Prijs voor goed leesonderwijs

Rotterdamse basisschool wint prijs voor leesonderwijs. De allerjongsten spelen met ‘o-spulletjes’ en ‘oo-spulletjes’...

‘Oohhhhh!’, roepen alle kinderen in de klas. Ze slaan hun hand voor de mond en kijken verwachtingsvol naar Patricia, hun juf. Ze zijn ervan overtuigd enorm goed oohhhhh! te hebben geroepen, maar de juf is niet onder de indruk. Die uitroep, legt ze uit, moet korter. ‘Ik tel tot drie en dan schrikken jullie allemaal’, zegt ze. ‘Oh!’, klinkt het nu kort en krachtig uit vijftien kelen. De juf is tevreden.

Het gaat er in deze les van groep 2 van de Rotterdamse basisschool Klaver-Heijplaat niet om te leren schrikken. Patricia Hofman leert haar pupillen het verschil tussen de enkele en de dubbele o, en bereidt ze zo voor op de leeslessen in groep 3.

Kleuters leren lezen is omstreden. Veel deskundigen, scholen en ouders moeten er niets van weten. Kleuters moeten spelen, vinden zij, dus niet lezen. Maar deze opvatting verliest snel terrein. Afgelopen zaterdag kreeg Klaver-Heijplaat de Dr. Mommersprijs toegekend, een nieuwe landelijke prijs voor het beste leesonderwijs, onder meer dankzij die vroege letterlessen. Een paar dagen eerder liet de gemeente Amsterdam lijsten met drieduizend woorden bezorgen bij alle Amsterdamse basisscholen. Alle kleuters zouden die moeten kennen voordat ze naar groep 3 gaan. Want, redeneert de Amsterdamse onderwijswethouder Lodewijk Asscher, als je geen woorden kent, kost leren lezen veel te veel moeite.

De letterles van Patricia Hofman duurt zeker een half uur. Met gebaren erbij worden de klanken in het geheugen van de kleuters geprent. Bij de o maken de kinderen met hun vingers een kringetje rond de mond, bij de oo maken ze een brilletje. Een groot deel van de tijd wordt besteed aan een spelletje waarbij de inhoud van een mand wordt opgedeeld in ‘o-spulletjes’ (zoals een hond en een pop) en ‘oo-spulletjes’ (doos en knoop), met als moeilijk geval een bolletje knoflook.

Hofman vindt dat er geen tegenstelling is tussen lezen en spelen. ‘We doen het spelenderwijs’, zegt ze. Niet alleen in deze letterlessen. Eigenlijk is ze de hele dag bezig haar kinderen woorden te leren, klanken te laten herkennen door rijmspelletjes, letters te benoemen door de namen van kinderen te spellen (‘en nu is aan de beurt A-L-A* heel goed, Alana’), en overdreven te articuleren: jas-sen pak-ken.

Klaver-Heijplaat, midden in de arbeidersbuurt Heijplaat, heeft de afgelopen tien jaar een ware revolutie meegemaakt. Narish Bissumbhar, onderwijzer in de achtste groep, was erbij toen de Onderwijsinspectie tien jaar geleden voorstelde de school te sluiten, zo slecht was het onderwijs. Hij herinnert zich dat vijf jaar geleden eenderde van zijn leerlingen naar het lwoo ging, een onderwijsvorm voor kinderen met leerproblemen. ‘Dit jaar is dat maar één leerling. Die zou best naar het vmbo kunnen, maar hij heeft geen stabiele thuissituatie.’

Vijf jaar geleden kwam hooguit eenderde van zijn kinderen terecht op havo of vwo, nu de helft. De school scoort bij de Cito-toets nu boven het landelijk gemiddelde.

Is het een kwestie van een schop onder de kont van de Onderwijsinspectie plus een paar bevlogen leerkrachten? Directeur Willem Hoogerboord: ‘We hebben wat financiële armslag gekregen door mee te doen aan een taalpilot. Met die twintigduizend euro konden we mooie methodes kopen en goeie deskundigen inhuren.’

De echte oorzaak van het succes: ‘Lezen, lezen, lezen’, zegt Hoogerboord. Juist in de groepen 1 en 2: daar wordt al acht uur per week besteed aan het voorbereiden op lezen. ‘In die leeftijd leren ze het snelst, dus waarom zou je wachten tot ze zes zijn?’

Een gezellig kringgesprekje aan het begin van de dag? Ben je gek. ‘Dat is het beste moment van de dag om te leren, dus dat besteden we aan lezen.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.