Rechts, red de linkse cultuurkaart

Vlak voor de kerstvakantie verrast mijn school de leerlingen op de ‘Cultuurdagen’. De sponsor van dit feest is de overheid via de cultuurkaart. Hieraan dreigt een einde te komen, wanneer het kabinet het voornemen doorzet om de kaart te schrappen. Dat zou zonde zijn. Het rechtse kabinet moet deze linkse kaart sparen.

De toekomst van de Cultuurkaart hangt aan een zijden draadje. Op de cultuurkaart-website wordt voorzichtig gemeld dat staatssecretaris Halbe Zijlstra nog een opening biedt om de kaart te redden, Hij gaat praten met vertegenwoordigers uit de cultuur- en de onderwijssector. Wanneer er geen kostenefficiëntere manier is om leerlingen met cultuur in aanraking te brengen, dan kan de kaart blijven bestaan.

CJP
Vroeger heette de cultuurkaart het Cultureel Jongeren Paspoort (CJP), maar met deze naam was kennelijk iets mis. Nu krijgen de leerlingen een CJP-kaart, maar de letters CJP worden niet meer toegelicht. De pas heeft nog wel hetzelfde doel. Officieel stelt CJP ‘jongeren in staat hun culturele smaak te ontwikkelen en hun culturele horizon in Nederland en wereldwijd te verbreden. CJP brengt jongeren in contact met cultuur in de breedste zin en geeft daarbij voordeel en voorrang.’ In het huidige politieke jargon zou je kunnen zeggen dat de cultuurkaart leerlingen leert om Linkse Hobby’s te waarderen.

Het is wel een rare kaart. In principe krijgt elke leerling in het voortgezet onderwijs in Nederland een cultuurkaart met een saldo van 15 euro. Dit geld is te verzilveren bij allerlei culturele instellingen. De kaart is raar, omdat de leerling niet helemaal de beschikking heeft over het geld. De leerlingen krijgen weliswaar allemaal een plastic pasje, maar het tegoed op de kaart is meestal ingepikt door de school.

Ook mijn school boekt deze tegoeden in om, zoals gezegd, de leerlingen twee dagen cultureel te verrassen vlak voor de kerstvakantie. De leerlingen reizen zelfstandig met de trein naar Amsterdam, Haarlem of Zaandam voor een cultureel bezoek aan een museum en een theater.

Hermitage
Dit is op zich al reuze spannend. Leerlingen hebben beperkte keus uit een scala aan mogelijkheden. Dit jaar konden leerlingen onder andere naar het Stedelijk Museum, het Van Gogh Museum, het Allard Pierson, de Hermitage, het Tassenmuseum en ga zo maar door. In de avond was er voor de leerlingen in de hogere klassen de keuze tussen een voorstelling in de Meervaart of het Zaantheater. De 15 euro van de cultuurkaart is niet genoeg om alle kosten te dekken, maar de bijdrage helpt natuurlijk flink.

De docenten gaan mee als begeleiding van de leerlingen. Ik mocht zelf mee naar het Stedelijk, het Zaantheater en een dag later naar de bioscoop om te huilen bij ‘My name is Sarah’. Een mooi programma.

Je zou natuurlijk kunnen zeggen dat het een overdadig programma is. Die kinderen kunnen toch met hun eigen ouders naar het museum of het theater? Waarom moet de belastingbetaler opdraaien voor deze linkse hobby? Dit is zeker waar, ouders zouden hun kinderen mee moeten nemen naar het museum. Helaas gaan de meeste ouders zelf al niet naar een museum, laat staan dat ze de kinderen mee nemen.

Nuttig
Het enige museumbezoek dat de meeste leerlingen van mijn school zich kunnen herinneren is het bezoek dat ze een jaar eerder aan een museum brachten. Tijdens dezelfde cultuurdagen. Een groot deel van de leerlingen van mijn school, zou zonder de cultuurdagen nooit een museum van binnen zien. De cultuurdagen zijn dus nuttig, wanneer je tenminste vind dat museum- en theaterbezoek nuttig is..

De vraag is of deze cultuurdagen staan of vallen met de cultuurkaart. Als alternatief zouden de ouders ook een extra bijdrage kunnen leveren voor de culturele vorming van hun kinderen. Ik vermoed dat dit op mijn school in een relatief welvarend deel van Noord-Holland, nog wel zou lukken. In minder welgestelde gebieden lukt een extra ouderbijdrage waarschijnlijk niet.
Problemen met de cultuurkaart zijn er natuurlijk wel. De kaart is, zoals gezegd, raar. De school pikt het saldo van de leerling in, maar dit gaat niet zo maar. Op de kaart zit een beveiliging waar de ov-chipkaart jaloers op kan zijn. De leerling moet de kaart eerst activeren.

Veiligheid
Dat gaat via een ingewikkelde procedure op een website waar de veiligheid voorop staat. Het wachtwoord dat leerlingen aan hun kaart moeten hangen is net zo ingewikkeld als het wachtwoord bij Digid. Omdat de leerling geen rechtstreeks financieel voordeel heeft van het activeren, is de prikkel klein om dit proces door te maken. De school krijgt echter pas het CJP-geld, wanneer 75 procent van de leerlingen de kaart heeft geactiveerd. Dat is een flinke klus. De teller stond in mijn 6 vwoklas voor de kerstvakantie bijvoorbeeld nog maar op 21 procent.

Met dit proces rond de cultuurkaart houden we elkaar voor de gek. Er is flink wat geld te bezuinigen door het cultuurgeld niet meer aan de leerling, maar rechtstreeks aan de school te geven. Een ingewikkelde dure website kan dan dicht. Laat de scholen een paar mooie cultuurbezoeken voor de leerlingen regelen en iedereen is tevreden.

Voor de leerling resteert dan een culturele kortingpas, zoals de cultuurkaart nu in feite ook functioneert. Maak de Cultuurkaart simpeler, maar schaf hem niet af. Bezuinig op rechts IT-geld voor het behoud van een mooie linkse cultuurhobby.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden