PvdA heeft jaren niet naar het CDA geluisterd

De PvdA'ers Bussemaker en Duivesteijn luiden het einde in van de centrale paarse beleidsoriëntatie, constateren Jan Peter Balkenende en Cees van der Knaap....

BINNENKORT vinden er in Groot-Brittannië parlementsverkiezingen plaats en niemand twijfelt over het resultaat: de sociaal-democraat Tony Blair zal zegevieren. Maar als het gaat over het politieke program zijn er twijfels. Een paar jaar geleden probeerde Blair af te komen van 'Old Labour' door te pleiten voor een nieuwe benadering, waarin aansluiting werd gezocht bij het in de VS opkomende 'gemeenschapsdenken'. 'The Third Way' heette dat toen. Op dit moment is het bijna niemand meer duidelijk wat daar nu nog mee wordt bedoeld.

Dat gevaar zou ook wel eens kunnen ontstaan voor de 'progressieve agenda' waar de PvdA-Kamerleden Jet Bussemaker en Adri Duivesteijn onlangs voor pleitten (Forum, 21 mei). Hun bijdrage was opvallend omdat deze de noodzaak etaleerde om te breken met wezenlijke onderdelen van paars denken en paars beleid. Hun bijdrage was bovendien intrigerend omdat zij voor een nieuwe progressieve agenda nu uitgerekend putten uit opvattingen die in christen-democratische kring al jaren gemeengoed zijn.

Het denken over de agenda voor een volgende kabinetsperiode is uiteraard prima, maar mag niet los worden gezien van het huidige beleid. De kiezer zal volgend jaar immers ook daarop partijen willen afrekenen. Bussemaker en Duivesteijn doen onder andere aan het CDA een oproep de paarse periode op waarde te schatten, 'en dus niet vanuit de geijkte oppositierol'.

Zeker, Paars was in bepaalde opzichten vernieuwend en er zijn resultaten geboekt. Maar kennelijk is toch niet alles goed gelopen, want waarom zouden deze PvdA-Kamerleden dan anders pleiten voor een nieuwe, progressieve agenda? Zeven jaar Paars zijn jaren geweest van marktwerking, individu, schaalvergroting, verlegde ethische grenzen en financiële meevallers, jaren ook van uitruil tussen 'staat en markt'. Steeds duidelijker komen echter ook de schaduwzijden van het paarse beleid naar voren: de inflatie wordt onbeheersbaar, het aanjagen van de economie via generieke lastenverlichting is uitgemond in een fnuikende schaarste op de arbeidsmarkt, de collectieve sector is via behoedzame groeiramingen en vaste uitgavenkaders bewust op achterstand gezet ten opzichte van de marktsector. Nederland verliest ook nog eens in hoog tempo zijn voordelige concurrentiepositie.

Op ethisch vlak zijn libertijnse waarden dominant geworden en de zielloze staatsrechtelijke vernieuwing is vooral doorgevoerd om D66 binnen boord te houden. De bestuursstijl van Paars heeft geleid tot een sorry-democratie en uitholling van dualisme. Ook deze zaken moeten worden meegewogen bij een evaluatie van het paarse beleid. De journalist Max van Weezel van Vrij Nederland schreef: 'Paars is er niet in geslaagd een coherente, sociaal-liberale visie op de toekomst van Nederland te formuleren.' Bij die situatie mag een zichzelf respecterende sociaal-democratie zich niet neerleggen en dat doen Bussemaker en Duivesteijn gelukkig dan ook niet.

Het gevaar van het praten over de agenda voor een nieuwe kabinetsperiode is dat wat gemakkelijk voorbij wordt gegaan aan wat er in de afgelopen jaren door anderen is voorgesteld om werk te maken van wat mogelijk behoort tot 'een progressieve agenda'. Het voorstel van het CDA uit 1999 - toen zich een nieuwe situatie van begrotingsoverschot aandiende - te komen tot een herziening van de financiële spelregels kreeg geen bijval van de PvdA, omdat zij vastzat aan de Zalmnorm van het regeerakkoord.

Het plan van CDA, GroenLinks en de vakbeweging tegen de armoede kreeg evenmin steun van de PvdA. En hetzelfde gold voor CDA-voorstellen om het nieuwe belastingplan gezinsvriendelijker te maken. Er had dus in de afgelopen jaren al veel meer voortgang kunnen worden geboekt. Of het nu aan het keurslijf van het paarse regeerakkoord ligt of niet, feit blijft dat veel ideeën uit de PvdA betrekking hebben op 'later'. Fractievoorzitter Melkert hekelde de 'gesel van financiën', maar uiteindelijk bleek het vooral te gaan om de toekomst. Er is veel gezegd over de Zalmnorm, maar die is gewoon intact gebleven.

Er zijn goede woorden gewijd aan vraagsturing, maar in het beleid van PvdA-staatssecretarissen als Adelmund en Vliegenthart merken we daar weinig van. Deze ideeën geven wel aan dat het simpelweg doorgaan met paars denken en paars beleid, zoals we dat nu kennen, de dood in de pot betekent, niet alleen voor de politiek, maar vooral voor het oplossen van maatschappelijke knelpunten.

Het pleidooi voor een nieuwe progressieve agenda is een uiting dat zaken anders moeten en dat is voor een regeringspartij een oppositioneel geluid. Dat dit geluid nu uit de PvdA komt vinden wij positief, alhoewel het zijn waarde in de praktijk zal moeten bewijzen. Het is duidelijk meer dan de stille VVD, waar niets wordt gehoord over ideeën en visie en waar de enige norm de Zalmnorm lijkt te zijn.

Nu dan naar de inhoud van de progressieve agenda. Het is bijna fascinerend te lezen hoe Bussemaker en Duivesteijn die agenda aanduiden: de samenleving staat centraal. 'Niet het individu als geïsoleerde eenheid is daarin de norm, maar de samenleving waarbinnen het individu zich kan ontplooien en zich veilig voelt. Markt en overheid zijn geen doel in zichzelf; telkens is de vraag hoe zij kunnen bijdragen aan een verantwoordelijke en sociale maatschappij waarin iedereen volop kansen krijgt.'

Dit pleidooi gaat verder gepaard met aanduidingen als gemeenschapszin, versterking van het zelforganiserend vermogen van de samenleving, burgers die bereid zijn een actieve rol naar de samenleving te vervullen. Fascinerende woorden omdat ze rechtstreeks lijken te zijn overgenomen uit CDA-documenten. Zo treft men in het rapport Nieuwe wegen, vaste waarden (1995) op pagina 2 (derde kolom, tweede alinea) vrijwel dezelfde teksten aan. Verder zijn de passages fascinerend omdat daarmee feitelijk het einde wordt ingeluid van de centrale paarse beleidsoriëntatie: de combinatie van 'primaat van de politiek' aan de ene kant en 'meer marktwerking en concurrentie' aan de andere kant. Het doorbreken van dit type denken verdient uiteraard alle steun. Maar, dit alles is slechts een begin. Want het gedoe rondom 'The Third Way' toont aan dat het niet bij vrome woorden mag blijven. Het zal moeten gaan om de concrete invulling van een beleidsprogramma dat is gestoeld op versterking van gemeenschapszin. Het CDA heeft dat programma in de afgelopen jaren ontwikkeld. In de eerste plaats zal het sturingsconcept van bureaucratische beheersing radicaal moeten worden doorbroken. Er moet ruimte komen voor keuzevrijheid en verantwoordelijkheid van mensen en hun verbanden: vraagsturing, persoonsgebonden budgetten en dergelijke (voorbeeld: de nota's Naar menselijke maat in de gezondheidszorg en Nieuwe regie in de zorg).

In de tweede plaats dient er volop ruimte te zijn voor 'maatschappelijke ondernemingen', die maatschappelijke taken behartigen en niet onderworpen zijn aan aandeelhouderswaarden en evenmin afhankelijk zijn van de overheidsbureaucratie. De vrijheid van het maatschappelijk initiatief moet worden versterkt.

In de derde plaats moet er gewerkt worden aan een socialer inkomensbeleid dat gekoppeld is aan het krachtig terugdringen van armoedevallen. Daartoe is het idee van 'lastenmaximering' via fiscale heffingskortingen geïntroduceerd (voorbeeld: de nota Gericht en rechtvaardig).

In de vierde plaats zal er veel meer oog moeten komen voor de morele dimensie van maatschappelijke vraagstukken. Geld alleen is immers vaak niet de oplossing. Het gaat ook om de schaal van de samenleving en tijd en aandacht voor elkaar.

Een 'samenlevingsgeoriënteerde' beleidsfilosofie sluit beter aan bij de huidige maatschappelijke ontwikkelingen dan de paarse grondtonen. In het recent uitgevoerde Nationaal Vrijheidsonderzoek concludeert het onderzoeksbureau Motivaction: 'Breed in de samenleving leeft het besef dat de grenzen van individualisering zijn bereikt... Nederlanders zijn anno 2001 op zoek naar geborgenheid, respect, herkenning en beschutting in een complexe en onzekere wereld.' Als dat zo is, zou het wel eens zo kunnen zijn dat ook de grenzen van paars zijn bereikt. Die conclusie trekken Bussemaker en Duivesteijn in hun artikel helaas niet. Maar misschien duurt het niet lang meer of Tony Blair hoort van zijn Nederlandse sociaal-democratische vrienden: 'Purple? No Way.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden