Rebellen worden een bedreiging voor Mobutu

Het was een subtiele, maar belangrijke verschuiving in de berichtgeving over de oorlog in Oost-Zaïre. Eind vorige week spraken de persbureaus voor het eerst over de afstand van de belegerde stad Lubutu tot de hoofdstad Kinshasa (1250 kilometer)....

FRED DE VRIES

Van onze buitenlandredacteur

Fred de Vries

AMSTERDAM

Aan die veranderde perceptie was een imposante reeks van veroveringen door de rebellen voorafgegaan. Ze hebben nu in vier van de elf provincies steden in handen en rukken op naar Kisangani, Zaïres derde stad. 'We gaan Kisangani bevrijden', voorspelde rebellenaanvoerder Laurent Kabila.

De rebellie begon in oktober vorig jaar als een opstand van de Banyamulenge-Tutsi's in de oostelijke provincie Zuid-Kivu, die hun status als Zaïrees waren kwijtgeraakt en werden vervolgd. Die opstand kwam Rwanda en Uganda goed uit. Steun aan de Banyamulenge gaf beide regeringen de mogelijkheid af te rekenen met hun eigen rebellen, die vanuit Zaïre stelselmatig invallen deden. Beide landen zonden troepen de grens over, die samen met de Banyamulenge Noord- en Zuid-Kivu schoonveegden.

Maar iedereen die dacht dat de Zaïrese rebellen daarna hun posities in Noord- en Zuid-Kivu zouden consolideren, kwam bedrogen uit. De opstandelingen gaven zichzelf een naam, Democratische Alliantie voor de Bevrijding van Congo-Zaïre (AFDL), en toverden een leider te voorschijn: Laurent Kabila, een 58-jarige marxist die al vanaf 1964 strijd voert tegen het regime van Mobutu.

Kabila was in de loop der jaren een soort roverhoofdman in de jungle geworden, die zijn paar honderd manschappen wist te onderhouden dankzij goudsmokkel met Burundi. Maar ambitieus was hij nog wel en nu rook hij zijn kans. Kabila zou Mobutu tot aftreden dwingen, riep hij. Iedereen lachte over zoveel bravoure. De Zaïrese regering schilderde Kabila af als een 'marionet van Rwanda en Uganda'.

In de rest van Zaïre werd het AFDL beschouwd als een 'Rwandese invasiemacht'. De gevechten in het oosten leidden in Kinshasa tot een haast nostalgische golf van nationalisme, gevoed door anti-Tutsi en anti-Rwanda gevoelens. Mobutu leek het tij mee te hebben. Toen ook nog bekend werd dat een paar honderd buitenlandse huurlingen bereid waren aan regeringszijde mee te vechten, leek het terugdringen van de rebellen naar de heuvels en jungle van Kivu een peulenschil.

Inmiddels zijn de zaken danig veranderd. De rebellen bleken, zeer waarschijnlijk met militaire steun van Rwanda en Uganda, uitstekend georganiseerd en sterker dan gedacht. Het op 20 januari ingezette tegenoffensief van het regeringsleger is ondanks de hulp van de Europese huurlingen uitgelopen op een debâcle. Sindsdien rommelt het in het leger. En ook in Kinshasa neemt de onrust toe.

Wat ging er mis? Het Zaïrese leger blijkt, afgezien van een kleine elite-eenheid, absoluut niets voor te te stellen. Rovend, verkrachtend en plunderend slaan de niet-betaalde en ongemotiveerde militairen keer op keer op de vlucht en verspelen zij iedere goodwill onder de bevolking. Jonge Zaïrezen sluiten zich opgetogen bij de rebellen aan, zodat die hun imago van 'invasiemacht' snel van zich afschudden.

Als antwoord op de opmars der rebellen benoemde Mobutu in december een nieuwe chefstaf, die de discipline in het leger moest herstellen. Generaal Marc Mahele Lieko Bokungo, die in 1978 al eens met succes een opstand had onderdrukt, stond in hoog aanzien bij zijn manschappen en had ruime bevoegdheden weten los te peuteren bij Mobutu, waaronder controle over de elite-eenheid, de Speciale Presidentiële Divisie (DSP).

Maar op het cruciale moment, toen de rebellen de stad Bunia met haar belangrijke vliegveld belegerden, liet de DSP Mahele vallen. De generaal kreeg geen toegang tot het wapenarsenaal van de DSP. Bunia viel, en daarmee viel ook het plan in duigen om deze stad te gebruiken als een der speerpunten van het offensief van het regeringsleger.

De tweede misrekening van Mobutu was de nieuwe regering, die hij in december benoemde. De president maakte geen gebruik van de golf van nationalisme en de steun die zelfs de oppositie hem gaf.

De uiterst impopulaire premier Kengo wa Dondo mocht aanblijven, oppositieleiders als Etienne Tshisekedi en Kibassa Maliba bleven buiten spel. Met als gevolg dat de spanning in Kinshasa toenam en de stad maandag werd lamgelegd door een staking, uitgeroepen door de oppositie, die Kabila nu als 'een noodzakelijk kwaad' beschouwt om Mobutu weg te krijgen.

Intussen schuiven de rebellenlinies verder landinwaarts. En met iedere nieuwe verovering krijgt Zaïre er problemen bij. De inname van Shabunda en Amisi betekende dat bijna een half miljoen Hutu-vluchtelingen, van wie er tientallen per dag sterven door honger en ziekte, zonder hulp zitten sinds de VN-organisaties zich vorige week uit het gebied hebben teruggetrokken. De VN en de Europese Unie roepen luid dat er ingegrepen moet worden. Hoe weet niemand.

Daarnaast werd met de veroveringen van Bunia en Kalémie, en binnenkort wellicht Kindu, het economisch hart van Zaïre geraakt. De rebellen beheersen nu een belangrijke transportroute (via Kalémie) en rijke mijnbouwgebieden (Bunia en Kindu), waar talloze buitenlandse bedrijven concessies hebben.

Officieel mogen deze bedrijven alleen met de soevereine Zaïrese regering onderhandelen. Maar volgens ingewijden voert een aantal, waaronder het Noord-Amerikaanse Barrick, reeds onderhandelingen met Kabila. Gezien het feit dat Barrick onder anderen de Amerikaanse ex-president George Bush en de Canadese ex-premier Brian Mulroney als directeur heeft, kan het bijna niet anders dan dat de Amerikaanse regering toestemming heeft gegeven voor deze besprekingen, en daarmee impliciet de 'rebellenregering' in het gebied erkent.

De belangrijkste vraag is of Zaïre zal uiteenvallen. Deskundigen menen dat als Mobutu er niet in slaagt het land bij elkaar te houden, niemand dat zal kunnen. Provincies als Shaba en Kasaï zijn al zo goed als autonoom. De economie is totaal kapot. Alleen optimisten denken dat de algemene verkiezingen die voor dit jaar gepland staan nog een oplossing kunnen brengen.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden