Rechter: proces tegen Wilders om 'minder minder'-uitspraak gaat door

De strafzaak tegen PVV-voorman Geert Wilders gaat gewoon door en begint op maandag 31 oktober. Dat heeft de rechtbank in Den Haag vandaag besloten. De poging van de advocaat van Wilders, Geert-Jan Knoops, om het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk te laten verklaren is daarmee mislukt.

Geert Wilders en zijn advocaat Geert-Jan Knoops.Beeld anp

Knoops had eind september in een uitvoerig betoog uiteengezet waarom strafvervolging over de 'minder-minder'-uitspraken niet zou kunnen. In de kern omdat de rechtbank dan een politiek oordeel zou gaan vellen over de PVV, het verkiezingsprogramma en haar kiezers. En dat zou een gevaarlijke ontwikkeling zijn, zo betoogde Knoops. Ook vond hij dat andere politici vergelijkbare opmerkingen hadden gemaakt en dat dus sprake is van willekeur.

De rechtbank gaat daar niet in mee. Hoewel aan de zaak 'politieke aspecten kleven' meent de rechtbank dat het uiteindelijk aan de rechter is te oordelen waar de grens ligt. Daarmee wordt geen oordeel gegeven over 'het soort democratie dat Nederland zal moeten hebben', maar enkel over de discriminatoire aard van de opmerkingen. De rechtbank vindt evenmin dat ze door het proces een oordeel gaat geven over het beleid van de PVV en ook niet dat de politieke vrijheid van Wilders wordt ingeperkt. Dat andere politici vergelijkbare opmerkingen zouden hebben gemaakt, veegt de rechtbank van tafel. De omstandigheden waarin die dat deden en de uitlatingen zijn onvergelijkbaar. Het proces kan dus gewoon doorgaan en zal over ruim twee weken beginnen in de extra beveiligde rechtbank nabij Schiphol.

Met deze beslissing gaat de vervolging definitief door. Wel kan de verdediging de rechtbank nog wraken, wat in het vorige proces tegen Wilders ook is gebeurd. De verdediging heeft tot nu toe meerdere mogelijkheden aangegrepen om het proces te vertragen.

De kaarten liggen nu anders voor Wilders

Het was echt niet de bedoeling om er een circus van te maken, bezwoer advocaat Geert-Jan Knoops. Lees hier het verslag uit de rechtbankzaal.

Wat valt er van een nieuw proces te verwachten? En wat betekent het voor de PVV? (+)

6400 aangiften

Het Openbaar Ministerie ging in december 2014 over tot vervolging van Wilders op verdenking van belediging van een groep mensen op grond van ras en aanzetten tot discriminatie en haat. Dit vanwege zijn uitlatingen over Marokkanen op 12 en 19 maart 2014 in Den Haag. Naar aanleiding daarvan kwamen ruim 6400 aangiften binnen. Uiteindelijk bleven 61 partijen over - 56 personen en 5 organisaties.

De rechtbank verklaarde de vorderingen van 18 benadeelde partijen vandaag niet-ontvankelijk. Die partijen eisen bijvoorbeeld smartengeld of een rectificatie van de uitspraken van Wilders. Een groot deel (35 personen) wordt niet bijgestaan door een advocaat. Opvallend is dat de rechtbank zegt dat 'gelet op de aard van de verdenking toewijzing van verzoeken tot immateriële schade' niet voor de hand ligt. Daarmee lijkt de rechtbank al vooruit te lopen op een afwijzing van de vorderingen.

Personen die vragen om een vergoeding van meer dan 500 euro zijn niet-ontvankelijk verklaard. Zij zullen geen deel meer uitmaken van het proces. Eén persoon had 473,784 euro smartengeld gevraagd.
De rechtbank trekt in totaal drie weken uit voor het proces.

Geert Wilders.Beeld anp
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden