Nieuws Rechtszaken

Rechter veroordeelt ruiteningooier Joods restaurant tot zes weken cel en verplichte behandeling

De Syrische vluchteling die eind vorig jaar de ruiten ingooide bij een Joods restaurant in Amsterdam, is daarvoor zwaarder bestraft dan standaard is. Volgens de rechter was de actie bewust gericht tegen de Joodse identiteit.

Eigenaar Daniel Bar-On (r) en zijn vader Sami staan in maart voor het Israëlische restaurant HaCarmel na de derde belaging in korte tijd. Foto ANP

‘Dit is geen standaardgeval, dus een standaardstraf volstaat niet’, zegt de rechter in de rechtbank Amsterdam tijdens het voorlezen van het vonnis in de zaak tegen de 29-jarige Syrische Palestijn Saleh A.

De vluchteling sloeg eind vorig jaar de ruiten in bij het Joodse restaurant HaCarmel onder het roepen van ‘Allahu akbar’ en stal een Israëlische vlag, die hij in brand wilde steken. Hij was boos over de beslissing van president Trump om de ambassade in Israël naar Jeruzalem te verplaatsen. Bij het zien van de Israëlische vlag in het restaurant in Amsterdam-Zuid sloegen de stoppen door.

Direct na het incident regende het steunbetuigingen uit het hele land en ook de politiek roerde zich. Kamerleden van de ChristenUnie en VVD, en medewerkers van de SGP gingen samen eten bij HaCarmel om de restauranthouders een hart onder de riem te steken. Premier Rutte noemde tijdens zijn wekelijkse persconferentie de daad ‘volstrekt onacceptabel’.

Na de aanval laaide de discussie op of hier sprake was van terrorisme, antisemitisme of een verward persoon. A. bekende zijn daden direct, maar stelde dat er geen sprake was van terrorisme of antisemitisme. Ook in de rechtbank herhaalt hij woensdag dat hij niets tegen Joden heeft, maar wel tegen de staat Israël en het Israëlische leger. Uit de verhoren, huiszoeking en inbeslagname van computermateriaal kwamen geen aanwijzingen naar voren die wezen op een terroristisch motief.

Artikel 12-procedure

Het Openbaar Ministerie legde A. al eerder vernieling en diefstal ten laste, maar advocaat Herman Loonstein van de restauranthouders was het hier niet mee eens. Via een artikel 12-procedure probeerde hij een vervolging met terroristisch oogmerk, een strafverzwarende omstandigheid, af te dwingen. Volgens het gerechtshof bleek echter onvoldoende dat A. de Nederlandse bevolking ernstige vrees had willen aanjagen.

De inhoudelijke behandeling van de zaak zou al op 20 december plaatsvinden, maar A. maakte toen zo’n verwarde indruk dat de rechtbank nader psychiatrisch en psychologisch onderzoek gelastte. Uit die rapporten, bleek woensdag, rijst het beeld op van een getroebleerde man met een breed scala aan problemen. Zo is een posttraumatische stressstoornis vastgesteld en is A. ook licht verstandelijke beperkt. Ook rookte hij te veel wiet, waardoor hij prikkelbaar en impulsief kan reageren.

Daar bovenop komt een flinke portie persoonlijk leed. A. groeide op in het Palestijnse vluchtelingenkamp Yarmouk in Syrië en heeft zelf gevochten om aanvallen van IS en Al Nusra af te slaan. Zijn vader en broer kwamen om tijdens de Syrische burgeroorlog, in Nederland overleed zijn dochtertje van 4 maanden en scheidde hij van zijn vrouw. Met haar voert hij nu strijd over de omgangsregeling voor hun zoon. Ook zijn obsessie met het conflict tussen Israël en Palestina werd genoemd.

Het OM houdt rekening met een discriminatoir aspect, waardoor de strafeis hoger uitvalt. De verdachte koos volgens de officier van justitie bewust een restaurant met een onmiskenbaar Joodse identiteit. De rechter gaat hierin mee. ‘U heeft met uw actie heel veel mensen bang gemaakt en grote onrust veroorzaakt. Het moet voor iedereen volkomen duidelijk zijn dat dit niet wordt geaccepteerd.’

Teleurgesteld 

Een geldboete, de normale straf bij verdachten die voor het eerst een diefstal of vernieling plegen, of een werkstraf bij de wat zwaardere gevallen volstaat daarom niet, vindt de rechter. A. krijgt zes weken onvoorwaardelijke celstraf, die hij niet meer hoeft uit te zitten omdat hij al 52 dagen in voorlopige hechtenis heeft gezeten. Ook moet A. zich verplicht laten behandelen, krijgt hij een locatieverbod voor een straal van 100 meter om het restaurant en moet hij een schadevergoeding betalen.

Advocaat Loonstein vindt het vonnis teleurstellend. ‘Het is een onsje meer dan voor een gewone diefstal en wat hij allemaal heeft gedaan is wel meer dan een onsje.’ Willem van Vliet, advocaat van de verdachte, haalt uit naar ‘stemmingmakerij in de media’, waarin A. volgens hem als ‘keiharde terrorist’ was afgeschilderd. Vanwege onlinepublicaties zou dit imago altijd aan hem blijven kleven, betoogt de advocaat.

A. zelf, die tijdens de zitting nogmaals spijt betuigde, richt zich in zijn laatste woord via zijn tolk tot de restauranthouders. ‘Jullie hoeven van mij niets te vrezen. Ik ga niks meer doen.’

Meer over