Pvda-politicus met onderbroken carrière

Het eeuwige leven: Suzanne Steigenga-Kouwe (1920-2017)

Wegens huwelijk moest Suzanne Kouwe haar baan opgeven. Dat waren toen de regels. Maar ze promoveerde wel en kon later haar loopbaan hervatten.

Suzanne Steigenga-Kouwe op archiefbeeld

Suzanne Kouwe behoorde tot de naoorlogse generatie vrouwelijke ambtenaren die nog verplicht ontslag moest nemen op het moment dat ze in het huwelijk trad. Nadat ze in 1947 was getrouwd met de planoloog en latere hoogleraar Willem Steigenga verloor ze haar baan bij de Rijksdienst voor het Nationale Plan, de voorloper van de huidige Rijksplanologische Dienst.

Ze was ondanks een afgeronde studie sociale geografie in het verzuilde Nederland acht jaar lang ambteloos burger. Maar ze beperkte zich niet tot huishoudelijke bezigheden. Ze promoveerde op een geografisch proefschrift over haar geboortestreek Zeeuws-Vlaanderen. In die tijd werd ze actief als secretaris van de commissie bevolkingsvraagstukken van de Wiardi Beckman Stichting.

Pas in 1955 - ze had toen drie kinderen en een vierde zou in 1958 worden geboren - veranderden de regels en kon ze weer aan de slag. Ze werd docent sociologie in Rotterdam en vlak daarna trad ze toe tot de gemeenteraad van Rotterdam voor de PvdA. Later verhuisde het gezin naar Naarden. Samen met haar man deed ze diverse onderzoeken, zoals een naar de haalbaarheid van een technische hogeschool in Alkmaar.

In 1970 werd ze lid van de Provinciale Staten van Noord-Holland. Nadat haar man in 1974 op 60-jarige leeftijd was overleden, werd ze lid van de Eerste Kamer.

Suzanne Kouwe was een dochter van een hoofdonderwijzer in Zuidzande, een vijfhonderd inwoners tellend buurtschap nabij de populaire badplaats Cadzand in Zeeuws-Vlaanderen. Ze groeide op in een vrijzinnig hervormd nest. Voor de oorlog trok ze hier al weg om als eerste van het gezin aan de universiteit te gaan studeren. Ze koos voor een studie sociale geografie in Utrecht. Hier ontmoette ze ook haar latere echtgenoot, die toen al was afgestudeerd.

Vervolgens werd ze leraar aardrijkskunde in Almelo, in 1944 vertrok ze naar Den Haag om te gaan werken bij de Rijksdienst voor het Nationale Plan. In de hongerwinter verbleef ze een periode bij haar ouders, die toen in Maarssen woonden. Ze maakte met haar zus een hongertocht om voedsel voor het gezin te halen. In haar verslag hiervan beschrijft ze het landschap alsof ze op een geografische excursie is.

In de Eerste Kamer was Suzanne Steigenga-Kouwe voorzitter van de vaste commissie voor Ontwikkelingssamenwerking en plaatsvervangend voorzitter van de commissie voor Landbouw en Visserij. Ze was sterk inhoudelijk gericht en hield zich minder bezig met ideologische geschilpunten. Herhaaldelijk zou ze in de PvdA een minderheidsstandpunt innemen.

Later zou ze onder meer voorzitter worden van het Koninklijk Nederlands Aardrijkskundig Genootschap, vicevoorzitter van de Nationale Vrouwenraad en lid van de raad van toezicht van de VARA en de Centrale Commissie voor de Statistiek.

Volgens haar dochter Jorine Steigenga was ze vooral toen de kinderen ouder waren veel van huis. 'Het was geen moeder met wie je in de stad afsprak om eens lekker te gaan koffiedrinken en winkelen. Ze wilde wel naar een museum. En dan was je haar altijd al naar twee zalen kwijt, omdat ze overal bleef stilstaan en alles las.'

Na haar vertrek uit de Eerste Kamer was ze vooral actief in de Vereniging van Vrijzinnige Hervormden. Nadat ze in 2009 haar bovenbeen had gebroken, kwam ze steeds minder buiten de deur en kon ze tot haar grote verdriet steeds minder goed lezen. De laatste jaren woonde ze in Baarn.

Ze bleef de PvdA altijd trouw en ontving onder meer een erepenning voor haar 65-jarig lidmaatschap.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.