over twee weken. Ze zou in Zürich, gezien de afstand, de finale kunnen halen. Op de Europese seizoensranglijst staat ze achtste, maar het is ondenkbaar dat ze meedoet. Ze laat de zevenkamp al schieten om zich te richten op de 100, 200 en 4x100 meter. 'Als alles loopt zoals ik hoop, moet ik acht wedstrijden lopen. Dat is al zwaar. Ik kan niet ook nog eens verspringen.'


De verre sprong kwam voor Schippers niet als een verrassing. In haar trainingsprogramma voor de zevenkamp heeft haar coach Bart Bennema sinds de winter verscheidene accenten gelegd, voornamelijk bedoeld om progressie op haar hoofdonderdeel te boeken. Eerst lag het accent op kracht, daarna op snelheid en de laatste tijd op de techniek van het verspringen.


Uit haar sprintprestaties bleek eerder al dat de aanpak aansloeg. Ze verbeterde onlangs het 28 jaar oude Nederlandse record op de 100 meter van Nelli Cooman tot 11,03. Haar eigen record op de 200 meter stelde ze scherper tot 22,34. En op de zevenkamp kwam ze in mei, mede door haar toegenomen sprintsnelheid, tot een puntentotaal van 6.545.


Gezien haar sterke sprint lag het voor de hand dat Schippers ook verder zou springen, maar Schippers doet zelden mee aan verspringwedstrijden. Meestal blijft het bij drie pogingen in een zevenkamp.


Zaterdag waagde ze zich aan zes pogingen, mede door een fout van de jury. Die hadden de zandbak al aangeveegd voordat de vierde, verre sprong van Schippers was opgemeten. Ze kreeg een extra poging. Ze voelde zich getergd en verbeterde haar persoonlijke record tot 6.63. In haar laatste poging vloog ze nog verder: 6.78.


De 22-jarige atlete bekende dat de ergernis over de juryfout haar mogelijk had geholpen. 'Ik heb al vanaf redelijk jonge leeftijd aan juniorentoernooien mee gedaan. Dan leer je omgaan met dit soort dingen. Je leert gevoelens van frustratie omzetten in iets positiefs.'


De extra snelheid heeft effect op haar aanloop. Ze besloot die in het Olympisch Stadion met vier 'voetjes' verlengen, omdat haar passen groter zijn geworden. Met die extra ruimte kon ze in haar vertrouwde aanloop (zestien passen) goed uitkomen bij de afzetbalk.


Toch is snelheid bij het verspringen niet de enige factor van belang. 'Er zijn minder snelle springers dan Dafne die toch 20 centimeter verder komen', zegt trainer Bennema. Het geheim zit in het overbrengen van de snelheid in de afzet. Dat is een kwestie van techniek. In het verleden bewoog Schippers te veel in die laatste fase, ze 'huppelde', zoals ze zelf zei. Van coach Bennema moet ze 'gewoon doorlopen' bij de afzet. 'Dat heeft ze vandaag heel behoorlijk gedaan.'


Na het verspringen was de honger van Schippers niet gestild. Op de natte baan versloeg ze op de 100 meter haar vaste rivale Jamile Samuel: 11,10 om 11,33. Ze liep slechts tweemaal in haar carrière harder. Schippers: '11,10 op deze baan is best goed. Het is een redelijk zachte baan, in elk geval geen keiharde Mondobaan. Dat scheelt geen tienden van seconden, maar wel een paar honderdsten. Ik had gerekend op een tijd in de 11,20.'


Met vier Nederlandse records staat Schippers op eenzame hoogte in de Nederlandse atletiek. Toch is het nauwelijks gewaagd te veronderstellen dat ze nog zeker één ander verjaard record kan verbeteren. Sinds 1998 is de toptijd op de 400 meter 51,35. Schippers doet over 200 meter 22,34 seconden. Ze heeft dus ruim 29 seconden voor de tweede helft van de race.


Voorlopig moet ze er niet aan denken. Aan de 800 meter, de slotafstand van de zevenkamp, begint ze al met tegenzin. De 400 meter schijnt nog meer pijn te doen. Bovendien kan ze op die afstand, net als op het verspringen, hooguit Nederlands kampioen worden. Op de sprint en zevenkamp liggen de Europese en wereldtop binnen bereik. En daar is het haar om te doen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden