Prikken in een roes

Sommige mensen zijn zo bang voor een injectie dat ze flauwvallen of gaan schoppen en slaan. In Amersfoort worden ze met lachgas gekalmeerd....

GGD-arts Henk Schenk haalt aan het eind van zijn verhaal nog even zo'n injectienaaldje uit de verpakking. Een dun klein glimmend dingetje, tweeënhalf centimeter lang en ietsje meer dan een halve millimeter dik. Het hoeft er niet eens helemaal in. Twee centimeter, tot in het spiertje van de bovenarm, dat is voor een gangbare injectie genoeg. Dat is nou echt niks om bang voor te zijn, zeker niet als je denkt aan al die enge ziektes die je in het buitenland kunt krijgen als je zo'n prikje niet haalt.

Zo werkt het dus niet. Althans, bij de meerderheid wel, maar bij een kleine groep mensen slaan acuut de stoppen door wanneer zo'n heel dun klein naaldje in de buurt van een arm dreigt te komen. Die mensen vallen flauw, of ze beginnen te schoppen en te slaan. 'U moet me met vier man vasthouden, anders gaat die naald er niet in, hoor', zei zo'n extreem prikangstige mevrouw een jaar of vijf geleden tegen Schenk tijdens het reizigersspreekuur van de GGD Eemland in Amersfoort.

'Dat doe ik dus niet', zei Schenk. Maar hij had wel een idee. Naast zijn studie geneeskunde had hij in zijn vrije uren en vakanties gewerkt als ambulanceverpleger ('daar had je toen als student nog gelegenheid voor') en daar ervaring opgedaan met het lachgas dat in het standaardpakket van de wagen zit. 'Dat wordt bijvoorbeeld gebruikt als iemand een been heeft gebroken en je moet hem op de brancard tillen. Dan geven we even een roesje.' Lachgas is geen echte narcose, je raakt niet echt bewusteloos, maar wel een beetje verdoofd en na een minuut of vijf is het weer uitgewerkt.

'Het is een relatief simpele oplossing', erkent Schenk, die zich nu de uitvinder mag noemen van het spreekuur voor mensen met prikangst. Mensen die echt helemaal in paniek raken voor een prik kunnen bij hem gebruik maken van een kapje met lachgas. 'Ze houden zelf het kapje vast en kunnen dus zelf doseren hoeveel ze van dat gas gebruiken. En op het moment van maximale ontspanning laat ik ze even de andere kant opkijken en vaak moet ik ze dan even aanstoten en zeggen: stop maar, het is allang gebeurd.'

'Nou, ik heb het wel gevoeld', zegt Stella Vuijk (27) uit Amersfoort. Maar dat ze nu haar prikken heeft, is al een wonder, want die heeft ze na een paar akelige prikervaringen in haar jeugd (waaronder de beruchte kenau-achtige verpleegster en een flauwte toen de prik alweer voorbij was) altijd weten te ontlopen. Liever pijn bij de tandarts, dan een verdoving met zo'n naald. 'Het gaat ook niet om de pijn, daar ben ik niet bang voor. Het is heel lastig uit te leggen, omdat je zelf ook niet weet wat er gebeurt. Je weet donders goed dat het tussen je oren zit, maar je haalt die angst niet weg.'

Ze had met haar vriend de reis naar de Dominicaanse Republiek geboekt. Lekker in december naar de zon, even swingen in de Cariben. Tot ze hoorde dat ze beter een paar injecties kon halen voor vertrek. En dat was dus het einde van de reis.

Ietwat absurd is het wel, dat er hier welgestelde Europeanen te bang zijn voor een prik om naar landen te kunnen gaan waar mensen omkomen door gebrek aan medische zorg. 'Tja, wie ben je als arts om te bepalen hoe erg een patiënt iets vindt?', vraagt Schenk. 'Natuurlijk hebben ze al honderden keren gehoord dat het allemaal wel meevalt en dat ze zich niet moeten aanstellen en dan trap je ze echt diep op hun ziel. Het gaat niet om een groep die een beetje bang is, maar echt extreem angstig.'

Daar zitten dus mensen bij die ook al in therapie zijn geweest en trainingen hebben gedaan om van hun angst af te komen die, in de gevallen die Schenk heeft gehad, meestal is terug te voeren op een traumatische jeugdervaring. 'Ze beschrijven dan dat ze zich mishandeld voelden, hebben enge verhalen dat ze met vier man vastgehouden zijn en dat blijft dan spoken in hun hoofd waardoor de angst nog sterker wordt.'

Dat prikangst uitsluitend te wijten is aan het onvermogen van sommige artsen en verplegers om jonge kinderen tactvol een prikje te geven, wil Schenk niet beweren. 'De mensen die op mijn prikangstspreekuur komen, hebben negen van de tien keer zo'n verhaal. Maar we weten eigenlijk niet om hoeveel mensen het gaat, want de echte bangeriken die zie je hier natuurlijk niet.'

Dat realiseerde hij zich ook toen hij zo af en toe toevallig iemand met prikangst op bezoek kreeg: het gaat niet om de mensen die toch komen, maar om de mensen die juist wegblijven. Daarom heeft de GGD Eemland nu ook officieel een proefproject opgezet, met een website (www.prikangst.nl) in de hoop meer mensen te bereiken en deze service ook naar de rest van het land uit te kunnen breiden.

Stella Vuijk had zich er min of meer bij neergelegd dat een subtropisch zwemparadijs in Nederland haar het dichtste bij een Bounty-ervaring zou brengen. Tot een vriendin haar over het prikangstspreekuur vertelde en ze de website bekeek. Eerst wilde ze alleen maar kijken, zonder dat er een naald aan te pas kwam.

Een week later kwam ze, gewapend met een walkman met house-muziek voor het echte werk. Drie prikken tegelijk, gele koorts erbij, was ze er meteen voor een jaar of tien vanaf. 'Ik verkrampte wel, maar door dat lachgas is het alsof er een enorm filter tussen zit. Dat je op een goed moment denkt: doe maar.'

Minder bang voor prikken is ze niet, maar ze kan nu wel opgelucht haar koffers pakken voor een vakantie naar Costa Rica. En dat lachgas mogen ze wat haar betreft ook voor bevallingen gebruiken, zoals in Engeland en Amerika. Want voor haar is een ruggenprik toch zeker geen alternatief.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden