Proeflichamen?

Bij de reconstructie van de Leidse balpenmoord heeft justitie een menselijk hoofd gebruikt. Mogen lichamen die ter beschikking zijn gesteld van de wetenschap, zomaar voor strafrechtelijk onderzoek worden gebruikt?...

GIJS ZANDBERGEN

De woordvoerster van de stichting orgaan en weefseldonorvoorlichting, die niet met haar naam in de krant wil: 'Een orgaan of weefsel doneren is wat anders dan je lichaam aan de wetenschap afstaan. In het eerste geval kan het lichaam gewoon begraven of gecremeerd worden, in het tweede geval ziet de familie het lichaam niet meer terug. Dan gaat het naar het pathologisch/ anatomisch laboratorium van een universiteit, waar het wordt gebruikt voor studie en wetenschappelijke doeleinden.'

Prof. dr A. Gittenberger-De Groot, directeur anatomisch laboratorium van het Academisch Ziekenhuis Leiden: 'Wij krijgen hier zo'n vijftig nieuwe stoffelijke overschotten per jaar binnen. Maar we hebben er veel meer liggen, want in de fixatie kun je ze goed bewaren. De directeur van het anatomisch laboratorium is formeel verantwoordelijk voor wat er mee gebeurt. Daar zijn wij heel strikt in. Hier is de regel dat elke aanvraag voor onderzoek of onderwijs aan studenten door mij wordt gezien. Proeven moeten ook hier in het laboratorium worden gedaan. Lichaamsdelen mogen het gebouw niet uit. Dat hoeft ook niet, want andere aanvragen dan voor onderwijsdoeleinden of medisch onderzoek krijgen wij zelden, eigenlijk nooit. Maar als die er waren, zou ik toch eerst informatie inwinnen, bijvoorbeeld bij de medisch-ethische commissie van het ziekenhuis. Niet dat die commissie beslissingsbevoegdheid heeft, maar het is toch een zware club. En verder, tja, het is een beetje jammer dat de media er nu al zijn opgesprongen. Volgende maand komen alle directeuren van de pathologische laboratoria bij elkaar. Dan kunnen we met elkaar praten over wat ons in voorkomende gevallen te doen staat. Dan hebben we in elk geval de procedures besproken, want ik denk dat het daar een beetje is misgegaan.'

Cora Wemelsfelder van de werkgroep Bezinning Orgaandonatie: 'Er zijn voorbeelden genoeg van mensen met een bijna-doodervaring die zichzelf op straat of op de operatietafel hebben zien liggen. Daar wordt in de voorlichting te weinig rekening mee gehouden. Zo van: mensen, je kunt je lichaam wel ter beschikking stellen, maar besef dat je bewustzijn blijft bestaan. Sommige zielen kan het niet schelen wat er met het stoffelijk omhulsel gebeurt, maar andere zielen willen dat gerotzooi niet hebben. Alleen, en dat is het vervelende, ze kunnen er niets meer aan doen! Daarnaast maakt het ook nog uit wàt er mee wordt gedaan. Ik stel me voor dat het voor een ziel minder erg is om zijn hoornvlies in het oog van een blinde te zien, dan dat er balpennen doorheen worden geschoten.'

Theo Capel, thrillerschrijver: 'Voor mijn held, Hank Stammer, is dit geen zaak. Hank is een goedmoedige stomper, bij wie de slachtoffers een klap krijgen of gewoon op straat worden doodgereden. Hank heeft geen ingewikkelde onderzoeken aan dode lichaamsdelen nodig, hoogstens onderzoekt hij levende lichaamsdelen. Aan de andere kant is het geval van de balpenmoord natuurlijk wel spekkie voor het bekkie van een puzzel-detectiveschrijver. Al die vragen. Hoe krijg je in vredesnaam een balpen via het oog in een schedel? Heeft die vrouw niets gemerkt? Als ik de punt van een handdoek in mijn oog krijg, wordt ie rood. Hoe zit dat met een balpen? Wat dat betreft heb ik pech. Ik ben indertijd uit Amsterdam verhuisd, mede omdat ik gek werd van mijn buurman, die altijd de opera Lucia di Lammermoor van Donizetti draaide. Ik hou helemaal niet van opera. Laat die buurman nu een maand na mijn vertrek vermoord worden. Trouwens de buurvrouw werd twee maanden daarna ook dood in het trapportaal gevonden. Ik begreep dat de verdachte van de balpenmoord voor zijn daad werd veroordeeld, omdat hij bij zijn therapeute een bekentenis had afgelegd. Betekent dit dat ik morgen ook de politie op mijn stoep heb staan?'

Henk Schiffmacher, tatoeërend kunstenaar: 'Sinds de Tweede Wereldoorlog is het vanwege de joden en lampekappen een beladen onderwerp, maar voor die tijd was heel normaal dat lichaamsdelen boven de grond werden gehouden. Vooral bij aangespoelde zeelui werden getatoeëerde armen gebruikt voor identificatie. Trouwens, het gebeurt nu nog dat mensen netjes worden afgepeld en dat er stukken huid worden bewaard. In Japan zijn ze er sterk in. Je moet het wel goed regelen. Een briefje alleen is niet genoeg. Want als je dood wordt gevonden in Kutkamperveen met een briefje: pak een kaasschaaf en schil de boel er maar af, dan gebeurt dat natuurlijk niet. Je moet een arts die je begrijpt in het complot betrekken. Dat luistert nauw. Ik ga namelijk mijn hoofd niet ter beschikking stellen om er kogels doorheen te laten schieten. Als ikde pijp uit ben, worden delen van mijn lichaam tentoongesteld in het tatoeagemuseum dat ik 1 mei in Amsterdam ga openen. De rest van mijn lijf wordt gecremeerd, de as wordt verpulverd en door de tatoeage-inkt gemengd, zodat mensen een stukje hanky panky kunnen meedragen. Dat heb ik met mijn vrouw zo afgesproken.'

Gijs Zandbergen

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden