Nieuws Raad van State

Raad van State vindt dat Belastingdienst sanctiebeleidkinderopvangtoeslag moet versoepelen

De Raad van State maakt een opmerkelijke draai in de toeslagaffaire. Twee vrouwen met een laag inkomen hoeven toch niet alles terug te betalen. 

Een peuter in een bedje in een kinderopvang in Meppel. Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

De Belastingdienst is vaak te streng bij het terugvorderen van kinderopvangtoeslagen. De dienst moet zijn sanctiebeleid daarom versoepelen. Dat heeft de Raad van State woensdag geoordeeld. Ouders hadden twee rechtszaken aangespannen tegen de Belastingdienst. De vonnissen zijn bijzonder, omdat de hoogste bestuursrechter hiermee ook afstand neemt van zijn eigen jurisprudentie. De Raad van State heeft de aanpak van de Belastingdienst in eerdere rechtszaken namelijk altijd gesteund.

Die aanpak houdt in dat ouders die kinderopvangtoeslag ontvangen, moeten kunnen bewijzen dat zij alle gefactureerde opvangkosten ook daadwerkelijk hebben betaald. Als zij dat bij een controle niet kunnen bewijzen, vordert de Belastingdienst het hele voorschot terug. Gezinnen met een laag inkomen, die meestal relatief hoge toeslagen en voorschotten ontvangen, moeten in zo’n geval al gauw tienduizenden euro’s aan de fiscus terugbetalen. In veel gevallen kunnen ze dat niet en komen ze in financiële problemen.

Deze ‘alles of niets’-werkwijze van de Belastingdienst ligt de laatste paar jaar steeds meer onder vuur. Onder andere de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) heeft in 2016 en 2017 onderzoek uitgebracht over schuldenproblematiek. Daaruit blijkt dat mensen die sociaal-maatschappelijk niet erg zelfredzaam zijn, vaak in een neerwaartse schuldenspiraal belanden door een opeenstapeling van boetes en betalingsachterstanden. Het Nederlandse toeslagensysteem, waarbij de Belastingdienst jaarlijks zeer hoge bedragen uitkeert die na een jaar (deels) weer teruggevorderd kunnen worden, is funest voor minima-huishoudens. Die kunnen geen geld opzij zetten om zulke schulden te betalen.

Eindhoven

De kritiek op de hardvochtige interpretatie van de wet is verder aangezwollen door het toeslagenschandaal bij het Eindhovense gastouderbureau Dadim. De Belastingdienst zette in 2014 van de ene op de andere dag de kinderopvangtoeslag stop van honderden ouders die klant waren bij Dadim en een daaraan gelinkt gastouderbureau. Dat gebeurde zonder individuele beoordeling vooraf.

Ouders wier toeslag was stopgezet, moesten daarna zelf aantonen dat ze toch recht hadden op toeslag. Het merendeel van de Dadim-klanten bleek ten onrechte te zijn gestraft door de Belastingdienst. Ondertussen hadden sommigen wel hun baan opgezegd om hun kinderen zelf op te vangen.

Naar aanleiding van de zaak-Dadim heeft de Tweede Kamer een spervuur van kritische vragen aan staatssecretaris Menno Snel van Belastingzaken gesteld. De Nationale Ombudsman schreef in 2017 een zeer kritisch rapport over de handelswijze van de Belastingdienst. Snel heeft in mei een adviescommissie ingesteld om het probleem te bestuderen, voorgezeten door oud-minister Piet Hein Donner. Die commissie mag nu bedenken hoe de Belastingdienst beter rekening kan houden met het belang van de klant, de toeslaggerechtigde.

De commissie-Donner brengt naar verwachting eind volgende week zijn advies uit. Donner is ook voormalig vicevoorzitter van de Raad van State. Aangezien de Raad van State de veel bekritiseerde werkwijze van de Belastingdienst tot nu toe steeds heeft gesanctioneerd, is het moment van de U-bocht handig gekozen. De kans bestaat immers dat de Raad van State er niet genadig van afkomt in Donners rapport. Nu is Donners opvolger Thom de Graaf eventuele kritiek voor, door ‘zijn’ rechtsorgaan zelf alvast de onvermijdelijke draai te laten maken.

Twee vrouwen

De twee beroepszaken van deze week gaan beide over het terugclaimen van onterecht ontvangen kinderopvangtoeslag. Dat de Belastingdienst meer toeslag heeft uitgekeerd dan waar de moeders/eiseressen recht op hadden, staat in deze zaken buiten kijf. Het ene geval betreft een moeder van vijf kinderen die – volgens haar advocaat – het slachtoffer is van een frauderend gastouderbureau. Ze heeft zelf nooit een cent ontvangen van de bijna 35.000 euro kinderopvangtoeslag die de fraudeurs namens haar aanvroegen. De Belastingdienst heeft haar desondanks aansprakelijk gesteld voor dat bedrag. De Raad van State zegt nu dat de dienst die vordering moet herzien en meer rekening moet houden met de povere financiële situatie van de vrouw.

In de andere rechtszaak is de eiseres een vrouw die volgens de jaaropgave van het kinderdagverblijf circa 30.000 euro aan opvanguren heeft afgenomen, maar daarvan niet meer dan 20.000 euro aantoonbaar heeft betaald. Van het resterende bedrag kan zij geen betalingsbewijzen overleggen. Ook in dit geval acht de Raad van State het niet langer rechtvaardig om alle toeslag terug te vorderen. De moeder heeft immers wel een deel van de kosten betaald. De Belastingdienst kan ‘tot een andere berekening te komen die minder ingrijpende gevolgen heeft’, zegt de Raad van State nu.

De Kamercommissie Financiën heeft staatssecretaris Snel om een reactie gevraagd op de uitspraken van de Raad van State. Ze willen dat Snel nieuwe richtlijnen opstelt voor de terugvordering van toeslagen. Ook willen ze weten of eerdere vonnissen van de Raad van State, die nog uitgingen van de ‘alles of niets’-aanpak, herzien kunnen worden en hoeveel toeslaggerechtigden in dat geval in aanmerking komen voor herbeoordeling.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden