Nieuws Bosnië-Herzegovina

Pro-Russische separatistgrote winnaar verkiezingen Bosnië-Herzegovina

De pro-Russische Bosnische Serviër Milorad Dodik is gekozen tot een van de drie leden van het presidentschap van Bosnië-Herzegovina. Zijn campagne draaide om onafhankelijkheid van de Servische Republiek, die ongeveer de helft van het land uitmaakt. Etnische tegenstellingen, die eind vorige eeuw leidden tot een burgeroorlog op de Balkan, domineerden de verkiezingsstrijd.

De pro- Russische Milorad Dodik die zich inzet voor een Servische republiek, onafhankelijk van Bosnië-Herzegovina. Beeld AFP

‘Mijn eerste prioriteit is de positie van de Servische bevolking en die van de Servische Republiek’, zei de separatist Dodik maandag. Ongeveer 1,7 miljoen kiesgerechtigden beslisten zondag over de samenstelling van het driehoofdig leiderschap van het land: een Moslim, een Kroaat en een Serviër. De Bosniak (Moslim) Šefik Džaferović en de Kroaat Željko Komšić, beiden pro-Westers, completeren het triumviraat. Ze bekleden beurtelings acht maanden het presidentschap.

Het land kent een ingewikkeld staatsbestel, dat voortvloeit uit het Verdrag van Dayton. Dat verdraagt maakt in 1995 een einde aan de burgeroorlog die aan meer dan 100 duizend mensen het leven kostte. Kiezers konden ook hun stem uitbrengen op presidentskandidaten in de twee ‘entiteiten’ waaruit het land bestaat: de door Moslims en Kroaten gedomineerde Moslim-Kroatische Federatie en de overwegend Servische Republika Srpska, waar Dodik aan de macht was. Ze konden ook nog eens stemmen op kandidaten voor de parlementen in beide landsdelen en voor regionale besturen.

Stemmen worden geteld in Sarajevo. Beeld AP

Aan de verkiezingen ging een rauwe campagne vooraf. Anti-corruptiewaakhond Transparancy International (TI) sprak over de smerigste verkiezingsstrijd sinds het einde van de Balkanoorlog. Etnische tegenstellingen werden breed uitgemeten. Veroordeelde oorlogsmisdadigers als Ratko Mladić, ‘de slager van Srebrenica’, verschenen op verkiezingsposters. Kandidaten ‘kochten’ stemmen. Zo legde Dodik binnen een maand de eerste steen voor overheidsgebouwen, wegen en een ziekenhuis. En kende hij gepensioneerden in ‘zijn’ republiek een eenmalig extraatje toe. Dodik werd vorig jaar door de VS op een zwarte lijst geplaatst omdat hij de eenheid van het land in gevaar bracht. Tijdens de campagne zei hij dat Bosnië ‘geen staat is’ en dat de hoofdstad Sarajevo voor hem ‘buitenland’ is.

Milorad Dodik brengt zijn stem uit. Beeld AP

Ratko Mladić

Het portret van de vroegere Bosnisch-Servische legerleider Mladić op een billboard was voor de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE), die toezicht houdt op de stabiliteit in het land, een absoluut dieptepunt. ‘Verheerlijking van oorlogsmisdadigers? Het propageren van wraak in plaats van gerechtigheid? Hoe helpt dat de economie, de gezondheidszorg en het onderwijs?’, twitterde de leider van de OVSE-missie, Bruce Berton. ‘Laten we praten over de echte onderwerpen!’

Deplorabele staat

De economie van het land, dat 3,5 miljoen inwoners telt, verkeert in deplorabele staat. De werkloosheid ligt rond de 20 procent, onder jongeren zelfs boven de 50 procent. Tienduizenden van hen besloten elders in Europa – met name in Slowakije en Duitsland – hun heil te zoeken. De EU stak sinds eind vorige eeuw weliswaar miljarden in het land, maar dat geld was in de eerste plaats bedoeld voor vluchtelingen- en wederopbouwprogramma’s. 

Nadat het land in 2016 officieel het EU-lidmaatschap aanvroeg, heeft het ook recht op miljardensteun om aan tal van Europese eisen te voldoen, zoals de bestrijding van corruptie, hervorming van politie en justitie, en de strijd tegen georganiseerde misdaad en terrorisme.

Een man zwaait met de Bosnische vlag. Beeld AFP

Bosnië-Herzegovina is allesbehalve een rechtsstaat, vinden betogers die de afgelopen weken met duizenden tegelijk de straat op gingen, en daarmee de opkomst bij verkiezingsbijeenkomsten verre overtroffen. Directe aanleiding is de mysterieuze dood van twee jonge mannen dit jaar, Dženan Memić en David Dragičević, beiden 21 jaar toen ze verdwenen. Volgens hun ouders zijn ze gemarteld en gedood door de veiligheidsdiensten. Van een serieus justitieel onderzoek naar de daders is geen sprake geweest.

De protesten brachten Bosniërs uit alle etnische groepen op de been, wat volgens Bosnische politieke analisten een klein wonder is. Sommigen putten er ook de hoop uit dat meer mensen naar de stembus zouden gaan: ‘Ze zien hopelijk in dat ze met hun stem iets teweeg kunnen brengen.’ Het optimisme bleek misplaatst: de opkomst lag op 53 procent, zelfs nog iets minder dan bij de verkiezingen van 2014. Analisten zien dat als een uiting van diep wantrouwen in politici.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.