Price is right

Theater, poëzie, jazz en heel veel uitstekende televisieseries - dit is het culturele wereldbeeld van de veelgeprezen scenarist van de bejubelde serie Borgen, Adam Price, uw gids deze week.

Hij is er verantwoordelijk voor dat u, zonder ooit maar een stap in Denemarken te hebben gezet, bij de term 'het Deense model' eerder aan politiek denkt dan aan Helena Christensen. En dat u weet hoe u in het Deens uw geliefde begroet (hi skat), vloekt (for helvede), iemand het zwijgen oplegt (hold din kæft) en daarvoor uw excuses aanbiedt (undskyld).


Adam Price (1967) is de bedenker en schrijver van Borgen, het succesvolste Deense exportproduct sinds Lego. In 75 landen zagen mensen hoe Birgitte Nyborg de eerste vrouwelijke premier van Denemarken werd en worstelde met haar huwelijk, macht, idealen en de media.


Maar als Adam Price (spreek uit: Prie-se) in de straten van Kopenhagen wordt aangeklampt, is dat niet vanwege Borgen. Price is, behalve succesvol scenarioschrijver, 's lands bekendste televisiekok. Zijn kookprogramma Spise med Price, dat hij samen met zijn broer presenteert, is een kijkcijferkanon op publieke omroep DR. Er zijn zes seizoenen gemaakt, een zevende komt eraan.


Price was jarenlang culinair recensent voor Politiken, de belangrijkste krant in Denemarken, schreef kookboeken en heeft sinds tweeënhalf jaar met zijn broer James een restaurant in het centrum van Kopenhagen: Brdr. Price. Het was een 'oude droom van de familie' die in vervulling ging. De muren hangen vol kunst van zijn ouders en het restaurant is opgedeeld in tweeën. Boven kun je terecht voor de lunch of een informeel diner; in de oude gymzaal beneden hangen kroonluchters boven strak gedekte tafels en staan wandkasten vol kookboeken, flessen wijn en glazen. Je eet er gestoomde heilbot met bearnaisesaus of steak van een Deense koe, ten minste dertig dagen haakgerijpt.


Dit is het domein van Adam Price. Adam Price, die Engels spreekt met de dictie, het vocabulaire en de tongval van iemand die op een Londens toneel tegen een schedel praat. Adam Price: culinair recensent, tv-kok, schrijver van kookboeken, toneelstukken en televisieseries. Adam Price: liefhebber.


1. Literatuur: Ernest Hemingway - The Garden of Eden

The Garden of Eden van Ernest Hemingway werd postuum uitgegeven en vertelt het verhaal van de schrijver David Bourne en zijn vrouw Catherine, die op huwelijksreis zijn. Ze ontmoeten de jonge Marita, op wie ze allebei verliefd worden. Hemingway begon aan het boek in 1946; pas veertig jaar later verscheen de roman.


'Ik heb bijna alles van Hemingway gelezen. Hij was gewoon dé coole gast. Ik hou van zijn proza. The Garden of Eden is zijn meest verontrustende portret van een vrouw, prachtig geschreven. Het is allemaal erg eerlijk en extreem progressief, zeker als je bedenkt in welke tijd het werd geschreven. Het gaat over autoriteit; welke autoriteit behoort tot de mannelijke sekse en welke tot de vrouwelijke.


'Hemingway is een van de vaders van het gecomprimeerde proza uit de 20ste eeuw. Je kunt van Hemingway leren hoe je veel kunt zeggen in weinig woorden. Zijn werk herlezen is voor mij alsof ik een oude vriend opnieuw ontmoet: een intens genot. Hij is waarschijnlijk een van de meest nagevolgde schrijvers. Maar ik denk dat het belangrijk is dat je als jonge schrijver je eigen stem vindt. In plaats van iemand na te doen die zelfmoord heeft gepleegd in 1961.'


2. Literatuur: William Shakespeare - Macbeth

Het beroemdste werk van Shakepeare. De Schotse generaal Macbeth hoort van drie heksen dat hij op een dag koning van Schotland zal worden. In de naam van ambitie en macht moordt Macbeth erop los, ondertussen worstelend met zijn geweten. Adam Price noemt zichzelf 'een kind van het theater'. Zijn moeder was actrice en zangeres, zijn vader - behalve culinair recensent - regisseur van theater en opera.


'Als je met drama werkt, kun je moeilijk om Shakespeare heen. Hij is de meetlat van het klassieke Europese drama en een van de meest gerespecteerde classici. Het is een vreugde om hem te lezen, maar ook erg moeilijk. Maar als je voorbij die taal bent, zijn de scènes vaak zo duivels goed bedacht en zo helder dat het is alsof je naar Bach luistert: helder als kristal. Zijn scènes zijn prachtig en de wendingen ook.


'Het is bij drama in de mode om centrale karakters te hebben die imperfect zijn: flawed. Hoe kun je over een moordend personage schrijven dat tot de laatste scène overtuigend is? Shakespeare wist hoe dat moest. Veel moderne drama's volgen zijn regels. Een personage hoeft niet sympathiek te zijn, maar je moet je wel in hem kunnen verplaatsen. Je moet als kijker kunnen denken: o, mijn god; misschien heb ik niet twintig mensen vermoord, maar ik heb wel twintig mensen teleurgesteld. Wat mij menselijk maakt - en wat ik deel met Macbeth - is een slecht geweten.'


3. Poëzie: John Donne - Go and catch a falling star

Behalve advocaat, satiricus en later priester voor de Anglicaanse Kerk, was John Donne (1572 - 1631) een dichter die naam maakte met metafysische gedichten, waarin hij speelde met sensualiteit en levendige metaforen.


'Toen ik 14 was, deed ik in Oxford een zomercursus Engels. Ik had het geluk dat ik een goede toelatingstest had gemaakt en werd ingedeeld in de moeilijkste klas. Het eerste dat ze me voorschotelden was een gedicht van John Donne: Go and catch a falling star. Ik had geen idee wat het betekende en moest alle zeilen bijzetten om het te kunnen begrijpen.


'We hadden een waanzinnige leraar. Zo'n oude, eloquente Brit die ooit Spitfire-piloot was geweest, afgedragen pakken droeg en een niet aflatende liefde had voor literatuur en poëzie. Dat sloeg op mij over en ik verloor mijn hart aan Donne, ook al begreep ik het niet echt. Ik ben een kind van twee acteurs, dus taal was altijd belangrijk. Die regels van Donne zijn zo prachtig als je ze hardop uitspreekt.


'Hij heeft ook zo'n mooi verhaal. Toen hij jong was, was hij heel cynisch. Hij beheerste de taal perfect, schreef prachtige gedichten, verleidde een ongelooflijk aantal vrouwen en dronk veel. Hij was dé man. Toen ontmoette hij een vrouw aan wie hij zijn ziel, zijn ogen en zijn hart compleet verloor. Hij trouwde met haar, maar toen overleed ze en werd hij een priester.


'In zijn vroege periode schreef hij: Go and catch a falling star / Get with child a mandrake root / Tell me where all past years are / Or who cleft the devil's foot. Dan gaat hij door: Swear, nowhere lives a woman true and fair. Alsof hij zegt: er bestaat geen vrouw die trouw is. Maar daarna was hij getrouwd en schreef hij de prachtigste liefdesgedichten voor één vrouw. I wonder, by my troth, what thou and I / Did, till we loved? Prachtig. En daarna werd hij priester en schreef over God. Eén favoriet gedicht van Donne noemen is onmogelijk, maar waarschijnlijk is het Go and catch a falling star.'


4. Muziek: Chet Baker

Chet Baker (1929) was een Amerikaanse trompettist en zanger en exponent van de naoorlogse cool jazz-school van de Amerikaanse westkust. Zijn carrière lang werd hij geplaagd door een heroïneverslaving. In mei 1988 maakt hij een dodelijke val uit een raam van een Amsterdams hotel.


'Mijn moeder zong veel. Ze zong De Toverfluit van Mozart, maar ook de Pinafore van Gilbert en Sullivan en ze was Bess in Porgy & Bess. En mijn vader werkte als regisseur veel met opera's. Ze waren allebei erg van de klassieke muziek en dus groeide ik op in een huis zonder de ritmes van de jazz, rock of pop. Jazz heb ik zelf ontdekt. Die muziek gaat goed samen met dit restaurant; je hebt hier echt een jazzy feeling.


'Ik houd heel erg van de coolness die Chet Baker de jazz heeft gebracht. Ook al toen hij jong was: met zijn mooie stem, zijn 'schone' interpretaties van de jazz-klassiekers en het prachtige geluid van zijn trompet. Het is gewoon classic. En hij is natuurlijk een klassiek figuur in de jazz omdat hij zichzelf compleet heeft gesloopt met drugs.


'Hij had alles: hij was heel knap, een jonge god. En hij zong. What's not to like? Maar toen heeft hij zichzelf vernietigd en stierf hij jong, zonder tanden. Hoe doe je dat, als je te veel talent hebt? Dat is ook het verhaal van Chet Baker.'


5. Muziek: Bill Evans

Bill Evans (1929) wordt gezien als een van de grootste jazzpianisten ooit. Hij was onder andere onderdeel van het sextet van Miles Davis, samen met John Coltrane, Cannonball Adderley, Paul Chambers en Jimmy Cobb. Evans raakte eind jaren '70 verslaafd aan cocaïne en stierf in september 1980 op 51-jarige leeftijd.


'Ik speel piano, niet heel goed, maar ik heb er wel een voorliefde voor. Ik houd van de grote concerto's, van de echt moeilijke dingen. Mijn broer dacht dat hij een klassieke pianist zou worden, dus die wereld was altijd dichtbij. En zelf klopte ik aan de deur, maar niemand deed open. Ik deed nooit die keiharde arbeid van noten leren en muziek van het blad kunnen spelen. Maar ik hou van grote pianisten, zowel klassiek als jazz.


'De harmonieën van Bill Evans zijn buitengewoon knap. En de lyriek, de romantische stijl; ik aanbid dat echt. Het heeft zoveel poëzie. En Evans is ritmisch en technisch onbeperkt. Bij de jonge Bill Evans denk je: mijn God, hoe kan dit? Gebruikt hij zijn neus ook? Ongelooflijk.'


6. Muziek: Johann Sebastian Bach - De Goldbergvariaties, uitgevoerd door Glenn Gould.

Glenn Gould (1932) was een Canadees pianist die vooral beroemd werd door zijn vertolkingen van Bach. Een excentriekeling die volledig zijn eigen gang ging achter de piano en de barokmuziek nieuw leven inblies. Gould werd 50 jaar.


'Ik hou van muziek en daarom vind ik het heel moeilijk om met muziek op te werken. Sommigen kunnen dat: die zetten de radio aan en gaan aan het werk. Ik kan dat niet. Alleen bij Bach, gespeeld door Glenn Gould. Het opent je hoofd bijna: een intellectuele ruimte die groter wordt. Alles kan in een keer helder worden, alsof er een extra ruimte in je hoofd opengaat waarvan je niet wist dat je die had. Glenn Gould is fantastisch, de precisie van zijn Bach-spel is ongeëvenaard. Maar hij is ook raar, een totale nerd. Je hoort hem door de opnames heen murmelen en dat was toen echt een probleem. Hij kon gewoon niet stoppen met zingen: dadodidodadododo. 'Kunt u daarmee ophouden?' En dat kon niet! Hij bracht ook altijd zijn vaders stoel mee, hij kon alleen op die stoel spelen. En hij had een obscene manier van zitten.'


7. TV: House of Cards

Oorspronkelijk een Britse serie, maar House of Cards kreeg een Amerikaanse remake. Het is het verhaal van Frank Underwood, een meedogenloze, geniale en ambitieuze politicus die in zijn machtzucht niets of niemand spaart.


'Ik hou van de duisternis van House of Cards. Je kijkt naar het leven van de politiek door een ander prisma. Bij Borgen wilde ik dat er een sprankje hoop was, altijd. Er zit een soort opgewekte toon in. En dat is bewust. Want de meest gewaardeerde politieke drama's die we hadden in Denemarken waren gebouwd op hetzelfde dramatische principe als het beroemde All The President's Men: politici zijn slechte mensen. Ze zijn cynisch en zelfzuchtig en willen alleen maar slechte dingen doen. En het is aan de journalisten om ze te ontmaskeren en ze ten val te brengen.


'Ik dacht: dat hebben we nou wel gezien, ze kunnen niet allemaal slecht zijn. Als we een lange serie over politiek gaan maken, hebben we een evenwichtig beeld nodig. Sommige politici zijn idealistisch, sommige slecht en sommige zitten er tussenin. Het moet een familie van karakters zijn. Ze kunnen niet allemaal kwaadaardige zelfzuchtige klootzakken zijn, want dan wil je niet zoveel tijd met ze doorbrengen. Bovendien wilde ik - en dat klinkt misschien een beetje overdreven - dat de serie een eerbetoon aan de democratie zou zijn.


'Een van de afleveringen van Borgen begint met een citaat van Churchill: 'Er is wel eens gesteld dat democratie de slechtste regeringsvorm is, op alle andere vormen na die van tijd tot tijd zijn uitgeprobeerd.' Dat is een prachtig citaat, want het laat de hele ambiguïteit zien. Ja, democratie kost veel tijd. Er wordt te veel gepraat. Maar het is de enige manier. We moeten onszelf nooit toestaan onverschillig te worden. Want als we onverschillig worden, vervallen we in totalitarisme.


'De manier waarop Kevin Spacey tegen de camera praat in House of Cards: ik hou daarvan. Het brengt je terug naar Shakespeare, alsof je naar Richard III kijkt. Het is een briljante en interessante zet, want het vernietigt de illusie. Spacey kan een gesprek hebben met een man en dan opeens in de camera kijken en zeggen: 'Natuurlijk lieg ik op dit moment, maar de arme sukkel weet dat niet.' Het werkt. Als hij het steeds zou doen, zou het te veel zijn. Maar twee of drie keer in een aflevering, goed getimed: prachtig. Het is een shakespeariaans moment, om ons het geweten van het personage te laten zien. Daar hou ik van.'


8. TV: The West Wing

Ook The West Wing gaat over politiek. De serie draait om de fictieve Amerikaanse president Josiah Edward 'Jed' Bartlet (Martin Sheen) en de leden van zijn staf in het Witte Huis. The West Wing werd geschreven door Aaron Sorkin (onder andere A Few Good Men, Charlie Wilson's War, Moneyball).


'The West Wing was een van mijn inspiratiebronnen voor Borgen. In Denemarken wordt het gezien als een moeilijke, politiek ingewikkelde serie. Dat is soms ook zo, maar soms is het ook geschreven als een comedy en soms weer als een romance. Sorkin schrijft prachtige dialogen, ik ben er een groot fan van. Dat gaat terug naar A Few Good Men; hij is een fantastische dialoogschrijver. En ook iemand die goed naar theater keek, heb ik gelezen. Dat zie je: hij is verliefd op goede dialoog. Niet alle schrijvers hebben dat en dat hoeft ook niet.'


9. TV: Breaking Bad

Een van de meest besproken televisieseries van de afgelopen jaren. Breaking Bad is het verhaal van scheikundeleraar Walter White die, gediagnosticeerd met kanker en wanhopig dat hij zichzelf en zijn gezin niet kan onderhouden, begint met het produceren van crystal meth.


'Breaking Bad is erg donker en erg goed geschreven. Het concept is ook goed. De manier waarop ze een aflevering opbouwen, met altijd een soort verontrustende eerste scène. Daar zie je altijd een raar beeld, iets wat je niet helemaal goed kunt thuisbrengen. De rest van de aflevering geeft vervolgens de uitleg van wat je net zag.


'Hier kun je ook Shakespeare in zien. Walter White is een modern karakter: hij maakt drugs waaraan mensen doodgaan, hij doodt zelf mensen, hij liegt tegen de mensen van wie hij houdt. En toch vind je hem leuk. In ieder geval de eerste vier seizoenen. Misschien vind je hem daarna niet meer zo leuk. Dat doet aan Richard III en Macbeth denken: geweldige karakters, met een doel waar je begrip voor kunt opbrengen. Je geeft je hoofdpersonage kanker, hij houdt van zijn vrouw, van zijn kind, zijn ongeboren kind. Hoe gaat hij ze onderhouden? Nou, hij kan drugs maken.'


10. Kunst: Edward Hopper

Edward Hopper (1882 - 1967) was een Amerikaanse schilder wiens werk valt onder het realisme. Zijn bekendste werk is Nighthawks (1942), een schilderij van een New Yorks café in de nacht, waar in de felle verlichting drie mensen rond een bar zitten en een vierde hen bedient.


'Ik ben een groot liefhebber van kunst, maar ik ga niet vaak naar musea. Ik werk veel en moet het doen met de kunst waar ik makkelijk aan kan komen: muziek, film, televisie; dingen die ik kan downloaden of kopen. Maar echt naar een museum gaan en visuele kunst ervaren vraagt meer van je. Je kunt niet een naam van een artiest opzoeken en dan een paar van zijn schilderijen bekijken op je scherm. Dat is niet hetzelfde.


'Een prachtig schilderij kan je de artistieke sensatie geven als een flits van een algemene menselijkheid. Het is ongelooflijk hoe dat gevoel hetzelfde blijft, ook al is een schilderij vijfhonderd jaar geleden geschilderd.


'Ik houd van de schilderijen van Edward Hopper. Er zit zo veel verhaal in. Zo veel smachten, verlangen en subtiele passie. Je moet er echt respect voor hebben als iets uit Amerika subtiel is.'


11. Eten

Vraag Adam Price naar zijn favoriete gerecht en hij zal zeggen dat hij daar onmogelijk antwoord op kan geven. 'Dat hangt van m'n bui af.' Eten moet voor hem true zijn: waar, oorspronkelijk. 'Ik haat internationaal eten, wat je ziet in de meeste hotels.' Price heeft een ander idee over eten, een idee dat geklets over receptjes overstijgt.


'We hebben een gigantisch probleem. Westerse consumenten zijn steeds minder geïnteresseerd in de kwaliteit van het product. We geven steeds minder van ons inkomen uit aan eten. En dat leidt tot dingen als varkenshotels, massaproductie en groenten waarbij we de grond martelen zodat we er zo veel mogelijk uit krijgen. Alles moet snel groeien, maar tegelijkertijd is het smakeloos. We vergeten hoe dingen zouden moeten smaken. Als het zo doorgaat kan het ons straks helemaal niets meer schelen. Het mooie van de producten uit onze landen is dat het hier zo donker en koud is. Daardoor moet alles langer rijpen. En dat geeft een sensationele smaak. De appels uit Denemarken zijn fantastisch, omdat het zo moeilijk is om hier een appel te zijn. Als je hier een rijpe appel bent, zal je er alles aan gedaan hebben om zo veel mogelijk smaak te halen uit het kleine beetje zon dat je gehad hebt. Het is iets anders dan een appel die gerijpt is aan boord van een schip uit Argentinië of Zuid-Afrika en in twee of drie weken is geëxplodeerd. Als we eraan gewend raken alles te kant-en-klaar te kopen bij de supermarkt is dat een slechte zaak.


'De statistieken zijn bedroevend. In 1950 gaf een gemiddeld Deens gezin ongeveer 40 procent van zijn inkomen uit aan eten. Nu minder dan 10 procent. Dat is niets. Nu we wat geld over hebben, geven we het niet uit aan eten. We willen de nieuwe iPhone of een nieuwe laptop, ook al doet de oude het nog goed.


'Het is zo makkelijk om slecht voedsel te kopen. En we geven altijd maar de schuld aan de producenten, aan de boeren, aan de varkenshouders. Maar als wij als consumenten niet bereid zijn meer dan 2,50 euro te betalen voor 500 gram varkensvlees, dan kun je niet heel netjes omgaan met die varkens. Dus dan moet je ze wel volstoppen met antibiotica. Die beesten komen niet in de buitenlucht, ze leven in een kunstmatige wereld. The whole thing is fucked up. We moeten dat veranderen. En dat zal alleen lukken als we beginnen bij de kinderen. Vergeet de volwassenen, we moeten de kinderen op school laten zien dat er goed eten is. Sorry hoor, maar jij begon erover.'


CV Adam Price

Adam Price werd in 1967 geboren als de tweede zoon van Birgitte en John Price. Hij komt uit een familie van acteurs, regisseurs, operazangers, artiesten en clowns. Toch ging hij rechten studeren in Kopenhagen en liep hij stage bij een advocatenkantoor. Price maakte zijn studie niet af: hij werd op zijn 23ste gevraagd door de Deense publieke omroep DR om zich bij het schrijversteam van een comedy-programma te voegen. Jarenlang schreef hij voor de Deense krant Politiken culinaire recensies. Naast de tv-serie Borgen was Price ook betrokken bij andere Deense series, waaronder Anna Pihl, een succesvolle politieserie op het commerciële kanaal TV2. In 2011 opende hij samen met zijn broer James een restaurant in het centrum van Kopenhagen, Brdr. Price. Price werkt nu samen met Michael Dobbs, schrijver van de serie House of Cards, aan een politiek drama voor de BBC.


Smachten

Tijd om musea te bezoeken heeft scenarioschrijver, televisiekok, kookboekenschrijver en restauranthouder Adam Price amper, maar hij is wel een groot liefhebber van kunst. 'Ik houd van de schilderijen van Edward Hopper. Er zit zo veel verhaal in. Zo veel smachten, verlangen en subtiele passie.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.