Ramp dreigt in Aleppo: inwoners al dertien dagen zonder drinkwater

Voor de dertiende dag op rij zitten grote delen van Aleppo, de grootste stad van Syrië, zonder water. Rebellen van de radicale al-Nusra beweging, die beslag hebben gelegd op de twee grootste waterpompstations van de stad, hebben de watertoevoer stopgezet. Daardoor zitten naar schatting 1,5 miljoen mensen zonder zuiver drinkwater. Hulporganisaties vrezen voor een humanitaire ramp.

Een man drinkt water uit een ondergrondse bron in Aleppo, 10 mei. Beeld reuters

In een poging om de watertoevoer voor de door de regering gedomineerde wijken in het westen van de stad stop te zetten, trof al-Nusra per ongeluk ook de watertoevoer naar de oostelijk gelegen oppositiewijken. Het gevolg is dat bijna de gehele stad zonder schoon drinkwater zit. Remi Abdel Rahman, het hoofd van het Syrische Observatorium voor de Mensenrechten, dat op de hand is van de oppositie, spreekt van een 'misdaad'.

Vervuilde plassen
Journalisten ter plaatste melden dat er lange rijen staan voor moskeeën, waar de fonteintjes doorgaans worden gebruikt om lichaamsdelen te wassen voor aanvang van het gebed. Ook wordt door inwoners een beroep gedaan op andere waterbronnen die niet geschikt zijn voor drinkwater, zoals antieke fonteinen en vervuilde plassen langs de kant van de weg. Sommige inwoners hebben zelf bronnen gegraven om aan water te komen.

Hulporganisaties vrezen dat er op termijn ziektes zoals ernstige diarree of cholera zullen uitbreken als er niet snel een oplossing wordt gevonden.

De situatie in het westen van de stad, dat gecontroleerd wordt door regeringstroepen, is iets stabieler. Het Rode Kruis werkt daar samen met de overheid om inwoners van water te voorzien. Daarvoor worden vrachtwagens ingezet die normaal gesproken dienen om afvalwater uit de huizen weg te voeren. 'Het is een tijdelijke oplossing', zegt een bron van het Syrische Rode Kruis tegen de Libanese krant Al-Akhbar. 'De situatie kan afstevenen op een humanitaire en gezondheidsramp, maar we doen er alles aan om dit risico te vermijden.'

Een jongen verzamelt water uit een plas langs de kant van de weg. Beeld afp
Kinderen vullen emmers met water uit een ondergrondse bron in Aleppo. Beeld reuters

Hevige strijd
Aleppo was voor de burgeroorlog het economische centrum van Syrië. Sinds juni 2012 is de stad opgedeeld in oppositie- en regeringsgebied en wordt er hevig gevochten. Van de van oorsprong 2,5 miljoen inwoners zijn er zeker een miljoen de stad ontvlucht. De laatste maanden hebben regeringstroepen hun strijd opgevoerd door de inzet van vatenbommen. Deze met explosieven gevulde olievaten worden vanuit de lucht boven wijken gegooid die in handen zijn van de oppositie. Vooral burgers zijn hiervan het slachtoffer.

Tegelijkertijd intensiveren de rebellen hun aanslagen, veelal gepleegd met raketten en mortieren, op regeringsgebied. Steeds vaker worden tunnels gegraven die met explosieven worden gevuld en vervolgens van afstand worden opgeblazen. Op deze manier werd vorige week het historische Carlton Hotel in Aleppo, nabij de oude citadel, volledig verwoest. Volgens de oppositie vielen er vijftig doden, maar dit aantal wordt betwist.

Beeld afp
Een gewonde man na een aanslag met vatenbommen in het al-Shaar district in Aleppo. Beeld reuters

Wijken hermetisch afsluiten
Feit is dat de vele aanslagen in de stad al aan honderden, zo niet duizenden mensen het leven hebben gekost. Gevreesd wordt dat de strijd in Aleppo verder wordt opgevoerd nu recentelijk 1.200 strijders uit het voormalige oppositiebolwerk Homs met bussen de stad uit zijn gereden. De strijders, veelal afkomstig uit het radicale al-Nura-front, zouden wel eens richting Aleppo kunnen trekken om hun strijd daar te vervolgen.

Oppositieleden vrezen dat regeringstroepen in Aleppo dezelfde tactiek zullen toepassen als in Homs: daar werd het oude centrum, waar de rebellen zich hadden verschanst, hermetisch afgesloten, waardoor er geen voedsel en munitie meer binnen kon komen. De rebellen hadden daarom geen andere keuze dan zich over te geven. De stad is nu weer in handen van de regering.

Ondertussen zijn er in de omgeving van Aleppo en in andere delen van het land ook verwoede gevechten gaande tussen radicale oppositiestrijders van aan al-Qaeda gelieerde bewegingen (zoals al-Nusra en ISIS) en de meer gematigde strijders van het Vrije Syrische Leger en het Islamitisch Front.

Niet de eerste keer
Het is niet de eerste keer dat Aleppo zonder water zit. In september 2012 raakte een belangrijke waterpijplijn in de stad beschadigd door gevechten. Er werd toen besloten dat de regering en de oppositie, met het Rode Kruis als toezichthouder, het waternetwerk in de stad voortaan samen zouden beheren. Deze overeenkomst hield niet lang stand, met het gevolg dat nu weer grote delen zonder water zitten.

Op het filmpje hieronder zou te zien zijn hoe strijders van al-Nusra een waterpijplijn vernietigen. De beelden kunnen door ons niet geverifieerd worden.

Strijders van de jihadistische groep al-Nusra in Aleppo. Beeld afp
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden