Recensies

Een mooi geconstrueerde maar niet al te zware tragikomedie. Suburbia speelt zorgvuldig, maar ook een beetje braaf en traag.

OPERA / The cricket recovers * * * *

Richard Ayres: The cricket recovers. VocaalLAB Nederland, Asko|Schönberg o.l.v. Etienne Siebens. Regie Pierre Audi. Amsterdam, Compagnietheater, 19/6. Nog te zien op 22/6.

Pas in de loop van de uitvoering groeit het vermoeden dat het bijzondere van de voorstelling zich onder de oppervlakte van het verhaal en de muziek bevindt.


Een keukentje, een pot thee, een bed en een boom die is getekend door een patiënt van Freud. Bloemetjesbehang suggereert de vrije natuur, de plek waar de krekel zijn huisje heeft. Het decor van The cricket recovers, de eerste opera van Richard Ayres, past in een verhuisbusje voor een kleine studentenkamer.


Met die summiere middelen heeft de regisseur Pierre Audi zijn nieuwe enscenering aangepast aan de pretentieloze composities van Ayres, maar ook aan de onnadrukkelijke sfeer in de korte dierenverhalen van Toon Tellegen waarop Ayres zijn opera heeft gebaseerd.


Daarin krijgen dieren menselijke trekjes. Ze voeren gesprekken met elkaar en vieren hun verjaardag maar ze beleven geen grote avonturen. Ze tjirpen, grommen en trompetteren als echte krekels, leeuwen en olifanten, maar een leeuw is niet moedig en een uil hoeft geen groot denker te zijn.


In The cricket recovers voelt een krekel zich triest, probeert een olifant in een boom te klimmen en is het uiteindelijk een mier die met het melancholieke gevoel van de krekel blijft zitten. Meer gebeurt er niet. Bijrollen zijn er voor een hyperactieve woelmuis, een blije eekhoorn en een irritant opdringerige galworm, die zich geen van alle ontwikkelen. Er is een aanzet tot een verhaal als de krekel (virtuoos gezongen door Bauwien van der Meer) haar verjaardag niet wil vieren en een 'kleine trieste taart' heeft gebakken voor wie desondanks langskomt.


Maar met die aanzet houdt het op. De olifant (Arnout Lems) is haar manische tegenhanger. Met knieën die zijn geschaafd van het vallen uit de boom realiseert hij zich aan het einde van de avond dat het beter is zich voor te stellen dat hij in bomen klimt dan het daadwerkelijk te proberen.


In de muziek van Richard Ayres (Camelford, Cornwall, 1965) gaat het er al even onnadrukkelijk aan toe. Met onaanzienlijke drieklankfiguurtjes herinnert hij aan Mauricio Kagel en soms aan Strauss, Purcell en Janácek. Pas in de loop van de uitvoering groeit het vermoeden dat het bijzondere van de voorstelling zich onder de oppervlakte van het verhaal en de muziek bevindt. Als je na een uur en een kwartier weer op straat staat, ben je aan het denken gezet. Niet alleen over de voorstelling zelf maar ook over een groot thema als de condition humaine. In dat contrapunt tussen licht en zwaar ligt de kracht van Ayres' opera.


Bela Luttmer


----------------


THEATER / Oom Wanja * * *

Oom Wanja van Tsjechov door Theatergroep Suburbia, regie Albert Lubbers. In Stadslandgoed De Kemphaan Almere t/m 23 juli; van 23 augustus t/m 3 september in Zeeland Nazomerfestival.

Een rustieke en tikkeltje boerse Oom Wanja. Dat is wat theatergroep Suburbia en regisseur Albert Lubbers voor ogen moet hebben gestaan. Tsjechovs stuk als een melancholische pastorale, gespeeld in een (overigens gloednieuwe) boerenschuur op het landgoed De Kemphaan bij Almere. Landelijk is deze Oom Wanja zeker. Personages komen aangereden op een tractor, het decor bestaat uit een opeenstapeling van landbouwkisten en bij sommige spelers zit het hooi nog in het haar. Voor de jaarlijkse zomervoorstelling van Suburbia is Oom Wanja, kortom, zeer geschikt. Wanja is de hardwerkende somberman die wordt geconfronteerd met de komst van de oude professor, tevens zijn zwager, en diens wereldse, veel jongere vrouw Jelena die de mannenharten op hol brengt. Vaste huisgast is dokter Astrov, die op zijn beurt weer over charmes bezit waarvoor Sonja, Wanja's jonge en behulpzame nichtje, niet ongevoelig is. Iedereen gaat intussen uiterst voorzichtig met zijn romantische gevoelens om.


Geldproblemen, de mogelijke verkoop van de hoeve, een verlangen naar andere oorden - het is allemaal aanwezig in deze mooi geconstrueerde maar niet al te zware tragikomedie. Door Suburbia zorgvuldig, maar ook een beetje braaf en traag gespeeld. Zo is de scène waarin de oude professor wordt gewassen wel erg uitgerekt en verstild - verveling tonen is nog iets anders dan vervelend zijn.


In deze productie is Jelena eigenlijk het belangrijkste personage. Gespeeld door actrice Angelique de Bruijne die in het programmaboekje laat optekenen: 'Een half uur voor aanvang van de voorstelling leg ik nog even de finishing touch aan mijn make-up'. Nou, dat is te zien en het heeft effect - De Bruijne is van meet af aan en hooggehakt de femme fatale. Aanvankelijk iets te ijdel allemaal, maar uiteindelijk bouwt ze haar rol geloofwaardig op.


Wim van der Grijn is een wel erg vitale professor en Mathias Sercu een bijna koddige dokter Astrov, geheel passend in het wat boerse concept. De jonge Sonja krijgt van Jessica Zeylmaker een nogal aardse interpretatie en niet die van een somber muurbloempje. Dat werkt grotendeels goed, maar helaas gaat haar prachtige en weemoedige slotmonoloog aan een opzegtoontje ten onder.


Wim Danckaert tenslotte is een prachtige Wanja, in wezen het meest onsympathieke personage. Stuurs, bot, chagrijnig, af en toe opvliegend en tenslotte geheel in zichzelf gekeerd - Danckaert laat het allemaal zien.


Oom Wanja verkast aan het eind van de zomer naar het Zeeland Nazomerfestival om neer te strijken in een boerderij nabij Goes. Hij zal er zich prima thuis voelen.


Hein Janssen


----------------


THEATER / Oerol

Diverse voorstellingen. Op Terschelling t/m 26 juni. oerol.nl

In Hiroshima mon amour ontmoet een knappe Franse actrice (Johanna ter Steege) in Hiroshima een Japanse man. De vonk springt vliegensvlug over.


Ieder jaar gonzen er wel een paar titels van voorstellingen over het eiland. Op Oerol vragen bezoekers elkaar overal om tips: op de camping, in de wachtrijen, tijdens complexe fietsopstoppingen. Op deze dertigste editie van het theaterfestival valt in die spontane gesprekjes vaak de titel Hiroshima mon amour.


Het succes van deze monoloog in een manege ligt voor de hand. Regisseur Karina Kroft heeft een degelijke toneelbewerking gemaakt van de film uit 1959 van Alain Resnais. Marguerite Duras schreef het scenario. Het is een klassieke liefdesgeschiedenis, die zich afspeelt tegen het decor van de Tweede Wereldoorlog. Liefde in tijden van atoombommen dus.


Een andere reden waarom Hiroshima mon amour Terschellingbreed over de tong gaat, is dat deze gespeeld wordt door Johanna ter Steege.


De knappe actrice speelt hier een knappe, Franse actrice die in Hiroshima een Japanse man ontmoet. De vonk springt vliegensvlug over. Er gebeurt het een en ander, waarschijnlijk hebben ze seks. Er klinkt feestelijke countrymuziek.


Maar de vrouw heeft een trauma, dat ze langzaam maar zeker onthult. Iets met een overleden man, een fout verleden en een kaalgeknipt hoofd.


Dat de geschiedenis niet helemaal helder over het voetlicht komt, is vooral te wijten aan de originele tekst, die ook nogal dromerig is. En aan de luid klapperende dakplaten van de manege, waarover een harde wind blaast.


Ter Steege is geen slechte actrice. Met gemak bespeelt ze de hele zandbak en de afgeladen tribune. Soms met een subtiele knipoog, soms door hysterisch emmers water in het rond te smijten. Knap gedaan en alles mooi binnen de lijntjes.


Een stuk ongrijpbaarder is Sweet Dreams * van Alexandra Broeder, een andere voorstelling waarover veel geruchten de ronde doen. In dit geval omdat de mysterieuze tekst in het programmaboekje alleen maar vragen oproept.


Het duurt van half elf 's avonds tot half zeven de volgende dag. Wie een kaartje koopt, moet eerst een telefoonnummer bellen. Een stem op een bandje vertelt dat warme slaapkleding dient te worden meegenomen en bij slecht weer een regenpak.


Sweet Dreams blijkt inderdaad een overnachting in een slaapzak in de open Terschellingse lucht te zijn. Hoewel de titel het best ironisch kan worden opgevat.


Iedere avond, bij zonsondergang, wacht een rij streng kijkende kinderen met maskers de ruim vijftig gelukkigen met een kaartje op. Ze blijken een soort strafkamp te leiden. Niemand verzet een voet, zegt een woord of kruipt in bed zonder de uitdrukkelijke toestemming van deze kinderleiding.


De rollen zijn voor een nacht omgedraaid. Er gebeuren onverklaarbare dingen in het bos. Geluiden die er helemaal niet thuishoren, galmen tussen de dennenbomen. En net als je denkt dat je de bizarre regels van Alexandra Broeders slaaptheater hebt doorgrond, word je ruw wakker gemaakt.


Te veel verklappen zou zonde zijn, want Sweet Dreams is bovenal een ongekende ervaring. Wie daar niet in meegaat, fietst naar huis met een slaaptekort en een wat magere boodschap over eenzaamheid. Maar dat is onwaarschijnlijk. Ingrijpender theater heeft Oerol niet te bieden.


* Sweet Dreams duurt van half elf 's avonds tot half zeven de volgende dag. Bezoekers moeten warme slaapkleding meenemen en bij slecht weer een regenpak.


Vincent Kouters


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden