Primeur: Jihadist voor Strafhof om verwoesting cultureel erfgoed

Ahmad al-Mahdi uit Mali verschijnt maandag voor het Internationaal Strafhof in Den Haag vanwege de verwoesting van cultureel erfgoed in Timboektoe in 2012. Het is de eerste keer dat een verdachte internationaal wordt aangeklaagd voor oorlogsmisdaden tegen cultureel erfgoed. De zaak is een testcase voor de toekomstige vervolging van Islamitische Staat.

Jihadisten verwoesten een tombe. Beeld Reuters

De wereld kijkt er sinds de beeldenstorm van Islamitische Staat in Irak en Syrië niet meer van op, maar in 2012 was het nog een schok: de gerichte verwoesting door jihadistische rebellen van eeuwenoude historische en religieuze monumenten in de Malinese karavaanstad Timboektoe.

Maandag verschijnt Ahmad al-Faqi al-Mahdi vanwege deze zaak voor de rechters van het Internationaal Strafhof (ICC) in Den Haag. Het is een uniek proces. Niet alleen is de Malinees de eerste jihadistische extremist die voor het Strafhof staat, ook is hij de eerste verdachte die uitsluitend wordt aangeklaagd wegens oorlogsmisdaden tegen cultureel werelderfgoed.

Ahmad al-Mahdi, ook bekend als Abu Tourab, is een etnische Toeareg van circa 40 jaar oud, geboren in Agoune, Mali. Hij zou lid zijn geweest van Ansar Dine, de extreem-islamitische Toearegmilitie die in 2012 in alliantie met Al Qaida in de Islamitische Maghreb een groot deel van Mali veroverde. Ook zou hij als hoofd van de islamitische moraalpolitie een leidende rol hebben gespeeld bij de invoering van de sharia tijdens de bezetting van Timboektoe.

Islamitische strijders vernielen cultureel erfgoed in Timboektoe. Beeld AFP

Ketters

Al-Mahdi wordt er specifiek van beschuldigd dat hij in juni-juli 2012 in twaalf dagen tijd in Timboektoe talloze monumenten heeft laten slopen. Het gaat om negen mausolea van soefi-wijzen en een deel van de Sidi Yahya-moskee, die uit de 15de eeuw stamt en op de Werelderfgoedlijst van Unesco staat. In die moskee zou de deur van het graf van Sidi Yahya zijn opengebroken, een deur die volgens het lokale geloof tot het einde der tijden gesloten had moeten blijven.

De extremisten van Ansar Dine verwoestten de graven en de moskee vooral vanwege de soefistische achtergrond van de gebouwen. Het vereren van de tombes van soefiheiligen wordt door orthodoxe soennieten als on-islamitisch en ketters beschouwd. Bijkomend motief was vermoedelijk de grote spirituele betekenis die de tombes hebben voor de bevolking van Timboektoe.

Een klein dorpje nabij Bandiagara. Het landschap van kliffen en plateaus behoort tot de werelderfgoedlijst. Beeld afp

Aanvankelijk werd ook voor het lot van de beroemde middeleeuwse bibliotheken van Timboektoe gevreesd, maar de meeste manuscripten - getuigenissen uit de gouden eeuw van de oude karavaanstad die doorgaans nog in familiebezit zijn en van generatie op generatie worden overgeleverd - bleken later in de aanloop van de bezetting van de stad al door bezorgde burgers en westerse erfgoeddeskundigen in veiligheid te zijn gebracht.

Het Internationaal Strafhof pakte de destructie in Timboektoe, die wereldwijd verontwaardiging wekte, begin 2013 op. Nadat Malinese troepen en een interventiemacht onder Frans bevel de extremisten uit het grootste deel van Noord-Mali hadden verdreven, opende het hof een justitieel onderzoek.

Een monument in Sangha, nabij Bandiagara. Beeld afp

Spijt

In september 2015 werd een arrestatiebevel tegen al-Mahdi uitgevaardigd. Buurland Niger, waarheen hij was gevlucht, leverde hem diezelfde maand nog uit aan Den Haag. De rechters besloten in maart van dit jaar dat de bewijslast tegen al-Mahdi voldoende was onderbouwd om met het proces te beginnen.

De beklaagde zelf betuigde toen al spijt over zijn daden. Al-Mahdi zou volgens zijn advocaat Mohamed Aouni ook schuld willen bekennen, wat een unicum zou zijn in de geschiedenis van het ICC (en het proces zeer zou bespoedigen). Volgens Aouni ziet Al-Mahdi zichzelf als een moslim die in gerechtigheid gelooft. 'Hij wil zichzelf recht in de ogen kunnen kijken en zijn misdaden erkennen. Ook vraagt hij vergiffenis aan de inwoners van Timboektoe en aan het Malinese volk', aldus de advocaat tijdens een hoorzitting in mei.

Erfgoeddeskundigen vinden de berechting van Al-Mahdi door het ICC van groot belang omdat die wereldwijd duidelijk kan maken dat het verwoesten van cultureel erfgoed een oorlogsmisdaad is. Het kan in die zin ook een testcase zijn voor de toekomstige vervolging van de verwoestingen die Islamitische Staat heeft aangericht in Irak en Syrië. Het gaat daarbij volgens Amy Strecker van het Center for Global Heritage and Development (Universiteit Leiden) niet alleen om de materiële monumenten, maar ook over 'immaterieel erfgoed', zoals de waarde die monumenten hebben voor de lokale bevolking.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden