Analyse fipronilcrisis

Rechter onverbiddelijk: Eierboer is zelf verantwoordelijk voor fipronilcrisis

Kippenboeren probeerden de schade van de fipronilaffaire te verhalen bij de Voedsel- en Warenautoriteit. Tevergeefs, bleek woensdag: overheidsfalen ontslaat ondernemers niet van hun eigen verantwoordelijkheid.

Pluimveebedrijf in Homoet. De kippenboer verloor een kleine 4 ton tijdens fipronilcrisis. Beeld Arie Kievit

De overheid kan nog zoveel toezicht houden, burgers zijn en blijven zelf verantwoordelijk voor hun doen en laten. Bedrijven ook trouwens. Dat geldt in het bijzonder voor bedrijven die voedsel produceren. Voor hen is dat zelfs in Europese en Nederlandse regels vastgelegd. Als een producent vermoedt dat zijn product niet goed is, moet hij dat zelf uit de handel halen en bij de autoriteiten melden.

Alleen al daarom hebben pluimveehouders die eieren produceren geen poot om op te staan als zij de staat aansprakelijk stellen voor geleden schade door de fipronilcrisis. Dat bleek woensdag uit de uitspraak van de rechtbank in Den Haag in een zaak die 124 pluimveehouders en hun belangenclub LTO Nederland tegen de  NVWA (Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit) hadden aangespannen.

Bloedluis

Zij menen dat de overheid onrechtmatig heeft gehandeld door hen niet te waarschuwen. De NVWA kreeg eind 2016 de eerste signalen dat het verboden bestrijdingsmiddel fipronil in kippenstallen werd gebruikt tegen de besmettelijke ziekte bloedluis. Pas in de zomer van 2017 greep de NVWA in, nadat door de zusterorganisatie in België fipronil in eieren was gevonden. Een gif dat daar helemaal niet in thuishoort, ook niet in minimale, relatief onschadelijke hoeveelheden.

Het verboden middel fipronil bleek te zijn gebruikt door het bedrijf Chickfriend bij de bestrijding van bloedluis. De rechter beschrijft het probleem bondig: Bloedluis is een mijt die het bloed uit kippen zuigt, wat kan leiden tot bloedarmoede, verminderde eierproductie en verhoogde vatbaarheid voor ziekten. De mijten nestelen zich vooral op de kippen zelf en in de kieren van stallen. ‘In Nederland is ongeveer 94 procent van de leghennen besmet met bloedluis. Bloedluis is niet eenvoudig te bestrijden. Met de bestaande behandelmethoden is het nog niet gelukt de mijten definitief uit stallen te verwijderen.’

Na de melding uit België ging de bal rollen. Daarop volgde de zogenoemde fipronilcrisis. De NVWA sloot 808 kippenstallen bij 363 bedrijven omdat daar fipronil was aangetroffen. Miljoenen eieren zijn vernietigd, tienduizenden kippen afgemaakt. Volgens de NVWA zijn nu 780 stallen bij 327 bedrijven vrijgegeven. Zij mogen weer kippen houden en eieren produceren, maar 13 stallen bij 6 bedrijven zijn nog ‘geblokkeerd’. De totale schade wordt geraamd op 75 miljoen euro.

Wondermiddel

Fipronil was de zomeraffaire van 2017 met als hamvraag: hoe kon dit gebeuren? Alle pijlen richtten zich op de NVWA en de verantwoordelijke bewindslieden, de minister van Volksgezondheid en de staatssecretaris van Landbouw. Terecht, zo bleek uit onderzoeken. Een rapport van oud-minister van Justitie Winnie Sorgdrager fileerde de werkwijze van de voedselwaakhond. De Onderzoeksraad voor Veiligheid deed het dunnetjes over: de voedselautoriteit was weinig alert en opereerde onhandig, er had eerder ingegrepen kunnen en eigenlijk moeten worden.

Maar dat ontslaat burgers en bedrijven niet van hun eigen verantwoordelijkheid, stelt de rechter nu vast. De pluimveehouders kenden bloedluis al jaren als een lastig te bestrijden plaag. Dat een bedrijf, Chickfriend, zonder grootse publiciteit over een doorbraak in de bestrijding plots een wondermiddel bleek te hebben, was te mooi om waar te zijn.

De pluimveehouders hadden daarom zelf moeten controleren welk spul Chickfriend gebruikte. Want zij zijn verantwoordelijk voor hun kippen en hun eierproductie. Dat op de etiketten van het spul dat Chickfriend gebruikte, niets raars stond, ‘had te denken moeten geven’. Bovendien, schrijft de rechter in zijn uitspraak, mag ook van de pluimveehouders worden verlangd dat zij waren nagegaan of Chickfriend ‘gecertificeerd was om bestrijdingsmiddelen te gebruiken’. Dat was het bedrijf niet. Conclusie van de rechter: ‘Waar zij zelf hebben nagelaten het gebruikte middel na te trekken, kunnen zij de Staat niet tegenwerpen dat hij hen niet heeft gewaarschuwd.’

De boeren zijn zeer teleurgesteld. Zij hebben enorme schade geleden, sommigen sloten noodgedwongen hun bedrijf. Misschien gaan ze in beroep tegen de uitspraak. In ieder geval volgt nog een strafzaak tegen de uitbaters van Chickfriend door wie de boeren zo belazerd zijn.

De NVWA hoefde pluimveehouders niet te waarschuwen toen het de eerste berichten kreeg over het gebruik van fipronil in kippenstallen, oordeelde de rechtbank in Den Haag.

De rechterlijke uitspraak dat voedsel- en warenautoriteit NVWA ‘niet onrechtmatig’ heeft gehandeld in de fipronilcrisis, raakt kippenboeren in het hart. ‘Dit schaadt ons vertrouwen in de overheid. Wij voelen ons in de kou gezet’, reageert de biologische pluimveehouder Martijn van Veldhuizen.

Paniek onder consumenten, miljoenen eieren vernietigd, honderden bedrijven op slot: de fipronilcrisis van 2017 bracht een hele sector in verlegenheid. Hoe kon het zo mis gaan? De belangrijkste conclusie van de onderzoekscommissie-Sorgdrager: alle betrokkenen reageerden niet, te laat of ongecoördineerd.

In juli 2017 kwam het nieuws naar buiten dat in Nederlandse eieren het verboden middel fipronil was gevonden. Al heel snel werd de link gelegd naar Chickfriend, een bestrijdingsbedrijfje uit Barneveld. Foute boel, dacht pluimveehouder Harold Maassen (52) uit het Gelderse Homoet meteen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden