Recensies

Deze bijna lieflijke Nero zou je graag af en toe even over zijn bol aaien.

Toneel: Nero

Kan een monster ontroeren? Jazeker; vaak is dat een van de redenen waarom hij juist zo griezelig is. Voordat je het in de gaten hebt, vergeet je het nog. Zo gaf Bruno Ganz Hitler in de film Der Untergang een vleug van menselijkheid. En nu is er Wim Opbrouck als Nero, die je af en toe wel even over zijn bol zou willen aaien. Om je vervolgens te realiseren dat je er weer bijna bent ingetrapt. Toch?


Dat heeft er zeker mee te maken dat de Vlaamse schrijver Peter Verhelst zijn verhaal van Nero begint bij de bizarre kindertijd van de keizer. Maar ook in zijn regie wil Verhelst zo'n veelkleurig beeld van Nero scheppen, dat je voortdurend aan het denken zet. De eenzame jongen in het begin is ontroerend en poëtisch in zijn woordkeus. Gaandeweg gebeuren er vreselijke dingen door zijn toedoen, maar die worden nooit breed uitgemeten. Ergens blijft Nero dat jochie.


Heel gevaarlijk. De voorstelling is nummer drie in een reeks die Verhelst schrijft en regisseert bij NTGent.


Nero lijkt daarmee vergeleken bijna lieflijk. Het kind, ontvankelijk en onzeker, praat met een zekere verwondering over wat hij al niet aan afstotelijks aan het hof van zijn ouders ziet gebeuren. En dan heel geleidelijk word je met hem een zekere waanzin ingetrokken.


Van zijn wandaden doet hij zelf vaak kond, meestal terloops, met zachte stem, en een bijzondere woordkeus. Hij spreekt van poëzie, van muziek, schoonheid. Van het belang van architectuur. Van dromen. Zo krijgt de omstreden historische figuur die Nero (37 - 68) is, zijn gelaagdheid.


Opbrouck, doet dat mooi, hij fluistert en verleidt en weet te doseren. Voorop het toneel als jochie, tegen het achterdoek als machthebber, met de stad Rome (een mooi maquettedecor) letterlijk aan zijn voeten. Verhelst en Opbrouck maken er dan bijna een choreografie van, met houdingen die verwijzen naar keizerlijke poses, en de manier waarop de keizer zich vermetel verplaatst tussen de gebouwen tot en met de sierlijke, beheerste en trefzekere wijze waarop Nero alles vernietigt.


Aan het eind is zo ongeveer alleen zijn voedster (Johanna Lesage) gespaard gebleven, maar zijn doodsangst verlichten kan ook zij niet. Met een soort masochistisch en ook enigszins plat genot herdenkt hij zijn moeder, vermoorde moordenares. Even ga je voor de zoveelste keer mee met zijn muziek. Opgepast. Nero is in al zijn onberekenbaarheid zeker zo gevaarlijk als voorgangers Julius en Brutus.


Musical: Maria

Ze dacht dat het in het verzorgingstehuis voor artiesten wel gezellig zou worden, maar Rijk en Adèle willen alleen maar televisie kijken. Gelukkig krijgt het leven van Maria Stuart toch nog wat kleur als zij een Oeuvre Award ontvangt voor haar indrukwekkende musical-loopbaan van vijftig jaar. Ondertussen wroet een journalist van een veelgelezen ranzig ochtendblad voor een groot artikel hinderlijk in haar verleden. Hij is vooral op zoek naar het antwoord op de vraag waarom de try out-serie van West Side Story zo abrupt is geëindigd na die mysterieuze voorstelling in Winschoten.


In opdracht van M-Lab, het succesvolle off-Amstel musicaltheater, waar de komende weken wordt gevierd dat vijftig jaar geleden de musical in Nederland wortel heeft geschoten (met My Fair Lady) heeft Daniël Cohen een musicalmix gemaakt, waarin alle vijf decennia vertegenwoordigd zijn. Met een vleugje Sunset Boulevard kijken we met de diva Maria terug op haar loopbaan. Als schuchter Limburgs zangeresje wordt zij ontgroend door Wim Sonneveld in My Fair Lady om daarna uit te groeien tot de ster van de Nederlandse musical.


Cohen heeft een intelligent en geestig script afgeleverd met veel relativerende opmerkingen over het musicalvak en onder-ons-grapjes. Zo zien we Bill van Dijk, eventjes als Bill van Dijk heftig met het hoofd schudden als een jonge acteur zich afvraagt of het mogelijk is voor een Nederlander om een hoofdrol te spelen op Broadway. Maar het verhaal is prima te volgen en te waarderen door mensen die niet de bagage van vijftig jaar (Nederlandse) musicalgeschiedenis met zich meedragen.


De kracht van veel M-Lab producties (en ook deze) is dat de kwaliteit van tekst en muziek voorop staat en niet de verpakking. In zo'n kale setting vallen mindere artiesten genadeloos door de mand. Het kwartet van Maria staat als een huis. Brigitte Heitzer laat (als jonge Maria) een zalige lentefrisheid zien, waarmee ze zowel lieflijke als erotisch spannende stukken aankan, terwijl Jamai Loman (als haar Limburgse jeugdliefde en podiumpartner) ingetogen én explosief humoristisch is.


De ervaring van meerdere decennia ligt bij Carolina Mout en vooral bij Bill van Dijk, die zich als een eerste klas kameleon in uiteenlopende rollen wurmt en een vocale topprestatie levert.


Het slot is misschien iets te slap- stickachtig, maar dat kan het genot van twee uur nauwelijks onderdrukken.


Toneel: Daydream House/ Finland

Ze woont in een glazen huis, dat staat in een oude loods tegenover station Utrecht Zuilen. Hier laat theatermaakster Sanja Mitrovic¿ zien wat gastvrijheid op de vierkante meter is. In haar voorstelling Daydream House neemt ze haar publiek mee naar binnen, zet koffie, kookt soep en vertelt verhalen over mensen die hun huis moesten verlaten.


De performance is onderdeel van het Festival aan de Werf dat deze week in Utrecht plaatsvindt. Een groot deel van de programmering van het festival begeeft zich, zoals altijd, op de grens van theater en beeldende kunst.


Het glazen huis van Mitrovic¿ is ontworpen door architect Laurent Liefooghe. Er is een keuken, Mitrovic¿ kan een douche nemen en er staat een bed. En hoe kil, klein en doorzichtig het ook is, na een tijdje lijkt het echt alsof ze hier al jaren bivakkeert. Zo gemakkelijk manoeuvreert ze door de overvolle ruimte.


De woon-performance probeert iets zeggen over de verraderlijke vanzelfsprekendheid van een huis. Mitrovic¿ vertelt een anekdote over een Amerikaanse vrouw die haar hypotheek niet meer kon betalen. Ze parafraseert ook fragmenten uit Tsjechovs Kersentuin.


Het blijken omtrekkende bewegingen. De aap komt uit de mouw als ze een herinnering ophaalt aan een huisfeest met vrienden in Belgrado, waar de theatermaakster zelf vandaan komt. Kort daarna vluchtte iedereen naar veiligere thuishavens. Dan pas wordt Daydream House persoonlijk.


Oorlog is dit jaar een thema van dit Festival aan de Werf. Ook bij Giselle Vegter. Nog zo'n theatermaakster die tot op het bot geëngageerd is. Over haar reis naar het herstellende Bosnië-Herzegovina liet ze door Gerardjan Rijnders een toneeltekst schrijven. Deze voorstelling Finland regisseerde ze vervolgens zelf. Het speelt nu in een oude fabrieksloods in het centrum van Utrecht.


Daar zien we een gebroken Bosnische familie in de weer met lappen. Een Nederlandse vrouw, gespeeld door Marije Idema, besluipt hen met een digitale camera en duizend vragen over het oorlogsverleden. Moeizaam komt er een gesprek op gang.


Finland is een aardige docu-performance, ondanks de krakkemikkige regie. Acteurs lopen ontredderd tussen tafeltjes en banken. Er is een koortje dat mooi galmende liederen zingt. Maar ook dat voegt niets toe.


Nee, de attractie is de tekst. Rijnders weet er, ondanks een onderwerp als genocide, de nodige relativeringen in te verwerken. Ook wemelt het van de verwijzingen naar Shakespeares Hamlet, naar gekte in oorlogstijd.


Ronduit vinnig is een scène waarin de Nederlandse vrouw aan de zoon het gruwelijkste toneelstuk dat ze ooit zag beschrijft: Blasted van Sarah Kane. De jongen lacht minzaam en zegt: 'Maar dat was niet echt.'


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden