Rebellen en regering Syrië gaan begin januari in gesprek

Ahrar Al-Sham, één van de belangrijkste en sterkste rebellengroeperingen in Syrië, heeft het overleg van de Syrische oppositie na twee dagen verlaten. Volgens de Islamitische rebellengroep werd er te weinig gehoor gegeven aan de vechtende partijen bij het overleg in de Saoedische hoofdstad Riyad. Wel bleek donderdagavond dat Ahrah Al-Sham de uiteindelijke uitkomst van het overleg heeft ondertekend.

Leden van Ahrar al-Sham krijgen godsdienstlessen. Beeld reuters

Persbureau Reuters zegt de verklaring ingezien te hebben. De oppositie is deze dagen samengekomen om een blok te vormen voor mogelijke vredesbesprekingen met de Syrische regering van president Bashar al-Assad. Dit overleg moet begin januari plaatsvinden.

Ahrar Al-Sham vindt dat de gematigde politieke partijen de hoofdrol hebben gekregen tijdens de vredesonderhandelingen en zegt zich niet genoeg vertegenwoordigd te voelen. De aanklacht richt zich met name tegen het Nationale Coordinatiecomité (NCB). Ahrar Al-Sham zegt deze partij als 'pro-Assad te zien, niet als oppositie'.

De overgebleven oppositiegroepen zijn wel nader tot elkaar gekomen. In een verklaring zeggen ze dat president Assad moet opstappen, om een begin te maken met een nieuw Syrië. De oppositie heeft een plan klaar liggen voor een democratisch systeem waarbij alle bevolkingsgroepen in zijn vertegenwoordigd. De oppositie wil bovendien het Syrische leger en de veiligheidsdiensten hervormen.

Laatste rebellen verlaten Syrische stad Homs

De rebellen bereikten vorige week een vredesovereenkomst met het regime van president Assad over de evacuatie van Waer, de laatste wijk van Homs die zij in handen hadden. Lees hier het artikel.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.