Pussy Riot-lid opgepakt na protestactie bij hoofdkwartier van de Russische geheime dienst

'Hartelijk gefeliciteerd, beulen!' Met een spandoek met die tekst begroette Pussy Riot-lid Maria Aljochina medewerkers van de FSB woensdag bij hun hoofdkwartier ter gelegenheid van de honderdste verjaardag van de Russische geheime dienst. Het duurde niet lang voordat de politie haar inrekende. Ook twee fotografen die haar protestactie vastlegden, werden meegenomen naar het politiebureau.

Hoofdgebouw van de FSB. Beeld AFP

Met haar actie wilde Aljochina de aandacht vestigen op het bloedige verleden van de geheime dienst, die in 1917 werd opgericht om de tegenstanders van de Revolutie te bestrijden. Volgens Aljochina reageerden de FSB'ers 'paniekerig ' op haar actie. 'Niemand vindt het leuk om zich een beul te voelen', zei ze tegenover Radio Free Europe. 'Maar de FSB is de rechtstreekse opvolger van de KGB. Daaraan hebben we hen nog eens herinnerd.' Haar hangt nu mogelijk een veroordeling tot vijftien dagen cel boven het hoofd.

Onder leiding van Feliks Dzerzjinski begon de Tsjeka, zoals de dienst begin vorige eeuw nog heette, een campagne tegen 'contrarevolutionairen'. In de jaren dertig mondde dat uit in de terreur onder Sovjetdictator Stalin. Miljoenen mensen verdwenen in de kampen van de Goelag, terwijl honderdduizenden werden geëxecuteerd. Geschat wordt dat zeker vijf tot zes miljoen mensen in de Goelag zijn omgekomen.

Sovjetregime

Ook de beulen zelf ontsnapten niet aan de terreur. Ruim 20 duizend leden van de OGPOe en de NKVD, zoals de geheime dienst onder Stalin heette, werden het slachtoffer van repressie. De ene na de andere chef van de geheime dienst werd geëxecuteerd.

Bij de val van het Sovjetregime in 1991 werd het standbeeld van 'IJzeren Feliks' voor het KGB-gebouw onder luid gejuich van zijn sokkel gehaald, maar de afgelopen jaren maakt de geheime dienst een heropleving door. De 'tsjekisten', zoals de medewerkers van de geheime dienst nog steeds worden genoemd, staan weer in aanzien, vooral dankzij president Poetin die zijn carrière als KGB-agent begon.

Politieke invloed

In een interview met de pro-Kremlinkrant 'Rossiiskaja gazeta' ter gelegenheid van de verjaardag van de geheime dienst vergoelijkte FSB-chef Aleksandr Bortnikov de terreur onder Stalin. Hij wees erop dat buitenlandse mogendheden de Sovjet-Unie destijds probeerden kapot te maken met behulp van verraders. Volgens Bortnikov was het merendeel van de slachtoffers van de terreur wel degelijk schuldig aan misdrijven, zoals corruptie, machtsmisbruik of spionage. Als voorbeeld noemde hij de aanhangers van Stalins rivaal Lev Trotski, die er volgens hem op uit waren de Sovjetleider af te zetten of zelfs te liquideren.

Bortnikov verzekerde dat de FSB tegenwoordig helemaal vrij is van politieke druk, maar dat betwijfelen aanhangers van de oppositie. Zij klagen dat de FSB zich nog steeds van KGB-praktijken bedient om af te rekenen met mensen die zich tegen het bewind van president Poetin hebben gekeerd. Daarbij wijzen zij op de moord op de voormalige FSB-agent Aleksandr Litvinenko, die in 2006 in Londen met de radioactieve stof polonium om het leven werd gebracht. Volgens een Britse rechter was de moord het werk van de FSB en had de operatie hoogstwaarschijnlijk de zegen van president Poetin.

Aleksandr Litvinenko. Beeld AFP
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden