Premier Israël is gevangene van kolonisten

Een half jaar na zijn aantreden als premier van Israël heeft Benjamin Netanyahu zijn land in een ouderwets isolement geloodst....

HET WAS Baruch Marzel, de beruchte kolonistenleider uit Hebron, die in oktober paniek zaaide in het Israëlische veiligheidsapparaat. 'Wij hebben duizend manieren om een akkoord met de Palestijnen op te blazen', dreigde hij. De Shin Bet begreep dat de kolonisten zelfs Bibi 'Koning van Israël' Netanyahu in het vizier hadden genomen.

Twee maanden later rest de constatering dat de chantagepoging vanuit de nederzettingen in Judea en Samaria is gelukt. De premier van Israël is als politicus chantabel. Dat is Netanyahu aan te rekenen. Het besluit weer miljarden aan overheidsgeld te steken in de nederzettingen, was voor Netanyahu onontkoombaar geworden.

De premier ervoer de laatste Palestijnse aanslag, waarbij een kolonistengezin het doelwit was, als een aanval op zijn religieus-nationalistische coalitie. Netanyahu riskeert liever een Palestijnse explosie dan een joodse 'intifada'.

Fanatieke zionisten afschepen met peanuts - een paar extra stacaravans of een paar schooltjes - gaat niet meer. De kolonisten willen Jeruzalem, ja heel Erets-Jisrael, om te beginnen Hebron (het Palestijns-Israëlische conflict in gecondenseerde vorm).

De contouren van een grote ramp tekenen zich af. De nederzettingenpolitiek, die op last van de Israëlische regering een opknapbeurt krijgt, wordt onder Palestijnen de 'tikkende tijdbom' genoemd.

Het hoeft niet te verbazen dat het premierschap van Netanyahu vooral in Israël zelf in brede kring als een mislukking geldt. De Israëlische publicist Haim Baram heeft Netanyahu de 'aantoonbaar walgelijkste politicus van Israël' genoemd, 'misschien op Ariel Sharon na'. Door het dagblad Haaretz, de barometer van denkend Israël, is de Likud-leider gewogen en te licht gevonden. Netanyahu? Dat is noch een wijs man, noch een slimme schurk, zo luidde het vernietigende oordeel van commentator Joel Markus over de politicus die Israël in een ouderwets isolement heeft gebracht.

Tegen dat vonnis is niet veel in te brengen. Op het oog verengt de wereld van Netanyahu zich meer en meer tot Hebron, 'de stad van de aartsvaders', waar zwaarbewapende Israëlische soldaten patrouilleren. Hun voornaamste taak is Baruch Marzel en nog eens 450 joden te beschermen die vrijwillig domicilie hebben gekozen te midden van ruim honderdduizend Palestijnen.

Het akkoord over de gedeeltelijke Israëlische terugtrekking, die naar het schema van de autonomie-akkoorden in maart had moeten beginnen, zal op zijn vroegst met Sint Juttemis worden gesloten.

De kolonisten kunnen zich verlaten op tanks van het Israëlische leger. Ze hoeven niet langer hun toevlucht te zoeken tot terreur om hun interpretatie van de Oslo-akkoorden door te drijven. De Israëlische regering, waarin de religieus-zionistische lobby een zware stem heeft, plaatst PLO-leider Arafat voor het blok.

De Palestijnse voorman zet óf zijn handtekening onder een overeenkomst die het Israëlische leger het recht geeft de Palestijnse 'H-1'-zone in Hebron binnen te gaan, óf Israël onthoudt Hebron als enige stad op de Westoever haar in een verdrag beloofde autonomie.

Wie nog geloofde dat Benjamin Netanyahu bij machte was zijn Groot-Israëlische gezindheid ondergeschikt te maken aan zijn veel geroemde pragmatisme, is uit de droom geholpen.

Luister naar de toespraak die de premier vorige week hield aan het graf van de twee vermoorde kolonisten in de nederzetting Beit-El. 'Ons eerste antwoord aan deze moordenaars, deze beesten, luidt dat de regering en het volk van Israël hier zullen blijven, hier zullen bouwen en hier zullen leven', zo zei hij.

Deze grafrede was Netanyahu ten voeten uit. Een groots gebaar maken, dan wel een besluit nemen, maar pas als het kwaad is geschied de consequenties overdenken. Het zijn dit soort blunders die zich aaneenrijgen sinds Netanyahu aan de macht is, met de opening van de tunnel in de Oude Stad van Jeruzalem (eind september) als bloedige uitschieter.

Toch is het niet alleen de ondiplomatieke stijl van Netanyahu, het falen van zijn 'bulldozer-methode', die Israël en zijn Arabische buren in gevaar brengen. De Israëlische premier, met zijn arsenaal aan demagogische trucjes, staat ook een helder strategisch doel voor ogen: het verstevigen van de Israëlische controle over de Westoever (Judea en Samaria), in beginsel door onderhandelingen met de Palestijnen.

De kolonistenbeweging is hoogstens de 'complicerende factor', omdat zij de uitkomst van de onderhandelingen in detail dicteert en daarmee Netanyahu's manoeuvreerruimte beperkt. De premier torst het gewicht van de Raad voor Judea en Samaria bij het onderhandelen, met een achterban van binnenkort 200 duizend Israëli's in de 'gebieden'. Maar: 'Wij zijn gehouden het vredesproces voort te zetten. Oslo is een mechanisme, geen oplossing', zo zei hij afgelopen zondag.

De Likud-premier plaatst weliswaar de kanttekening dat de Palestijnen zich vooraf niets in hun hoofd moeten halen - te weten Palestijnse soevereiniteit -, de linkse premiers Rabin en Peres deden hetzelfde. Het wordt makkelijk over het hoofd gezien dat de zionistische beweging, de linkse socialisten én de rechtse revisionisten, door de jaren heen de Israëlische kolonisatie van Arabisch grondgebied heeft voortgezet.

De oud-premiers Rabin en Peres worden Netanyahu vanwege de chaos in zijn regeringsburelen ten voorbeeld gesteld. De vermoorde Nobelprijswinnaar wordt de hemel in geprezen, terwijl Netanyahu zelfs zijn eigen electoraat van zich heeft vervreemd.

Het is waar dat de twee socialisten aan de wieg stonden van de autonomie-akkoorden met de PLO. Maar het aantal kolonisten groeide tijdens hun mandaat (1992-1996) wel met 49 procent (49 duizend personen). Rabin en Peres spaarden kosten noch moeite om de Palestijnse 'bantoestans' in te snoeren door het volbouwen van bestaande nederzettingen en het aanleggen van bypass-wegen.

PLO-voorzitter Arafat heeft dat goed begrepen: hij onderhandelt niet in de eerste plaats met een tijdelijke regering-Netanyahu, maar met een permanente Israëlische staat die door de jaren heen heeft volhard in zijn weigering zijn grenzen af te bakenen.

De continuïteit van de Israëlische politiek is groter dan zich soms laat aanzien. Het is een simplificatie het kabinet-Netanyahu en zijn politiek als een breuk met het verleden te kenschetsen. Het Midden-Oostenconflict is niet terug te brengen tot een kwestie van (onderhandelings)tafelmanieren alleen.

Het kritiseren van Netanyahu lijkt op meehuilen met de wolven in het bos. Zelfs in de Verenigde Staten, de trouwe bondgenoot van Israël, is het imago van de Likud-premier aan het afbladderen. De meest pro-Israëlische Amerikaanse president uit de geschiedenis, Clinton, nam deze week openlijk afstand van Netanyahu's besluit de nederzettingen op de Westoever met subsidies te steunen.

Het is een hoopvol teken dat de Amerikanen zich ergeren aan de Israëlische beslissing 'nieuwe feiten op de grond te creëren'. Maar het getuigt van weinig historisch besef pas na dertig jaar de nederzettingenpolitiek als spelbreker van een 'vredesproces' aan te merken.

Het volstaat de principe-verklaring van Israël en de PLO (september 1993) en de twee navolgende Interim-akkoorden (van 1994 en 1995) na te lezen om te concluderen dat Israël onder de Arbeidspartij in essentie dezelfde toekomstvisie had als vandaag de dag onder de Likud-premier.

De verscheurdheid die de Israëlische samenleving kenmerkt, balancerend tussen het verlangen naar vrede en het verlangen naar veiligheid, is niet terug te vinden de Oslo-akkoorden. Israëlische controle over de Palestijnen prevaleert over Palestijnse zelfbeschikking in alle relevante teksten.

Het was Yitzhak Rabin die in 1993 de 'onoplosbare' kwesties van het Israëlisch-Palestijnse conflict doelbewust voor zich uit schoof: de nederzettingen, vluchtelingen, Jeruzalem, veiligheid, grenzen en internationale betrekkingen. Netanyahu treedt in de voestporen van Rabin en Peres, niet meer en niet minder, wanneer hij 'Oslo' als een 'mechanisme' beschouwt.

Netanyahu te verwijten dat hij de droom van Rabin en Peres om zeep helpt, gaat te ver. 'Oslo' gaat ten onder aan zijn innerlijke tegenstrijdigheden. Zolang het 'Oslo-mechanisme' de annexatie van meer Palestijns territoir door Israël sanctioneert, zullen de Palestijnse extremisten, net als de joodse kolonist Baruch Marzel 'duizend manieren' vinden om een pril vredesakkoord op te blazen.

'Oslo' is het resultaat van een onevenwichtig onderhandelingsproces, met Israël als de sterkere partij. Het kan niet zonder meer 'de oplossing' zijn. Zijns ondanks heeft Netanyahu daarin gelijk. Het is daarom de opgave van de belangrijkste hoeders van de Palestijnse autonomie - de Amerikanen en de Europese Unie - om te voorkomen dat de interim-overeenkomsten tussen Israël en de PLO, alsook de VN-resoluties die Israël opdragen zich uit de bezette gebieden terug te trekken, buiten werking worden gesteld.

Guido Goudsmit is redacteur van de Volkskrant.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden