Prikkeldraad weerhoudt niemand

De stroom vluchtelingen (vaak Syriërs) die de Spaanse enclaves Melilla en Ceuta in Marokko weten te bereiken, groeit. Wie asiel aanvraagt, vergooit zijn kans Europa binnen te komen.

MELILLA - Naast de moskee bij de islamitische begraafplaats van Melilla warmen de Syrische families zich aan een vuurtje van bijeengescharreld hout. In een hangar staan hun slaaptenten tussen de rolkoffers en uitgepakte kleren. Het trekt koud op nu de zon is verdwenen achter de Gurugú-berg, die begint voorbij de zeven meter hoge, dubbele grenshekken pal naast het kerkhof. Vrouwen schillen aardappels, kinderen dribbelen rond, de mannen checken de laatste boodschappen op hun smartphone. Ze zijn gevlucht voor het geweld in Damascus, Homs en Aleppo en willen zo snel mogelijk hun papieren voor de overtocht naar het Spaanse vasteland. Dan kunnen ze door, naar familie in het noorden van Europa.


Khdar Aleissa (26) vluchtte met zijn vrouw en drie dochtertjes twee jaar terug uit Aleppo nadat hij had geweigerd mee te vechten in het leger van Assad. Via Egypte, Libië en Algerije belandde de familie vorig jaar in het Marokkaanse Nador. Hij kocht een Marokkaans paspoort. 'Ze vroegen 1.000 euro, maar ik heb het voor 800 euro kunnen krijgen', grijnst hij.


Aan de grens waren ze nog eens 200 euro per persoon kwijt aan het omkopen van de Marokkaanse douaniers. De familie belandde in de 'city', zoals het opvangcentrum CETI onder de migranten bekendstaat. Maar nadat ze waren bestolen, weken ze snel uit naar het geïmproviseerde tentenkamp naast de moskee. Een stuk beter dan tussen al die Afrikanen, zegt Aleissa. Het wachten is nu voor een 'laissez-passer' waarmee de familie kan oversteken naar Malaga. 'Dan wil ik naar mijn familie in Londen. En weer aan de slag als pijplasser.'


De autoriteiten sloegen deze week alarm voor een nieuwe golf aan immigranten bij de grens rond Melilla, een strook Spaans grondgebied van twee bij zeven kilometer op het Marokkaanse vasteland. In de nacht van dinsdag op woensdag verhinderde de Spaanse politie in samenwerking met de Marokkaanse collega's dat een groep van achthonderd migranten de grenshekken bereikte. Warmtecamera's hadden in de nacht een kilometerslang menselijk lint in de bergen ontdekt. Maandag verdronk een vluchteling in de haven, nadat hij uit angst voor de politie uit hun rubberbootje was gesprongen. Twaalf anderen konden worden gered.


Het zijn de symptomen van een toenemende migratiedruk op de Spaanse enclaves Melilla en Ceuta , zegt Carlos Montero Díaz, directeur van het tijdelijke opvangcentrum CETI. We lopen over de binnenplaats van het opvangcentrum tussen de drogende was en spelende kinderen. In de slaapbarakken liggen donkere Afrikanen in chaotisch volgepakte kamers op driedubbele stapelbedden. 'Op dit moment zijn er 980 mannen, vrouwen en kinderen hier, terwijl we hier officieel maar plaats hebben voor 480 man', aldus Montero.


De bestormingen van de grenshekken door Afrikanen die zijn gevlucht uit hun respectieve vaderlanden onder de Sahara trekken de meeste aandacht in Melilla. Na tochten vol ontberingen door de woestijn en uitbuiting door de politie en migratiemaffia weet een deel van hen gewond en wel de grenshekken met hun vlijmscherpe mesjesdraad over te klimmen. Maar hoewel betrouwbare cijfers ontbreken zijn de betrokken autoriteiten en hulpverleners het erover eens dat de grootste groep inmiddels bestaat uit Syriërs. 'Die komen met valse paspoorten de grens over', zegt Montero. En de meesten wonen niet hier, maar bij de moskee of in hotels en huuretages in de stad'. Anders dan de zwarte Afrikanen, die onmiddellijk opvallen als ze door de stad lopen, zijn de Syriërs niet te onderscheiden van de rest van de Marokkaanse bevolking van Melilla .


José Alonso (58) van de hulporganisatie Prodein zag de eerste Syrische vluchtelingen vorig jaar arriveren. 'Een Syriër zat hier op de centrale Plaza de España twee dagen uit protest in een boom met een touw om zijn nek en een blik benzine. Hij was het wachten na een jaar zat en eiste papieren. Die hebben ze snel naar de overkant gestuurd. Net vorige week heeft weer een groep van bijna 200 man een laissez-passer gekregen.'


Vrijwel geen van de vluchtelingen vraagt asiel aan, omdat iedereen weet dat dit alleen maar problemen oplevert. Een officiële asielzoeker kan niet weg uit Melilla zo lang zijn procedure loopt. En dat kan jaren duren. 'Dan zit je in een soort open gevangenis. Je kunt beter wachten op een tijdelijk papier om naar het vasteland te worden gestuurd als het hier te vol wordt', vertelt Alonso. 'Ze moeten dan beloven dat ze in Spanje blijven. Maar eenmaal weg uit Melilla let niemand meer op ze.'


'Marokkaanse politiemensen zijn rotzakken'


Timili Kajo Challal (24) uit Ivoorkust vindt dat hij geluk had bij de klim over het grenshek bij Melilla. Hij laat zijn verwondingen zien: een paar flinke snij-en schaafwonden op zijn borst. Challal behoorde tot een groep van driehonderd man uit Mali, Guinea en Ivoorkust die vorige week een aanval op het grenshek ondernam.


'We werden opgejaagd door de Marokkaanse politie. Een man of zestig wist het hek weten te bereiken. En dan is het klimmen en met ladders erover. Zeven meter hek is hoog. Je haalt je open, sommigen vallen. Ik zag vrienden van me met gebroken armen en benen beneden liggen.'


Twee jaar geleden ontvluchtte Challal zijn land, hij hield zich een maand schuil in het berggebied Gurugú. Vele honderden migranten kamperen daar in afwachting van een kans om de oversteek te wagen. Dagelijks vegen het leger en de politie het gebied schoon en proberen ze de migranten te verjagen. De Marokkaanse politiemensen zijn rotzakken, vindt Challal. 'Ze slaan je met stokken en bestelen je. Gooien stenen naar je als je over het hek klimt.' Wie bij de razzia's wordt opgepakt, loopt het risico in de woestijn bij Algerije te worden gedumpt.


Het mesjesprikkeldraad, dat door de huidige Spaanse regering opnieuw werd aangebracht na door de vorige regering te zijn verwijderd, is slechts een van de schendingen van de fundamentele rechten van vluchtelingen, meent mensenrechtenactivist en advocaat José Alonso in zijn kantoor in het centrum van Melilla.


Dat de Spaanse autoriteiten klagen over de gewelddadige houding die hard optreden noodzakelijk maakt, is voor hem geen excuus. 'Er wordt geschoten met rubberkogels. Aan de Marokkaanse kant zijn doden gevallen. Zelfs als ze over de hekken zijn geklommen, worden de migranten vaak opgepakt en weer over de grens gezet. Zonder registratie van hun status of de hulp van een advocaat. In Marokko is het helemaal onduidelijk wat er gebeurt. Dit gebied kent geen wetten voor migranten.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden