Publieke commissaris wil meer loon

Toezichthouders in het onderwijs en bij woningcorporaties zijn ontevreden: zij verdienen veel minder dan commissarissen van beursgenoteerde bedrijven.

AMSTERDAM - Toezichthouders in het onderwijs en bij culturele instellingen, goede doelen en woningbouwcorporaties zijn ontevreden over hun vergoeding. Ze zijn niet veel minder tijd kwijt aan hun nevenfunctie dan hun collega's in het bedrijfsleven, maar ze krijgen er veel minder geld voor. Deskundigen waarschuwen dat het door deze kloof lastiger kan worden om mensen te vinden voor (semi)publieke posten.


Dat blijkt uit Het Nationaal Commissarissen Onderzoek 2013 van de hoogleraren Mijntje Lückerath (Tilburg) en Auke de Bos (Erasmus Universiteit), dat vandaag wordt gepresenteerd.


Commissarissen van beursgenoteerde bedrijven verdienen gemiddeld 38 duizend euro per jaar met hun bijbaan, blijkt uit de jaarlijkse studie, waaraan dit keer bijna 340 commissarissen meewerkten. Bij niet-beursgenoteerde bedrijven ligt de vergoeding in doorsnee op zo'n 17 mille. In het (semi)publieke domein wordt het snel minder.


In de zorg bedraagt de vergoeding 8.500 euro, in het onderwijs 5.000 euro. Bij culturele instellingen en goede doelen is het nog geen 3 mille per jaar. In deze sectoren vindt een meerderheid van de toezichthouders de vergoeding te laag of veel te laag. Het bedrijfsleven is gemiddeld wel tevreden. Ook in de zorg kan een meerderheid goed leven met de vergoeding, ook al is die relatief laag.


Het gat in de beloning tussen publiek en privaat laat zich niet goed verklaren doordat een commissariaat in het bedrijfsleven veel zwaarder is. Een commissaris bij een beursgenoteerd bedrijf was vorig jaar weliswaar 21 uur per maand kwijt, maar bij woningcorporaties (beloning: bijna 11 duizend euro) was dat 20 uur. Wellicht deden de toezichthouders daar extra hun best, met het Vestia-debacle met de derivaten in het achterhoofd.


In de rest van het bedrijfsleven besteedde een commissaris vorig jaar 13 tot 18 uur per maand aan zijn bijbaan, wat ook niet veel verschilt met de zorg (16 uur), het onderwijs (14 uur) en de culturele instellingen en goede doelen (12 uur). Toezichthouders bij de corporaties en in het onderwijs waren, wellicht ook door de publiciteit over schandalen, 3 uur per maand meer kwijt dan een jaar eerder.


De combinatie van relatief veel werk voor een relatief lage vergoeding baart sommige toezichtsdeskundigen zorgen. 'Ik denk dat de relatief lage en soms zelfs heel lage beloning niet zal helpen om voldoende gekwalificeerde toezichthouders te houden of te krijgen', zegt Mijntje Lückerath, hoogleraar corporate governance in Tilburg. 'Daar moet je de toegenomen aansprakelijkheid en de grotere tijdsbesteding nog bij optellen. Het is geen liefdadigheidsbaantje dat je voor de eer doet, het is een serieuze job met veel verantwoordelijkheden, juist ook in de non-profit hoek. Ik vraag me dus af waar dat heen gaat.'


Volgens het Nationaal Register, een bureau dat nieuw toezichthouderstalent levert, valt het probleem nu nog mee. Per vacature krijgt het Nationaal Register tien tot zeventig reacties van mensen die graag willen, al was het maar omdat het goed is voor je cv.


Het grote verschil in beloning werd een jaar geleden ook al als risico genoemd bij de invoering van de Wet bestuur en toezicht. Die bepaalt dat commissarissen maximaal vijf posten mogen hebben, waarbij een voorzitterschap dubbel telt.


Volgens de critici zouden goede mensen door die gedwongen beperking voor het beter betalende bedrijfsleven kiezen, in plaats van voor de publieke zaak. Volgens de voorstanders van de wet was de beperking juist nodig om te voorkomen dat toezichthouders hun werk slecht doen, doordat ze door hun vele bijbanen te weinig tijd hebben. Het maximeren van het aantal bijbanen per persoon moet bovendien het old boys network openbreken. Door de beperking moeten frisse gezichten worden benoemd in plaats van steeds dezelfde mensen, met het risico dat ze elkaar de hand boven het hoofd houden.


Het old boys network en het tijdgebrek worden vaak genoemd als oorzaak van de schandalen in de (semi)publieke sector, niet alleen bij corporaties als Vestia, maar ook in het onderwijs (Amarantis) en de zorg (Meavita).


Een koel oog

Een commissaris zit anders in elkaar dan een gewone (hoogopgeleide) Nederlander. Hij of zij is in doorsnee minder emotioneel en bekijkt zaken met een koel oog, blijkt uit een psychologische steekproef bij het Nationaal Commissarissen Onderzoek waaraan 190 commissarissen meededen. Verder zijn commissarissen extraverter dan de gemiddelde landgenoot - handig voor de communicatie - en staan zij meer open voor ervaringen. Wat verdraagzaamheid en consciëntieusheid betreft zijn er geen verschillen, maar, misschien opvallend gezien de recente toezichtschandalen, commissarissen zijn wel integerder. Ten slotte zijn ze relatief ongeïnteresseerd in luxe, sociale status en privileges.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden