'Publieke omroep heeft geen visie'

De omroepen hebben het afzonderlijk niet slecht gedaan, vindt Alexander Rinnooy Kan. Maar over de publieke omroep als geheel is de visitatiecommissie die onder zijn leiding de publieke omroep onderzocht, niet tevreden....

Wat heeft een bankier met televisie?

'Ik ben niet alleen een bankier', snuift Alexander Rinnooy Kan licht verontwaardigd. 'Maar ik heb dit inderdaad niet gedaan als deskundige. Ik zat in die commissie als iemand die, net als zoveel Nederlanders, belangstelling heeft voor het fenomeen publieke omroep en die de overtuiging heeft dat het een belangrijk verschijnsel is dat ons aller betrokkenheid verdient. Mijn eigen televisiegedrag? Vind ik niet zo relevant. Ik kijk in de regel pas laat in de avond. Onder meer naar NOVA.'

ING-bestuurder Alexander Rinnooy Kan (1949) is voorzitter van de visitatiecommissie die gisteren haar langverwachte rapport afscheidde over het publieke omroepbestel presenteerde. Het geruchtencircuit meldde al maanden dat het rapport vernietigend zou zijn. Dat lijkt in eerste instantie mee te vallen: de afzonderlijke omroepen hebben, vindt de commissie, in grote lijnen redelijk gepresteerd. Sommige omroepen deden het beter dan andere; waar de KRO een pluim krijgt vanwege zijn duidelijke doelstellingen en heldere keuzes, moet de TROS het doen met de zuinige formulering dat 'het functioneren van de TROS zich uiteindelijk moeilijk door middel van een visitatieproces laat doorgronden.'

'Elke omroep heeft zijn sterke en zijn zwakkere kanten', zegt Rinnooy Kan. 'Maar we hebben over geen van de omroepen geconcludeerd dat ze niet in het bestel thuishoren. Nee, er hebben ook geen omroepen in de gevarenzone gezeten.'

Onverbloemd negatief is de commissie echter over de publieke omroep in zijn totaliteit. 'De omroepen slagen er in hun gezamenlijke optreden, onder leiding van de Raad van Bestuur en de door de omroepen gedomineerde Raad van Toezicht, onvoldoende in om de publieke omroep in totaliteit de gewenste en voor Nederland onverminderd belangrijke rol te laten spelen die voor hem was en is weggelegd', schrijft de commissie in haar advies. Ze spreekt van een zorgelijke ontwikkeling, die samengaat met een opvallend gebrek aan visie op en strategie voor de omroep.

Rinnooy Kan: 'Dat is de kern van onze evaluatie: we vinden dat de omroep in totaliteit beduidend minder goed presteert dan je uit die redelijk positieve rapporten per omroep zou kunnen concluderen. De omroepen schieten tekort in hun gezamenlijke verantwoordelijkheid voor het systeem als geheel. Dat manifesteert zich in hele complexe processen van organisatie en programmering op het niveau van net en zender. Het gevolg is dat veel van het creatieve talent dat in Hilversum zo ruim voorhanden is, onbenut blijft. Dat is voor programmamakers bijzonder frustrerend.'

Sommige kreten heeft Rinnooy Kan de afgelopen anderhalf jaar zo vaak gehoord dat ze, zelfs nu zijn commissie formeel is opgeheven, nog wel eens onverwacht door zijn hoofd zullen spoken. Zoals daar zijn 'externe pluriformiteit', en 'spagaat.' Met 'externe pluriformiteit' wordt bedoeld dat het televisieaanbod van de publieke omroep dankzij het voormalige zuilenstelsel voor elk wat wils biedt. De visitatiecommissie wil deze externe pluriformiteit behouden. De term 'spagaat' wordt gebruikt om aan te tonen hoe moeilijk het voor een omroep is om tegelijk zijn eigen identiteit te onderstrepen om zodoende zijn bestaansrecht te bewijzen, zichzelf ondergeschikt te maken aan het grote geheel.

'Het samenwerkingsproces leidt niet tot bevredigende prestaties', zegt Rinnooy Kan diplomatiek. 'Zo moet je constateren dat het kijktijdaandeel almaar verder terugloopt, en ook dat er hele groepen zijn die door de publieke omroep niet of nauwelijks bereikt worden. Ons is verteld dat 9 miljoen kijkers op de rand van afhaken staan; dat zijn grote groepen jongeren, allochtonen en maatschappelijk minder actieven. Dat staat haaks op het positieve vertrekpunt van de omroep, die 'van iedereen' en 'voor iedereen' wil zijn. Naar onze overtuiging is de verklaring voor een belangrijk deel te vinden in de bestuurlijke structuur waarin men functioneert. De besturing van de publieke omroep is een fundamenteel probleem. Dat leidt tot processen die heel veel tijd, aandacht en energie vergen en die uiteindelijk resulteren in compromissen die behoorlijk frustrerend zijn.

eem de netprofilering. Een paar jaar 'Ngeleden is ervoor gekozen de drie televisienetten van de publieke omroep een eigen, herkenbaar profiel te geven. Dat is een verstandig idee geweest, want uit onderzoek blijkt steeds weer dat kijkers en luisteraars zich uiteindelijk orieren op wat een net of een zender te bieden heeft. Maar in de belevenis van de kijkers zijn de verschillen tussen die netten nauwelijks terug te vinden. Mensen zien wheel goed het verschil tussen publieke en commerci omroep. De netprofilering is niet goed gelukt, deels door die complexe besturing.'

De commissie Rinnooy Kan heeft haar aanbevelingen in twee hoofdstukken onderverdeeld. In het eerste hoofdstuk staan de aanbevelingen die zonder grote wetswijzigingen gerealiseerd kunnen worden; die aanbevelingen kunnen in de huidige concessieperiode, die tot 2010 loopt (zie kader) tot stand worden gebracht. Een van de aanbevelingen is serieus werk te maken van een krachtige profilering van de radiozenders en de televisienetten. Rinnooy Kan: 'Die profilering is essentieel, daar moeten uitgangspunten aan ten grondslag liggen die vastgelegd zijn in handvesten, in netcharters. Zo vinden we dat het functioneren van de netconatoren moet verbeteren. Die moeten geipeerd worden om daadkrachtiger op te kunnen treden dan ze nu doen, ze moeten een mandaat krijgen dat hen in staat stelt namens de raad van bestuur knopen door te hakken als zich impasses voordoen.

'Een tweede aanbeveling is dat de raad van bestuur zijn mogelijkheden ten volle moet gaan gebruiken, ook budgettair. De raad heeft wettelijk de beschikking over 25 procent van het programmabudget, hij mag dus een kwart van de totale programmagelden inzetten waar dat hem goeddunkt. In praktijk gebruikt de raad echter maar tien procent. Dat vinden we niet goed. De raad van bestuur moet niet aarzelen om die volle 25 procent naar zich toe te halen.

'En in de derde plaats vinden we en dat zal wel een kleine wetswijziging vergen, maar kan relatief gemakkelijk worden geregeld dat de samenstelling van de raad van toezicht moet veranderen. Nu zitten daar de omroepvoorzitters in. Wij bevelen aan die raad van toezicht samen te stellen uit onafhankelijke representanten van de samenleving, uit mensen die geen rechtstreekse banden met de omroep hebben. We vinden het overigensbegrijpelijk dat de omroepen betrokken willen worden bij discussies over de publieke omroep, en we stellen daarom voor de omroepvoorzitters via een College van Advies maar dan ook echt niet meer dan dat de kans te geven hun mening te geven.'

De TROS en de KRO hebben steeds gezegd in dat geval uit het publieke bestel te stappen. Is die aanpassing dat waard? 'Dat weet ik niet, dat moeten de TROS en de KRO zelf weten. Maar wij komen tot dit oordeel, en wij denken dat het alleen maar helderheid in verhoudingen zal scheppen. Die toezichthoudende rol, daar is toch uiteindelijk in de praktijk niet veel van terecht gekomen. Juist door de huidige samenstelling zag je dat teveel bestuurlijk-operationele zaken bij die raad van toezicht belandden, waardoor er veel te weinig tijd resteerde voor de wat meer strategische discussies over visies voor de langere termijn. Die discussies hebben in de raad van toezicht nauwelijks plaatsgevonden, dat wreekt zich ook in het ontbreken van een gezamenlijk gedragen lange termijn perspectief.'

De visitatiecommissie heeft ook een model klaarliggen voor het geval de publieke omroep na de voorgestelde veranderingen toch niet beter gaat functioneren. In dat geval moet de Mediawet ingrijpend worden gewijzigd. Rinnooy Kan: 'Wij hebben eerst vrij veel tijd gestoken in het bestuderen van twee modellen waarover vaak wordt gepraat. Dat zijn het 'productiehuizenmodel', waarbij de omroepen alleen nog maar programma's aanleveren en je dus een BBC-achtige structuur krijgt. Dat vinden wij alles bij elkaar een model waarin je alle charmes die het publieke bestel toch ook heeft, in een keer overboord gooit. Die stap zouden we niet willen bepleiten.

'Het tweede model was het 'thuisnetfusiemodel' waarbij de omroepen op hun voorkeursnet zeer nauw samenwerken, zo niet fuseren, en gezamenlijk de verantwoordelijkheidvoor dat net nemen. Het is het model dat door de VARA nadrukkelijk is bepleit. Dat model wijzen we af omdat wij denken dat in zo'n structuur de netten niet anders dan vrij autonoom zullen kunnen opereren. De flexibiliteit van het omroepbestel zou verdwijnen je maakt het nieuwe omroepen vrijwel onmogelijk nog toe te treden en desgewenst de plaats van oude omroepen in te nemen en wat zich ook nauwelijks laat organiseren, is afstemming op centraal niveau die ervoor zorgt dat die netten ook interessant van elkaar verschillen.'Dan het model dat de visitatiecommissie heeft bedacht. Rinnooy Kan:

'Omroepen blijven bestaan en krijgen als primaire taak het produceren en verwerven van programma's die we identiteitsprogramma's noemen. Dat zijn dus programma's die heel specifiek tot uitdrukking brengen waar de omroepen voor staan en wat hun maatschappijvisie is. Voor die identiteitsprogramma's krijgen ze tussen een kwart en de helft van hun huidige zendtijd en het daarbij behorende budget. De rest van de zendtijd wordt ingevuld onder verantwoordelijkheid van een netdirectie, die onder de raad van bestuur ressorteert en de opdracht krijgt het netprofiel te realiseren. Voor de invulling van die programma's kunnen alle omroepen meedingen. In onderlinge concurrentie met elkaar en met producenten van buiten mogen ze voorstellen doen en proberen die zendtijd naar zich toe te halen. Maar ze hebben daarbij rekening te houden met wat de netdirectie van hen verlangt. En wat die netdirectie van hen zal verlangen, zal uiteraard gedreven worden door een zo scherp mogelijke realisatie van het netprofiel.'

'Maximaal de helft van de leden van die netdirectie mogen worden voorgedragen door omroepen. Als mensen voorgedragen zijn en ze worden benoemd, dan moeten ze alle banden met hun omroep verbreken. Ze treden dan in dienst van het net, rapporteren aan de raad van bestuur, en de raad van bestuur krijgt de verantwoordelijkheid om ervoor te zorgen dat de drie netten hun profiel realiseren. dat daarmee de publieke omroep in totaliteit een prestatiecontract naleeft dat ze met de overheid gaat sluiten. Ik vind het geen compromis. Ik vind het een goed model.'

-De visitatiecommissie buigt zich over de verdeling van de macht in een ondergaand rijk, zei iemand onlangs. 'They could be right. Maar de visitatiecommissie gelooft echt in een sterke publieke omroep. Dat kunnen we niet vaak genoeg benadrukken.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden