Problemen in zorg typerend voor beleid paarse partijen

Nu het economisch succesvolle paarse kabinet inzet is gemaakt van de verkiezingen, hebben de paarse partijen er geen enkel belang bij om een inhoudelijk debat te voeren....

GERT SCHUTTE; FRANS GODSCHALK

EEN VAN de meest in het oog springende zaken die de verkiezingscampagne tot op heden kenmerkt, is het bijkans geheel ontbreken van het inhoudelijke debat over de grote lijnen van het beleid dat de komende kabinetsperiode gevoerd zal worden. Dat is zorgwekkend als wordt gelet op de fundamentele problemen waarvoor politiek en samenleving op dit moment reeds staan.

Dat dit debat niet wordt gevoerd heeft verschillende oorzaken. Het bestaan van het paarse kabinet als zodanig geeft aan een van die oorzaken in zekere zin al uitdrukking. Dit kabinet heeft haar bestaan immers vooral te danken aan het ontbreken van ideologische tegenstellingen.

Wat de paarse partijen destijds vooral dreef was de wens om het CDA nu eindelijk eens uit te sluiten van regeringsverantwoordelijkheid. Voor D66 was dit zo'n beetje de bestaansgrond. Voor de PvdA bood deze uitdaging een welkome gelegenheid om te ontsnappen aan de ideologische crisis waarin men dreigde te verstikken na de teloorgang van het socialisme.

En binnen de VVD was de rancune tegen het CDA voldoende groot om tot het paarse kabinet toe te treden. Daarbij verschafte de ideologische kwetsbaarheid van de PvdA ruimte om de eigen liberale beginselen binnen een dergelijke coalitie te laten domineren. Het is dan ook niet verwonderlijk dat het paarse kabinet zich bij uitstek heeft doen kennen als een liberaal kabinet.

Nu het in materieel opzicht succesvolle paarse kabinet inzet is gemaakt van de verkiezingen, hebben de paarse partijen er geen enkel belang bij om een inhoudelijk debat te voeren. Gesteld dat er ideologisch fundamentele verschillen van mening zijn, wat overigens moet worden betwijfeld, dan nog zullen die niet voor het voetlicht worden gebracht. Het gaat nu immers om de stemmen.

Een paars vervolg betekent dat de paarse partijen tot elkaar zijn veroordeeld. In de strijd om de gunst van de kiezer leidt dat niet alleen tot schijngevechten, maar soms ook tot beschamende vertoningen. Zo werden door Kok en Bolkestein aan D66 al voordat de kiezer gesproken heeft ministersposten toegeschoven.

Natuurlijk niet uit edelmoedigheid. Juist D66 profileert zich immers het meest op paars. Gezien de slechte peilingen voor D66 zijn PvdA en VVD bang dat men daardoor stemmen aan die partij zal verliezen. Hun genereuze gebaar is dan ook niet meer dan een boodschap aan de kiezer dat het niet uitmaakt dat D66 klein wordt, met twee ministersposten is deelname al verzekerd. Natuurlijk wordt dit aanbod door D66 vervolgens beleefd, maar beslist van de hand gewezen. Over minachting van de kiezer gesproken.

Het wordt echter hoog tijd dat de problemen waarvoor de politiek en samenleving thans staan duidelijk voor het voetlicht worden gebracht. Symptomatisch zijn wat dat betreft de financiële problemen waarmee men in de zorgsector, het onderwijs en bij politie en justitie heeft te kampen. Het gaat hierbij niet om eisen die met honderd miljoen meer of minder en een beetje efficiëncyverbetering kunnen worden afgekocht. Er is meer aan de hand.

Een belangrijk gevolg van de verregaande individualisering van de samenleving is dat nieuwe maatschappelijke lasten ontstaan. Willen we voorkomen dat er binnen de samenleving een tweedeling ontstaat dan zullen die lasten collectief gedragen moeten worden.

Ter illustratie kan worden gewezen op de ontwikkelingen in de zorgsector. Nog niet zo lang geleden bestonden grote informele zorgcircuits. Onderlinge zorg in straat, buurt en wijk, binnen familie en gezin en binnen allerlei maatschappelijke verbanden vonden praktisch kosteloos plaats.

Nu steeds meer mensen zich al dan niet gedwongen op de arbeidsmarkt begeven ontstaat hier een maatschappelijk tekort, dat slechts via betaalde zorg, in casu de thuiszorg, kan worden opgevangen.

Een vergelijkbare ontwikkeling zien we in de sfeer van het onderwijs. Kinderopvang en buitenschoolse opvang zijn de begeleidende verschijnselen van het tweeverdienerschap. Steeds meer problemen die zich als gevolg van de afwezigheid van ouders in de gezinnen voordoen, worden bovendien op de samenleving afgeschoven.

Het gaat hierbij om structurele problemen waarbij structurele maatregelen passen. In dat opzicht schiet het paarse kabinet volstrekt te kort. Het accent bij de ontwikkeling van alternatieve zorgcircuits lag primair verbetering van de doelmatigheid.

In plaats van een noodzakelijke substantiële verhoging van de bijdrage voor de zorg, voerde men een beleid, dat nog eens flink de tering naar de nering zette. Daarvoor kan onder omstandigheden aanleiding bestaan, maar die aanleiding was er zeker de laatste jaren niet en is er nu nog veel minder.

We hebben de afgelopen jaren immers een geweldige stijging van de rijkdom gezien, niet in de laatste plaats door de vele dubbele inkomens binnen huishoudens. De keerzijde daarvan zijn de grote tekorten in de zorg waarvan zowel de zorgbehoevende zwakken als de verzorgenden zelf de dupe zijn geworden.

Waar het de komende jaren om zal gaan is de vraag op welke wijze deze structurele problematiek zal worden opgelost. Een onsje meer of minder en hier en daar wat efficiency-verbetering zal daarbij beslist niet volstaan. Er zullen principiële keuzes gemaakt moeten worden, waarbij de verantwoordelijkheid ten opzichte van de naaste die hulp behoeft uitgangspunt van het beleid dient te zijn. Dat vraagt om een normatief kader dat appelleert aan deze verantwoordelijkheid.

Op dit punt valt er van het liberale paarse beleid, waarbij alles lijkt te draaien om het eigen belang, weinig te verwachten. De keuze voor lastenverlichting die de paarse partijen maken zegt wat dat betreft eigenlijk al voldoende. Dat is geen keuze voor de broodnodige zorg.

Een principiële christelijke politiek maakt een andere keuze. Niet de consumptiedrang en -dwang, noch het individuele eigenbelang staan daarin centraal, maar een samenleving waarin burgers zich voor elkaar verantwoordelijk weten, gesteund door een geloofwaardige overheid.

Gert Schutte is voorzitter van de GPV-fractie in de Tweede Kamer. Frans Godschalk is fractiemedewerker.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden