Rationeel denken kan oorlog voorkomen

De Amerikaanse hoogleraar F. Fisher heeft een computermodel en twee kerngedachten: behandel water als een economisch goed, en alleen met regionale samenwerking kunnen waterbronnen optimaal worden benut....

Een computermodel kan oorlog in het Midden-Oosten voorkomen. 'Rationeel denken over water toont aan dat water meer een bron van samenwerking kan zijn dan een bron van conflict', zegt de ontwerper van het model, Franklin Fisher. 'En heel letterlijk: water is geen oorlog waard.'

Fisher, hoogleraar aan het Massachusetts Institute of Technology (MIT), gaf zaterdag op het Wereld Water Forum in Den Haag een presentatie over zijn plan. Daarin staan twee gedachten centraal: water moet worden behandeld als een economisch goed, en alleen met regionale samenwerking kunnen waterbronnen optimaal worden gebruikt.

Daarmee raakt Fisher de kern van het Forum. De organisatoren schilderen een toekomst waarin een groeiende watercrisis internationale conflicten kan veroorzaken, maar met hun actieprogram - waarin water wordt gezien als economisch goed - kan dat worden vermeden.

Het Midden-Oosten wordt bij uitstek gezien als een regio waar een wateroorlog kan uitbreken. Bullock en Darwish voorspelden dat al in 1993 in hun boek Water Wars. Een 'erg gevaarlijk en misleidend boek', aldus prof. Tony Allan van de School of Oriental and African Studies in Londen, naar eigen zeggen 'de voornaamste criticus van mensen die schrijven over wateroorlogen'. In de regio, zegt hij, zijn voor het laatst medio jaren zestig enige schoten gewisseld om water.

Maar geschillen over water kent de regio wel degelijk. Syrië eist van Israël de waterrijke Golan-hoogvlakte terug, en ook op de Westoever speelt water een grote rol.

De Palestijnen voelen zich door de Israëli's afgeknepen.

Daarom was de bijeenkomst zondag op het Forum over het Midden-Oosten nogal surrealistisch.

Drie officiële afgevaardigden (van Israël, Palestina en Jordanië) lichtten zoetgevooisd toe wat er voor moois in het vat zit bij samenwerking: broederlijk onderzoek naar ontzouting van zeewater bijvoorbeeld.

Maar intussen zitten de multilaterale gesprekken over water tussen de drie partijen in het slop. Al vier jaar wordt er niet gepraat.

Toch wordt er niet-officieel, tussen waterdeskundigen uit Jordanië, Israël en Palestina, al geruime tijd constructief gesproken. Het Middle East Water Project van Fisher is voor die contacten het voornaamste podium. Het MEWP wordt betaald door de Nederlandse regering en krijgt steun van het Waterloopkundig Laboratorium in Delft.

Fishers computermodel biedt geen pasklare oplossingen, maar een andere, economische benadering. Wanneer van water de geldelijke waarde wordt vastgesteld, kunnen precies de kosten en baten van allerlei scenario's worden berekend. Zo is oorlog altijd onvoordelig, zegt Fisher, die de prijs van een straaljager afzet tegen de prijs van de hoeveelheid water die in dispuut is.

Op dezelfde manier kan worden gekeken naar landbouw, veruit de grootste waterverbruiker. Zo vindt de Israëlische econoom Zvi Eckstein, die ook bij het MEWP is betrokken, het waanzin dat in de regio waterzuipend fruit als sinaasappels wordt verbouwd. De regering subsidieert grotendeels het water dat de boeren gebruiken. Voor dat geld, zegt Eckstein, kun je beter sinaasappelen importeren uit Turkije, waar water niet zo duur is. Eckstein: 'De boeren zeggen dat ze zonder subsidie niet kunnen bestaan. Ik zeg: die boeren zóuden ook niet moeten bestaan.'

Die benadering doet denken aan het concept van 'virtueel water', dat op het instituut van Tony Allan werd ontwikkeld. Volgens die theorie plant water zich in zekere zin voort in landbouwproducten. Eén kilo rundvlees bevat, omdat de voedingsgewassen voor het vee geïrrigeerd worden, duizend liters virtueel water. Dus export van vlees is export van water.

Franklin Fisher benadrukt dat zijn computermodel zich niet uitspreekt voor of tegen landbouw. Het laat alleen rationeel zien wat de economische gevolgen zijn van bepaalde opties. En ook de voordelen van regionale samenwerking komen op zijn computer helder in het scherm. Het idee is steeds: zet water op die plek in waar het kostenvoordeel het grootst is.

De drie overheden beginnen eindelijk brood te zien in de Fisher-aanpak. Lange tijd was vooral Israël huiverig. Het had geen zin gegevens over het water (in Israël militair geheim) beschikbaar te stellen. Onder de regering-Netanyahu konden de wetenschappers zelfs geen ruchtbaarheid geven aan hun werk.

Deze week zal de Palestijnse Autoriteit een handtekening zetten voor samenwerking met Fisher.

Israëli's (nu onder Barak) en Jordaniërs gingen al voor. En juist gisteren kwam er, door de overdracht van 6 procent van de Westoever, weer zicht op slotonderhandelingen tussen Israël en Palestijnen - ook over water.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden