Raadsel Savimbi verkoos zich dood te vechten

Vriend en vijand vroegen zich af waarom Unita-leider Jonas Savimbi maar bleef vechten. Hijzelf zag zich als een volksheld die Angola wilde bevrijden van het juk van de regerende MPLA....

JONAS SAVIMBI was een raadselachtige man, die vriend en vijand tot wanhoop dreef. Waarom hij bleef vechten, ondanks gesloten vredesakkoorden, verkiezingen, eindeloze internationale bemiddelingspogingen en sancties tegen hem persoonlijk en tegen zijn beweging Unita, bleef het grootste raadsel. Op het laatst hadden al zijn vrienden in het buitenland hem de rug toegekeerd, maar hij verkoos zich dood te vechten in een uithoek van zijn land Angola.

Er was een moment waarop Savimbi boven zichzelf had kunnen uitstijgen: het najaar van 1992. Voor het eerst in de geschiedenis van Angola werden er vrije verkiezingen gehouden. De twee grote rivalen, die een vernietigende oorlog tegen elkaar hadden gevochten, Savimbi's Unita-rebellen en de regerende, marxistische MPLA, zouden de kiezer laten beslissen. Savimbi verloor. Als hij zich hierbij had neergelegd, zou hij misschien als wijs staatsman de geschiedenis zijn ingegaan. Maar hij greep opnieuw naar de wapens.

Achteraf gezien waren de voortekenen al slecht. Savimbi glorieerde in de verkiezingscampagne. Hij en zijn strijders reden rond in spiksplinternieuwe Amerikaanse terreinwagens, geschonken door een Amerikaanse fanclub. De Koude Oorlog was afgelopen, overal hadden de communisten verloren en Unita twijfelde er niet aan dat zij weldra de macht zouden overnemen. Verliezen? Dat kon alleen door fraude.

Savimbi hield zijn laatste grote verkiezingsrede in Huambo, de tweede stad van het land en het centrum voor het Ovimbundu-volk (een derde van de Angolezen), de achterban van Unita. Over elk onderwerp sprak hij zichzelf tegen, op elke verzoenende opmerking volgde een dreigement.

Hij verhaalde omstandig hoe de MPLA met hulp van de Cubanen hem en zijn strijders in 1976 uit Huambo hadden verjaagd. 'Hier werden honderden van onze militairen afgeslacht.' Hij vertelde bitter over de mishandeling van de Ovimbundu's in de jaren van onderdrukking die volgden. Eindelijk zou Unita de Angolezen nu bevrijden van het juk van 'de halfbloeden van de MPLA', zei hij.

Daarmee had hij de gevoelige snaar geraakt. De MPLA was de bevrijdingsbeweging van de marxistische intellectuelen uit de steden, Savimbi zag zichzelf als een volksheld. Hij werd in 1934 geboren als zoon van de stationschef, langs de belangrijke Benguela-spoorlijn dwars door het land naar Zambia. Zijn grootvader was een plaatselijke vorst, die was afgezet door het Portugese koloniale bewind. Onder de jonge leiders van het verzet tegen de Portugezen telde dat niet. Tot zijn woede merkte Savimbi dat er op de 'achterlijke Ovimbundu's' werd neergekeken door de andere volken, vooral door de Kimbundu's aan de kust, die de MPLA steunden.

Die woede zag Savimbi's biograaf Fred Bridgland in Jonas Savimbi, a key to Africa uit 1986 als de belangrijkste drijfveer van de Unita-leider. Hij was de gewone jongen uit het binnenland, die zich via missiescholen had opgewerkt en in Portugal medicijnen mocht studeren. Die studie maakte hij nooit af. Hij ging in Lausanne politicologie en rechten studeren. Daar haalde hij naar eigen zeggen de doctorstitel waarmee hij de rest van zijn leven wilde worden aangesproken.

In de biografie komt Savimbi naar voren als een authentieke Afrikaanse leider, wars van buitenlandse ideologieën. De eigen, traditionele waarden moesten voorop staan. De MPLA bracht slechts een stalinistische dictatuur, waaruit Savimbi zijn volk wilde bevrijden.

Maar als zoveel vrienden van Savimbi, heeft Bridgland later zijn visie bijgesteld. Nadat hij zich had verdiept in het lot van de vooraanstaande Unita-familie Chingunji, van wie velen mysterieus aan hun einde kwamen, zag hij een andere kant van zijn held: een argwanende man, die geen mogelijke rivalen in zijn buurt duldde en een schrikbewind voerde onder zijn getrouwen.

Het Unita-heilstaatje in het stadje Jamba, in de zuidoostelijke uithoek van het land, waar hij graag journalisten rondleidde, bleek slechts een façade. Unita voerde een harde oorlog, waarbij burgers werden ontvoerd en dorpen uitgemoord. Het MPLA-leger trad even hard op. Het gevolg was een van de bloedigste oorlogen in Afrika, met naar schatting een half miljoen doden, tienduizenden verminkten door landmijnen en miljoenen vluchtelingen.

Savimbi, aanvankelijk beïnvloed door Mao, kwam min of meer toevallig in het westerse kamp terecht in de Koude Oorlog. Toen Portugal Angola in 1975 onafhankelijkheid verleende, droeg het de macht over aan de MPLA, een bondgenoot van de Sovjet-Unie, die de hoofdstad Luanda in handen had. Unita, onder leiding van een tiental in China opgeleide guerrillastrijders, was nog maar negen jaar actief en had weinig uitgericht tegen de Portugezen. Het machtige Zuid-Afrikaanse leger zette echter een invasie in tegen de 'communistische machtsovername' in Luanda. Unita kreeg zo een bondgenoot.

De Zuid-Afrikaanse aanval werd afgeslagen met hulp van Cubaanse soldaten, maar tot 1990 zouden de Zuid-Afrikanen Unita helpen, bewapenen en groot maken. Bovendien kreeg Savimbi vanaf 1975 geheime steun van de Amerikaanse inlichtingendienst CIA. In de jaren tachtig werd de Amerikaanse steun openlijk. President Reagan ontving Savimbi op het Witte Huis en eerde hem als een 'vrijheidsstrijder' tegen het communisme. Vreemd genoeg pakte het einde van de Koude Oorlog slecht uit voor Savimbi. De democratisering, waarvoor hij zei te vechten, bracht hem niet de macht. De MPLA heeft een slechte naam door corruptie, de vriendjespolitiek, de schandalige zelfverrijking van de MPLA-elite terwijl er niets voor de bevolking werd gedaan, maar in de keuze tussen 'dieven en moordenaars', koos de meerderheid van niet-Ovimbundu's toch liever de dieven.

De vrije markt die Unita zei na te streven, werd door de MPLA zelf ingevoerd, tot genoegen van Amerikaanse oliemaatschappijen. Er kwam geen steun meer uit de VS en niet meer uit Zuid-Afrika. Maar Unita bleef een geduchte guerrillaorganisatie, die zichzelf financierde met de smokkel van diamanten. Nog maar enkele jaren geleden had Unita het regeringsleger uit meer dan de helft van het land verdreven.

Het was toch een kwestie van tijd. President José Eduardo dos Santos zette een meedogenloos offensief in en deinsde er niet voor terug grote delen van het Unita-gebied te ontvolken. Savimbi hield hardnekkig vol en sleurde zijn volk mee de afgrond in.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden