Rechtlijnige Roethof legde mede de basis voor paars

Het zaterdag op 74-jarige leeftijd overleden oud-Tweede-Kamerlid Hein Roethof werd door velen een 'non-politicus' genoemd. Toch had hij meer politiek gevoel dan vele anderen in de PvdA-fractie....

EEN FRAAI beeld: Hein Roethof schuifelt aan de arm van zijn dochter Guikje, D66-kamerlid, naar de Anna Pavlovazaal in het Haagse Hotel Des Indes, voor wat een van de laatste bijeenkomsten van het Des Indes-beraad zal worden. Het is juni 1994, Roethof is al bijna twintig jaar trouw bezoeker van dit geheime beraad en nu het kabinet-Kok in de maak is, zit de taak er bijna op: het mogelijk maken van een coalitie van PvdA en VVD met D66 als bindmiddel.

H. J. Roethof, zaterdag op 74-jarige leeftijd overleden, verpersoonlijkte deze samenwerking tussen PvdA en VVD. In zijn politieke leven kriskraste hij van de sociaal-democraten naar de liberalen en weer terug. Liberalisme en humanisme waren de trefwoorden die Roethof altijd hebben begeleid.

Roethofs eerste politieke daad werd ingegeven door het verloop van de Spaanse burgeroorlog. Ontroostbaar over de verloren vrijheidsstrijd meldde hij zich eind januari 1939 bij de Vrijzinnig Democratische Jongerenorganisatie, een kweekvijver voor sociaal-democratische politici. Maar na de oorlog koos hij voor de liberale jongerenorganisatie JOVD en de VVD.

'Een nog wat aarzelende politieke keus', schreef hij over de keus voor de VVD in zijn memoires Dwars over het Binnenhof (1990). 'Eigenlijk was ik op zoek naar een partij die niet bestond.' Zowel de PvdA als de VVD had trekken die Roethof tegenstonden. De sociaal-democraten verweet hij een 'PvdA-achtige betweterigheid, die de partij te lang heeft gekenmerkt'. Maar bij de VVD miste hij de sociale bewogenheid.

Begin jaren vijftig werd hij voorzitter van de JOVD, een taak die hij moeiteloos combineerde met zijn functie als politiek redacteur voor de NRC. Roethof maakte zich bij de VVD-top niet bemind. Die vond dat de JOVD-voorzitter te zwaar tilde aan de sociale kwestie.

Andersom verweet Roethof de VVD-top dat de partij 'te veel een bolwerk werd van anti-socialistische ressentimenten, meer dan een behoedster en verdedigster van humanitaire waarden'.

In 1962 was Roethof één van de oprichters van het Liberaal Democratisch Centrum, een lobbyclub van VVD'ers die ijverden voor een vooruitstrevende VVD en die Henk Korthals wilden als opvolger van partijleider Oud. Maar Oud koos in 1963 voor Toxopeus.

De LDC overwoog de Liberale Volkspartij op te richten, maar verkoos uiteindelijk de liberale luis in de VVD-pels te blijven. Roethof stapte daarop, vermoeid van wat hij 'de lange mars door de VVD-instituties' noemde, uit de partij en werd een jaar later lid van de PvdA.

Zijn afscheid van de VVD en de publiciteit daar omheen waren de toenmalige hoofdredacteur van de NRC niet welgevallig. Daarom solliciteerde Roethof - die Indisch recht had gestudeerd, in 1951 promoveerde op het zelfbeschikkingsrecht en na de oorlog Indisch ambtenaar was - bij minister Luns van Buitenlandse Zaken.

De overstap, in 1964, was groot. De eerste dagen op het ministerie plaagde hem de vraag: 'Wat doet een ambtenaar van Buitenlandse Zaken, belast met technische hulp aan ontwikkelingslanden?' Hij worstelde met de positie van een ambtenaar in de hiërarchie en met de parafencultuur, maakte ook eens de fout een notitie eigenhandig aan alle adressanten te verstrekken in plaats van deze de trage weg omhoog, de piramide in, te laten maken.

En ook in deze nieuwe werkkring werden Roethofs politieke activiteiten niet op prijs gesteld. Hij raakte in conflict met minister van Ontwikkelingssamenwerking Udink (CHU) over de principevraag of ambtenaren vrijheid van meningsuiting hebben. Udink vond van niet, eiste voorinzage in Roethofs artikelen voor PvdA-bladen en stelde circulaires op die ambtenaren in het algemeen politiek de mond moesten snoeren. Roethof zou er later, als PvdA-kamerlid, voor zorgen dat deze circulaires werden ingetrokken.

In november 1969 kwam Roethof in de Tweede Kamer als opvolger van een tussentijds vertrekkend PvdA-kamerlid. In de twee perioden die Roethof in de Kamer zat (1969-'82 en 1986-'89) ontpopte hij zich tot een rationele, rechtlijnige en daardoor niet overmatig populaire politicus. Een 'non-politicus', zouden velen later oordelen.

Toch had hij meer politiek gevoel dan vele anderen in de PvdA. Als woordvoerder Justitie onder het kabinet-Den Uyl/Van Agt, kruiste zijn pad jarenlang dat van KVP-voorman en minister van Justitie Van Agt. Als er iemand in de PvdA-fractie recht had op revanchistische gevoelens jegens coalitiegenoot Van Agt, dan was het Roethof wel.

Alleen al om zijn roomsheid en emotionaliteit was Van Agt zijn tegenpool. En in het debat over legalisering van abortus, een initiatief van Roethof dat uiteindelijk - door toedoen van de VVD-fractie - in de Eerste Kamer zou sneven, kwamen zij lijnrecht tegenover elkaar te staan.

Tekenend voor de kilte tussen Van Agt en de PvdA-fractie was Van Agts antwoord op kritiek van Roethof, omdat de minister buiten premier Den Uyl om zijn staatssecretaris Glastra van Loon (D66) had ontslagen. Van Agt: 'De heer Roethof is als een nachtvorst in het voorjaar, die schade doet aan de bloemen van genegenheid, die bloeiden in mijn politieke tuin. De fractievoorzitter van de PvdA heeft nadien geen verkwikkende zon doen schijnen. Het is dor in mijn hof, maar ik blijf wel tuinieren.'

Desondanks behoorde Roethof in februari 1977, toen het kabinet-Den Uyl op zijn laatste benen liep, niet tot de vele PvdA-kamerleden die Van Agt een lesje wilden leren. Van Agts onbeholpen optreden in de zaak rond oorlogsmisdadiger Menten gaf hen die kans.

In het debat dat de fractie hierover aanvroeg, hield PvdA-kamerlid Kosto Van Agt voor: 'Er is twijfel gerezen aan de bekwaamheid van de minister dit departement te leiden.' Maar de PvdA-fractie diende na deze harde taal géén motie van afkeuring in.

Van Agt repliceerde daarom: 'Als halfhartigheid behoort tot de regels van ware politiek, dan is mijn aversie tegen de politiek vandaag bevestigd.' Roethof schreef in zijn memoires: 'Voor onze fractie was het een kostbare vorm van afrekening geweest, op het verkeerde moment, in verkeerde valuta, voor het verkeerde bedrag. Hoe kostbaar zou snel blijken.' Binnen een maand viel het kabinet-Den Uyl en een nieuwe coalitie met het CDA zou, ondanks maandenlang onderhandelen met Van Agt, onmogelijk blijken.

Roethof bewonderde PvdA-leider Den Uyl, met wie hij lang samenwerkte. Maar tot een goede verhouding kwam het niet. 'Karakterologisch harmonieerden wij niet', aldus Roethof in een interview. 'Men communiceert met Den Uyl als een slak met een kanarie. Als de slak wil gaan antwoorden, zit de kanarie al weer te kwinkeleren op een andere tak.'

Milja de Zwart

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden