rechtbankverslag Marianne P.

Proces moeder, verdacht van uitbuiting eigen kinderen: ‘Ik smeek u mij te vergeven’

Moeder Marianne P. wordt verdacht van het tewerkstellen van haar minderjarige Roma-kinderen in een Nijmeegse vleesfabriek. Mensenhandel vanuit Spanje en uitbuiting? De officier eist 12 maanden cel, de verdachte vraagt om een kans ‘snel weer samen met mijn kinderen te zijn’. Een rechtbankverslag uit Zwolle.

Marianne P. wordt verdacht van arbeidsuitbuiting van haar eigen, minderjarige, kinderen. ‘Uw kinderen hebben verklaard dat ze hiernaartoe kwamen om te werken.’ Beeld Annet Zuurveen

De rechter: ‘U kwam naar Nederland om hier te werken. Waarom nam u uw minderjarige kinderen Raoul en Daniela uit Spanje mee?’

Verdachte: ‘Ik heb hier eerder gewerkt. De kinderen bleven huilen: mama, wanneer kom je weer thuis?’

Rechter: ‘Had u de bedoeling ze hier te laten werken?’

Verdachte, huilend: ‘Nee, ik schreef ze in de gemeente Nijmegen in, zodat ze bij me konden zijn.’

Rechter: ‘Maar in hun identiteitspapieren staat dat Raoul 18 en Daniela 23 jaar is. In werkelijkheid zijn ze 13 en 16.’

Verdachte: ‘Iemand in Spanje heeft die papieren voor me ingevuld.’

Rechter: ‘Heeft u die papieren niet gezien?’

Verdachte: ‘Jawel, maar ik kan niet lezen.’

***

Mevrouw P. (37) wordt ten laste gelegd dat ze haar minderjarige kinderen uit Spanje naar Nederland haalde om ze hier te werk te stellen in een vleesverwerkende fabriek. Dat is mensenhandel en uitbuiting, stelt de officier van justitie in de Zwolse rechtbank, ‘waarbij misbruik wordt gemaakt van de kwetsbare positie van de kinderen, die loyaal zijn naar hun moeder, hier de taal niet spreken en hun rechten niet kennen’.

***

Rechter: ‘Wist u dat de geboortedata op de reisdocumenten van uw kinderen zijn vervalst?’

Verdachte: ‘Eerst niet, maar dat is me later wel verteld.’

Rechter: ‘Wie regelde dat u kon gaan werken in een vleesfabriek?

Verdachte: ‘Die vraag wil ik niet beantwoorden.’

Rechter: ‘Mevrouw de officier, als er in Nederland een vleesfabriek is die dit soort mensen ronselt, willen we dat graag weten.’

Officier van justitie: ‘We weten nog niet om welke fabriek het gaat – dat wordt onderzocht. We weten wel het uitzendbureau. En er is contact met de man die de papieren heeft ingevuld.’

***

Afgelopen week meldde Herman Bolhaar, de Nationaal Rapporteur Mensenhandel, dat in Nederland jaarlijks gemiddeld slechts 23 zaken van arbeidsuitbuiting, oftewel ‘moderne slavernij’, voor de rechter komen. Uiterst schrijnende gevallen: slachtoffers zijn afhankelijk van hun ronselaars en worden doorgaans financieel uitgeknepen of afgeperst, en tewerkgesteld en gehuisvest onder erbarmelijke omstandigheden. Daarom moet hierop intensiever worden gerechercheerd, zo heeft ook het kabinet onderstreept. De Nationaal Rapporteur noemt zaken als die van mevrouw P. ‘het topje van de ijsberg’. De Spaanse ambassade waarschuwt laaggeschoolde Spanjaarden al enige tijd voor valse beloftes van werk in Nederland: de werk- en woonomstandigheden zouden slecht zijn, inkomsten vallen lager uit doordat huisvesting van het loon wordt afgetrokken en het aantal uren dat ze kunnen werken voor hun nulurencontract is vaak lager dan wordt voorgespiegeld.

***

De rechter: ‘U zou een kamer krijgen waarvan de kosten worden afgetrokken van uw salaris. Moesten de kinderen werken om ook in die kamer te mogen verblijven?’

Verdachte: ‘Ja.’

Rechter: ‘Wie zei dat?’

Verdachte: ‘De mensen voor wie we moesten werken.’

Rechter: Wanneer werd u dat gezegd?’

Verdachte: ‘Voordat we uit Spanje vertrokken.’

Officier: ‘Uw kinderen hebben verklaard dat ze hiernaartoe kwamen om te werken. U zegt nu dat u de kinderen hier naar school wilde laten gaan. Welke school?’

Verdachte: ‘Dat weet ik nog niet. We waren net aangekomen en ik wilde uitzoeken naar welke school ik ze kon sturen.’

Officier: ‘Hoe wilde u dat gaan doen?’

Verdachte: ‘Ik zou om hulp vragen.’

Officier: ‘Aan wie?’

Verdachte: ‘Ik zou aan mensen vragen waar ik die hulp kan vinden. Mijn dochter spreekt Engels.’

Officier: ‘Uw dochter heeft verklaard dat ze in Spanje klaar was met school en daarom hier met u zou komen werken.’

Verdachte: ‘Ze zou nog verder kunnen leren.’

***

De officier van justitie gelooft de verdachte niet. In haar requisitoir zegt ze dat de kinderen hun tijdelijke woonplek ‘vreselijk’ vonden. En ‘werken in de vleesverwerking is zwaar, impopulair en vindt plaats in een gekoelde omgeving’, benadrukt de officier. ‘Het gaat met messen en machines en is daarom gevaarlijk. Doordat het aan een lopende band geschiedt, kan iemand bovendien niet zijn eigen werktempo bepalen.’ Volgens de officier is het onverantwoord om kinderen als volwassenen dit werk te laten doen, en was hun moeder uit op financieel voordeel. ‘In Nederland is zulk werk voor kinderen verboden, en dat is niet voor niets.’ Ze eist een celstraf van 12 maanden.

De rechter: ‘Uw kinderen zijn vermist.’

Verdachte: ‘Ze zijn bij hun vader in Roemenië.’

Officier: ‘Ze waren aan Jeugdzorg toevertrouwd, en zijn na het onbegeleid winkelen niet teruggekeerd.’

Verdachte: ‘De politie vroeg in mijn cel of Interpol foto’s van ze mocht verspreiden. Daar heb ik aan meegewerkt.’

***

Advocaat Popescu spreekt van ‘morele paniek’. Hij stelt dat de media uitbuitingszaken overdrijven, evenals het feit dat wordt overdreven dat alle Roma – waartoe zijn cliënt behoort – hun kinderen zouden laten stelen en bedelen. Een rapport hierover van een ‘zogenaamde’ deskundige en twee rechercheurs is volgens hem ‘op niets gebaseerd’. Popescu: ‘Deze zaak gaat niet over uitbuiting, maar over armoede, over een moeder die probeert een oplossing te vinden voor de financiële problemen in haar gezin.’

De advocaat betoogt dat Raoul en Daniela ‘schatten van kinderen’ zijn: beleefd, goed gekleed, welbespraakt. ‘Ze zijn beter opgeleid dan hun moeder, die analfabeet is.’ Hij noemt het strafrecht de Haarlemmerolie van de maatschappij, maar ‘in deze zaak lijkt de straf me erger dan de kwaal. Ik verzoek u dan ook deze hele zaak in de prullenbak te gooien.’

De rechter: ‘Wij doen over twee weken uitspraak. Mevrouw P., u krijgt nu het laatste woord.’

Verdachte: ‘Geeft u me alstublieft een kans om snel weer samen met mijn kinderen te zijn. Ik smeek u mij te vergeven.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden