Review

'Radiohead: het allerbeste wat popmuziek in 2012 te bieden heeft'

Radiohead liet in de Ziggo Dome rock links liggen en onderstreepte de kracht van zijn nieuwe, experimentele werk, schrijft Volkskrant-recensent Gijsbert Kamer.

Thom Yorke tijdens het concert in de Ziggo Dome op 14 oktober.Beeld getty

Vier jaar geleden was Radiohead voor het laatst in Nederland te zien, in het Westerpark in Amsterdam. Prachtig optreden, met het beeld van de ondergaande zon tijdens Lucky nog lang op het netvlies. Radiohead imponeerde door een uitgelezen balans tussen publieksvriendelijke rockliedjes met een behoorlijk meebrulelement, die vooral op hun eerste drie albums te vinden zijn, en het wat moeilijker te doorgronden elektronische werk, waarmee de band zich sinds Kid A (2000) afficheert.

Dat evenwicht werd in een uitverkochte Ziggo Dome wreed verstoord. Hetzelfde Lucky mocht als tweede liedje de liefhebbers van het 'oude' Radiohead even behagen. In de twee uur die volgden, lag de nadruk op het per album verder van rock 'n roll afliggende experimentelere werk.

Met het vorig jaar verschenen The King Of Limbs als meest vervreemdende album tot nu toe, was niet te verwachten dat Radiohead naar de Ziggo Dome zou komen voor een moppie gitaarrock; al kunnen er bijna twintigduizend man in deze nieuwe zaal en wordt door iedere artiest die zalen van die grootte aandoet de wetmatigheid gehanteerd dat je het je publiek niet te moeilijk moet maken.

Fabelachtig
Radiohead had zondag lak aan dergelijke conventies. Het zwaartepunt lag bij The King Of Limbs, hun slechtst verkochte maar zonder meer spannendste album tot nu toe. Een meezingbaar liedje is er niet op te vinden, maar live stegen vanaf de opening Bloom alle nummers boven zichzelf uit. Wat hielp, was allereerst het fabelachtig mooi afgestelde geluid. Een knisperend synthloopje werd nooit verdrukt door gitaar- of drumwerk, en de tweede drummer Clive Deamer verbreedde het geluid meer dan dat hij het verdiepte.

En dan was er het oogverblindende spel met licht, videobeelden en decorstukken. Prachtig hoe tegen een bloedrode achtergrond tijdens You And Whose Army?, dat met de ogen dicht al kippenvel bezorgde, de verbeten zingende kop van Thom Yorke van alle borden de zaal in keek.

Licht en geluid droegen ertoe bij dat het grote Ziggo Dome opmerkelijk intiem voelde. En dan was er natuurlijk de bloedstollende muziek.

De eerste twee albums werden genegeerd. Geen Creep, Just, Street Spirit of High And Dry dus. Van hun succesvolste plaat OK Computer kwamen behalve Lucky aan het slot Karma Police en Paranoid Android voorbij, maar veelzeggend wellicht klonken die fletser en vlakker dan het altijd voor moeilijk gehouden recente werk.

Gebeuk
Adembenemend was bijvoorbeeld het dubbele drumwerk waarmee Seperator begon. Toen halverwege Yorke zelf zeer subtiel begon te soleren hielden de drummers op tegen elkaar in te spelen, om gelijk op te gaan. Dat was een moment uit velen waarin de kracht van het nieuwe werk werd onderstreept.

Radiohead durfde het aan experimentele muziek groot te presenteren en het publiek ging er volledig in mee. Een tot voor kort live onuitvoerbaar geacht amorf nummer als Kid A, bleek toch te spelen. En heerlijk dat vervreemdende stuk elektronisch gebeuk in Feral tussen de hits van OK Computer aan het slot.

Toen kwam er nog een reeks toegiften, met Everything In It's Right Place als zoveelste hoogtepunt. Er is geen band die dit aandurft, er is geen band die dit kan. Radiohead bewees zich als het allerbeste en meest spannende wat popmuziek in 2012 te bieden heeft.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden