Pythonesque

Owen Schumacher en Paul Groot spelen in Spamalot, de musical naar Monty Pythons aanstekelijk kinderachtige Holy Grail.

Ze hebben uiteraard goed gekeken naar Monty Python and the Holy Grail. Acteurs Owen Shumacher en Paul Groot spelen belangrijke rollen in Spamalot, de musical die gebaseerd is opde Britse film uit 1975 .Goed gekeken, maar ook weer niet té goed.


Schumacher: 'Je moet er niet té veel recht aan willen doen. Het is wel 35 jaar later. En het is heel Britse humor, waarbij het nodig is continu het klasseverschil tussen personages te herkennen. Dat hebben wij een stuk minder. Het is eigenlijk permanent: er komt een hoogwaardigheidsbekleder binnen, die heeft iets voor ogen, maar iedereen twijfelt direct aan zijn macht. Wie ben jij? Waarom dan? Als je in dit stadium te veel naar de film kijkt, is het gevaar groot dat je denkt: zij deden dat toch wel erg goed. Wij doen dat nu ánders. Moet je recht doen aan de manier waarop zij spelen, of moet je recht doen aan de gedachte die eronder ligt? Ik denk het laatste.'


Groot: 'Ik vind het ook andersom hoor, want die scène in de torenkamer, met de koning van Swampcastle wiens zoon Herbert aan de vrouw gebracht moet worden, terwijl Herbert meer van de mannen is, als we dat in hetzelfde tempo zouden spelen als in de film, zou het een genadeloze zak geven in de voorstelling. Dat zou absoluut niet kunnen. In de film vind ik het ook een beetje een saaie scène, terwijl bij ons is het heel..


Schumacher: 'Uptempo.'


Groot: 'En heel kluchtig gespeeld. Deze tijd en vorm vragen iets anders, qua energie.'


Schumacher: 'De film was natuurlijk helemaal in de gorigheid en de modder. Wij staan in een schoon theater. Dan moet je meer de verbeelding schetsen.'


Spamalot is een musical - het verhaal gaat over de hilarische queeste van Koning Arthur naar de heilige graal - en is tegelijkertijd een persiflage op een musical. Dat maakt Schumacher en Groot, als bepaald niet zeer geoefende zangers en dansers, geschikt voor deze voorstelling, denken ze zelf.


Schumacher: 'Spelen met de wetten van het genre, dat is wat wij met Koefnoen ook altijd doen. Daarbij heb je niet Stanley Burleson nodig, hoe goed die ook is. Je moet de associatie hebben met Monty Python en denken: ik ben benieuwd hoe die zich redt, in een musical. Zo zijn ze bij ons uitgekomen, denk ik.'


Groot: 'Wij voegen iets toe. In de Engelse versie zit een lied: You won't succeed on Broadway without stars. Bij ons heet dat: Zonder sterren van tv. Daar zitten Nederlandse verwijzingen in, naar Jim en Jamai bijvoorbeeld. Daar hebben we ons mee bemoeid. Pepijn Gunneweg heeft een groot deel van dat lied herschreven.'


Schumacher: 'En Paul komt op als Willem Nijholt.'


Groot: 'Dan kom ik aanrollen in die stoel en zeg: (imiteert het stemgeluid van Nijholt) 'Jongen, je hebt al eerder in de sing-off gestaan, toen heb ik je gerrrrred. Je hebt de cojones, de pizzazz, de looks, maar je bent niet de ruwe diamant waar we naar op zoek zijn.'


'Dat zit dan in dat nummer, een kleine imitatie, als extraatje.'


Schumacher: 'Willem Nijholt wordt geflankeerd door een Zorro en een Mary Poppins.'


Groot: 'Ben Saunders komt langs. En een meisje uit Oh oh, Cherso biedt zich aan voor Oh, oh, Camelot. Dat soort verwijzingen naar de actualiteit zijn extra grapjes.'


De humor van Monty Python heeft een cultstatus. Werkt dat, bij musicalpubliek?

Groot: 'Daar moeten wij de mensen van overtuigen, dat dat heel goed samen gaat. In Engeland ging meer mannenpubliek naar de musical, die begonnen bij elke sketch die ze herkenden te loeien. Dat is in Nederland een stukje minder, denk ik. Maar ze zijn er wel, de verstokte Monty Python-fans en die moeten zich niet laten weerhouden naar deze musical te komen.'


Waarom niet?

Groot: 'Omdat deze musical echt recht doet aan het werk van Monty Python.'


Schumacher: 'Het is ook een hardnekkig misverstand dat wíj deze musical hebben gemaakt, gebaseerd op het werk van Monty Python. Maar het is één van de mannen van Monty Python zelf, Eric Idle, die de musical heeft geschreven.'


Groot: 'Het is de bedoeling dat het wordt gespeeld door anderen.'


Schumacher: 'Daar is het voor gemaakt.'


Groot: 'Mensen die zeggen dat het heiligschennis is, willen we de wind uit de zeilen nemen. Hou toch op. De humor blijft ook heel goed overeind. Heel veel van die scènes zijn in de basis zo sterk en komisch. '


Zullen we een paar sketches uit de film doornemen?

Groot: 'Het gaat heel vaak over het ontkennen van de realiteit. Zoals de lijkenscène, Bring out your dead. Pepijn is de lijkenophaler en Owen wil een lijk mee geven. De grap is natuurlijk dat het lijk nog niet dood is.'


Schumacher: 'Die situatie, dat maakt niet uit of dat van 35 jaar geleden is.


Groot: 'Als je een lijk aanbiedt en het lijk is niet dood, is dat een goede komische situatie.'


Schumacher: 'Het is niet veel anders dan mensen nu met hun oude moeder in het bejaardentehuis doen.'


Groot: 'Wij zouden niet snel een satirische situatie maken van zo'n grap. Daar is het te hoekig voor en te Monty Python-esk.'


Schumacher: 'Het is heel bot, van dit tegenover dat, en dan: boing!'


Groot: 'Haaks op elkaar. Zoals Koning Arthur die aankomt op zijn kokosnotenpaard.'


Schumacher: 'Dat kwam door de blinde paniek van de makers van de film. Ze hadden geen budget voor echte paarden, en dus deden ze alsof, met het geluid van kokosnoten. De koning roept heel plechtstatig: Ik ben uw koning en ik wil uw heer spreken. Hij krijgt als antwoord: 'Waar komt u vandaan en wat heeft u om uw nek hangen? Dat zijn kokosnoten!'


Groot: 'Te paard? Je bent helemaal niet te paard, je loopt met kokosnoten. Dat doorbreekt de realiteit van Koning Arthur. Die grap is tijdloos. Voor een programma op RTL 4 over de 'making of' van de musical zijn we op straat gaan lopen met kokosnoten. Mensen vinden dat amusant.'


Schumacher: 'Het heeft een soort aanstekelijke kinderachtigheid. Die nog het grappigst is als je het zo serieus mogelijk doet.'


Groot: 'Monty Python zijn verstandige, hoogopgeleide, goed opgevoede mensen die heel, heel kinderachtig doen. Silly. Dat is onweerstaanbaar.'


Schumacher: 'En ze laten alles meteen ontsporen. De film begint met de verkeerde titels, sorry voor deze verkeerde titels, en dan komen nog meer verkeerde titels. Dat zou je nu niet meer zo snel durven. Dat gebeurt toch niet meer?'


Groot: 'Dat zou nu te melig zijn.'


Schumacher: 'Maar toen was het zo raar en anders.'


Schumacher: 'Zo not done. Het was een ander tijdperk, mensen kwamen uit de jaren vijftig en waren nog stijf deftig en keurig netjes en daar kwamen ineens deze anarchisten tevoorschijn.'


Wat is een slechte grap van Monty Python?

Groot: 'Die onthoud je natuurlijk niet.'


Schumacher: 'Als je alle slechte grappen moet onthouden. Maar er komen wel dingen voorbij die ik gewoon niet snap. Koning Arthur komt bij de ridders van Ni en die geven een opdracht: Get me a shrubbery, zoek een buxushaag.'


Groot: 'Waar vinden we zo gauw een buxushaag?'


Schumacher: 'Misschien kunnen we er één bouwen van katten. De bedoeling is waarschijnlijk dat buxushagen vaak naar kattenpis, stinken, of weet ik veel . Een grap die in Amerika werkt.'


Welke grap werkt het best?

Schumacher: 'We hebben het nog niet voor publiek gespeeld.'


Groot: 'We zagen de voorstelling in België. Een van de acteurs trekt het grootste applaus van de avond. Dat is Jan Van Looveren, een breedgeschouderde kaalgeschoren stoere jongen, een populair figuur op televisie. Als hij in hun versie van het sterrennummer opkomt, gaat het dak eraf. Dat proberen wij te doen met Willem Nijholt.'


Schumacher: 'In België hingen een paar grappen aan de actualiteit.'


Groot: 'Dan is de vraag: was dat de koning? En: hoe zie je dat dan? Antwoord: hij heeft een formateur bij zich, zijn knechtje met de kokosnoten. Omdat België al honderd jaar geen regering meer heeft. Daar wordt keihard om gelachen.'


Grappen maken over de actualiteit is ook jullie specialiteit.

Groot: 'We zijn er wel mee bezig geweest, maar we vonden het net niet helemaal lekker. Dan kun je het beter bij het origineel houden.'


Schumacher: 'Dan dat je een geforceerde Wilders-verwijzing maakt om maar actueel te zijn.'


Linda Wagenmakers, the Lady of the Lake, is de enig echte musicalster in de productie. Hoe houdt zij zich staande?

Groot: 'Zij heeft behoorlijk veel zelfspot, hoor. Een gezonde dosis, mag je wel zeggen.'


Schumacher: 'Maar zij mag ook wel lekker uitpakken. Ze heeft een zangnummer waarin ze alles kan laten zien wat ze kan.'


Zij wordt niet onderuit gehaald?

Groot: 'Nee, nee, nee.'


Schumacher: 'Ze heeft een belangrijke rol. De film is tamelijk fragmentarisch. Het eindigt heel raar: dan zijn we ineens in het nu en wordt Koning Arthur opgepakt voor de moord op de beroemde historicus. Hier is toch een soort happy end bedacht. Het moet uiteindelijk wel rond gemaakt worden. De graal moet gevonden worden.'


Groot: 'Het moet eindigen met een huwelijk.'


Waarom moet dat?

'Dat zullen ongetwijfeld de wetten van de musical zijn. Maar het is wel écht lekker. Aan het eind komt de Lady of the Lake tevoorschijn en moet er getrouwd worden. Dan zegt Koning Arthur: Ik kan je toch niet de hele tijd Lady of the Lake noemen? Natuurlijk heb ik een naam, zegt ze. Ik heet Guinevere. En dan denk je toch: álles komt goed. Alles valt op z'n plek. En op de een of andere stomme manier vind ik het nog ontroerend ook.'


Doet dat geen onrecht aan de Monty Python-stijl?

Groot (fel): 'Nee. Al-les ontspoort voortdurend. Alles gaat mis.'


Schumacher: 'Zelfs op het einde wordt nog iemand neergeslagen.'


Groot: 'Je moet een solide structuur hebben om af te kunnen breken. Als je alleen maar alles afbreekt, dan trek je niet die twee uur naar het einde door. Ik vond de film ook een onbevredigend einde hebben. Daar wil je het theater niet mee verlaten, met dat gevoel.'


Hoe is het, musicalster spelen?

Groot: 'Ik heb wel eerder meegedaan aan musicals, maar niet op deze schaal en niet met zo'n grote zang-rol.'


Schumacher: 'Ik kan me maar op één ding tegelijk concentreren, dus zodra ik én moet zingen én moet dansen én een karakter vast moet houden.... Eén van de drie is nu nog het slachtoffer. Als de ridder van Ni loop ik op stelten, met een heel lang ding aan, een baard en een helm met een gewei op mijn kop. als ik dan op het toneel sta, denk ik: o ja, wat ging ik ook alweer zeggen? Ik ben al zo blij dat ik hier gekomen ben, ik sta nog steeds rechtop, dat is best een applausje waard, mensen.


'Het is heel anders dan wat we bij Koefnoen doen. We zijn gewend aan de korte baan: je speelt op intuïtie, want we hebben twee uur om het filmpje op te nemen en daarna moet het af zijn.'


Groot: 'En wij zijn gewend ons overal mee te bemoeien.'


Schumacher: 'En nu is het: oh, daar gaat een poster die ik helemaal niet gezien heb, oh daar gaat een persbericht dat ik helemaal niet heb gelezen.'


Is het een erg commercieel circus?

Schumacher: 'Ja, dat ook wel. Maar dat moet ook, als je dan toch een keer in Carré staat, is het leuker als het vol zit.'


Groot: 'De mensen hebben echt een leuke avond, als ze komen. Dat garandeer ik. Dit stuk heeft al zo lang succes gehad, internationaal, als er nog iets aan mankeerde, is dat er wel ergens uitgezeefd.'


Schumacher: 'Het kan je humor niet zijn. Maar zo'n nummer dat Linda zingt, dat is gewoon een heel goed musicalnummer. Dan moet je wel een ontzettende zuurpruim zijn, als je daar niet om kunt lachen.'


De door Paul Groot en Owen Schumacher geroemde kokosnotenscène uit The Holy Grail:

Soldaat: 'Waar heb je die kokosnoten vandaan?'


Koning Arthur: 'Die hebben we gevonden.'


S.: 'Gevonden? In Mercia? Kokosnoten groeien in de tropen.'


K. A.: 'Hoe bedoel je?'


S.: 'Nou, we hebben hier een gematigd klimaat.'


K. A.: 'Een zwaluw vliegt met de zon mee naar het zuiden en ook de huismus en de kievit zoeken 's winters warmere oorden op. Toch zijn ze geen vreemdelingen in ons land.'


S.: 'Bedoel je dat kokosnoten migreren?'


K. A.: 'Helemaal niet. Maar ze zouden gedragen kunnen worden.'


S.: 'Wat? Een zwaluw die een kokosnoot draagt?' K. A.: 'Hij kan 'm dragen aan de schil!'


S.: 'Het gaat er niet om waar hij die noot vasthoudt! Het gaat om het gewicht. Een vogel van vijf ons kan geen kokosnoot van een kilo dragen!'


K. A.: 'Nou ja, het doet er niet toe. Vertel je heer dat Arthur van het slot Camelot hier is.'


S.: ' Luister, om op snelheid te blijven moet een zwaluw elke seconde veertig keer met z'n vleugels klapperen, toch?'


K. A.: 'Alsjeblieft!'


S.: 'Heb ik gelijk, of niet?'


Monty Python's Spamelot

De musical Monty Python's Spamalot is gebaseerd is op de 'schaamteloos afgekeken' film Monty Python and the Holy Grail (1975). Net als de film is het verhaal een parodie op de Arthur-legende. Eric Idle, een van de zes Monty Python-leden, schreef het libretto en de liederen, en werkte met John Du Prez aan de muziek. De première was op 17 maart 2005, onder regie van Mike Nichols. De musical won een Tony Award voor Beste Musical van het seizoen 2004-2005 en werd sindsdienin talrijke landen opgevoerd. Morgenavond is de Nederlandse première in Rotterdam.


Paul Groot

geboren 25 juli 1967


Speelt in Spamalot:


Sir Galahad


Dennis de modderschepper


De zwarte ridder


De koning van het Moeraskasteel


Owen Schumacher

geboren 21 maart 1967


Speelt in Spamalot:


Sir Lancelot


Tim de Tovenaar


De ridder van Ni


De Franse spottende bewaker


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden