Potpourri met potentie

TivoliVredenburg is een vrijplaats, een opvallend pronkstuk met een wirwar aan stijlen. Van buiten ziet dat er weerbarstig uit, binnen vallen de zalen fraai samen.

Vredenburgkade 11, Utrecht


Ontwerp Architectuurstudio HH, Patrick Fransen en Herman Hertzberger, met Jo Coenen Architects & Urbanists (zaal Ronda), Architectuurcentrale Thijs Asselbergs (zaal Cloud Nine) en NL Architects (zaal Pandora)


TivoliVredenburg is als grootschalig bouwwerk een potpourri van contrasten. Maar het hart ervan, de prachtig gerestaureerde Grote Zaal van het vroegere Muziekcentrum Vredenburg, heeft een magie die alles bindt.


In Amsterdam zou het ondenkbaar zijn: op het dak van het Concertgebouw een opbouw toevoegen met Paradiso, het Bimhuis en het hele verdere Muziekgebouw aan 't IJ erin. Zelfs in Rotterdam zou niemand bedenken om óp De Doelen een nieuwbouw met LantarenVenster, Bird en Rotown te planten. In Utrecht is zo'n huzarenstuk wel gerealiseerd. Daar is de geliefde Grote Zaal van Muziekcentrum Vredenburg gered door, half erbovenop, een tien verdiepingen hoge doos te bouwen: het gloednieuwe TivoliVredenburg. Popcentrum Tivoli krijgt hierin een nieuw vast onderkomen, net als jazzpodium SJU. Verder zullen ook alle andere genres - van kamermuziek, dance tot evergreens - hun stempel drukken op de in totaal vijf zalen en de variëteit aan pleinen, foyers en oefenruimten daartussenin.


Dat in Utrecht mogelijk is wat in Nederland verder nergens kan, is een direct gevolg van, jawel, Hoog Catharijne. Sinds dit grootschalige winkel- en kantorencentrum de stationsbuurt heeft overwoekerd, is het maatgevoel van de Domstad zoek. Hoog Catharijne mocht nog zo lelijk zijn, commercieel gezien was het een tovermachine die vele extra massa's naar de Domstad bracht. Het is dit succes waarop het nieuwe TivoliVredenburg aansluit. Het oude Muziekcentrum Vredenburg (1978) was rechtstreeks onderdeel van 'HC' en trok mede daardoor toehoorders uit heel Nederland.


Toen, eind jaren zeventig, zag architect Herman Hertzberger (81) wel voordelen van die combinatie. Hij stelde zich voor hoe het winkelend publiek pardoes verzeild kon raken in klassieke concerten, zelfs mensen die daar uit zichzelf nooit zouden heengaan. Maar tegelijk zette hij zich af tegen Hoog Catharijne; hij verfoeide het grootschalige karakter daarvan. Dat was reden om 'zijn' muziekcentrum extra knus te maken, vooral de Grote Zaal, achthoekig van vorm en zeldzaam intiem. In geen enkele concertzaal ter wereld konden zo veel mensen (ruim 1.700) zo dicht op de muzikanten zitten (maximale afstand 24 meter); rond het podium in het midden, onder een daglichtkoepel nog wel. Het Muziekcentrum was, als enig onderdeel van Hoog Catharijne, met de binnenstad verweven. Stegen met winkels liepen er dwars doorheen.


TivoliVredenburg is rechtstreeks uit Muziekcentrum Vredenburg voortgekomen. Ook bij dit nieuwe bouwwerk voerde Hertzberger (81) de regie, zij het nu naast zijn jongere bureaugenoot Patrick Fransen (46). Samen restaureerden zij de achthoekige Grote Zaal, die nu het hart van TivoliVredenburg vormt. Het gegeven dat die magnifieke zaal - na zeven jaar sluiting - terug is in oude glorie, is op zich al reden voor grote vreugde. Hij heeft niets ingeboet aan kracht. Hij is hooguit ietsje praktischer geworden: de stoelen zijn vervangen door net wat bredere exemplaren. Hun aantal bleef evenwel gelijk: ze staan nog net zo dicht opeen. Alles wat de zaal ooit groots én knus maakte - het vele hout, de schuine plafonds, de vele trappen, loges en bordessen - het is allemaal weer ouderwets aanwezig. Zo kwam ook de geweldige akoestiek terug. Al het geluid weerklinkt hier zeldzaam egaal.


Qua uiterlijk heeft het nieuwe muziekgebouw weinig met het oude muziekcentrum gemeen. Waar dat een bescheiden, nogal grauw gebouw was, is TivoliVredenburg een opvallend pronkstuk. De oost- en westgevel hebben een noppenpatroon dat 's avonds kleurrijk kan oplichten. De noordgevel bestaat uit een spiegelglad glasvlak waaruit wonderlijke volumes naar buiten steken. De zuidgevel is nog expressiever en torent uit boven het lage blok waarin zich de Grote Zaal bevindt. Dat geeft een vreemd contrast: pal achter de oude, grijze lichtkoepel (boven het podium) rijst nu een hoge wand omhoog waar een halfronde schijf als een Goudse kaas dwars doorheen klieft; hardgroen van kleur, onder een felrood afdak, en boven een wirwar van metalen buitentrappen.


Maar, hoezeer het muziekpaleis ook van het oude muziekcentrum verschilt, het heeft dezelfde voorouder gemeen: Hoog Catharijne. De directe aanleiding om TivoliVredenburg te realiseren, was dat het Stationskwartier weer op de schop wordt genomen. Alles wat ooit Hoog Catharijne was, moet rond 2030 zijn vervangen door een groot aantal zelfstandige gebouwen. Dat heeft zijn goede kanten, zeker. Het Stationskwartier wordt weer een voetgangersgebied met lommerrijke pleinen. De bouwkunst die er de toon aangeeft, weerspiegelt echter puur de commerciële smaak van nu. Het merendeel van de gebouwen wordt het soort iconen waarmee heel Nederland al is vergeven; waarbij alles draait om blitse vormen (buitenkant) en een weids uitzicht (vanuit binnen). TivoliVredenburg sluit hierbij aan en is meer verwant met het sculpturale nieuwe stadskantoor (van Kraaijvanger) en het nieuwe station (Benthem Crouwel) met welvend dak, dan met de oude stad.


Daar keert het muziekgebouw zelfs zijn rug naar toe. De hoofdingang komt aan de Catharijnesingel, de nu nog akelige verkeersweg die binnenkort tot gracht wordt omgetoverd. Vóór TivoliVredenburg is dan een groot plein met horeca en getrapte terrassen aan het water. Daar zal het best aangenaam toeven zijn, maar de botsing met oud-Utrecht blijft hard. Het gebouw was, uiterlijk, een grotere verrijking van de stad geweest als het niet alleen op de toekomstige Stationsbuurt was gericht, maar tegelijkertijd een brug had geslagen naar de binnenstad, al was het maar in ritme, maatvoering of textuur.


Binnen is het een ander verhaal. Hier zijn Hertzberger en Fransen er wel in geslaagd het straks al te gladde Stationskwartier een krachtig tegengif te bereiden. Zoals ooit het Muziekcentrum in het uitgestrekte Hoog Catharijne tenminste één uithoek van liefdevol vormgegeven knusheid vormde, zo openbaart TivoliVredenburg zich aan de binnenzijde als een tegenpool van kil commercieel. Wie hier eenmaal ronddoolt, ontdekt een architectonische potpourri van stijlen - een vrijplaats waar alles mogelijk is.


De opzet is uniek. Elke zaal is de schepping van een eigen architect, die nooit alleen een zaalinterieur ontwierp, maar ook steeds de buitenkant daarvan, plus bijbehorende oefenruimte en foyers. Ineens begrijp je de vreemde volumes die aan de noord- en zuidkant uit de glasgevels steken: de architecten geven zo alsnog aan de stad een acte de présence. Buiten ziet dat er weerbarstig uit; die grote popzaal Ronda (van architect Jo Coenen) die aan de Lange Viestraat uitpuilt, met de scherpe punten van Cloud Nine (Thijs Asselbergs) daarboven. Zo ook gingen Hertzberger en Fransen zelf aan de zuidelijke gevel los: zij bedachten die groene kaas als omhulling voor hun wondermooie kleine zaal Hertz, speciaal bedoeld voor kamermuziek.


Binnen blijkt al die variatie aan architectuur wel een fraaie synergie te geven. De beroemde achthoekige Grote Zaal lijkt voor alle architecten te hebben gewerkt als een geweten: ze kenden de magie ervan en wisten waar ze tegenop moesten boksen. Ieder voor zich heeft, op zijn eigen wijze, het eigen 'gebouw' uitzonderlijk vriendelijk gemaakt. Jo Coenen maakte 'zijn' zaal Ronda, twee keer zo groot als Paradiso, toch intiem: ovaal van vorm, met het podium in het midden. De aankleding versterkt dat nog; alle akoestische wanden gaan hier schuil onder een sierlijk patroon.


Thijs Asselbergs bekleedde zijn jazz-zaal Cloud Nine met hout en bracht het publiek al evenzeer vlakbij de muzikanten. Hij verzon daartoe een groot en dwars geplaatst balkon, dat als de boeg van de Titanic de zaal insteekt. En zelfs het bouwdeel van NL architecten biedt volop vriendelijke gestes. Hun cross-overzaal Pandora is als black box de simpelste van allemaal, maar daaromheen is de foyer een blauwgroen terraslandschap van hangplekken - soms groots maar even vaak knus.


Er blijft in dit muziekpaleis veel ruimte over tussen de 'gebouwen' - waaronder het gigantische Muziekplein op 20 meter hoogte. Daar bleef de vormgeving neutraal. Dat is een beetje kraak noch smaak, maar versterkt wel de stedelijke sensatie. Vaak is het plafond zo hoog dat je het niet ervaart.


Hier, in deze rijke binnenwereld, hebben Hertzberger en Fransen wel respect betoond aan het Utrechtse verleden. Al is het maar doordat verdwenen 'monumenten', die ooit in muziekcentrum Vredenburg een plekje hadden gekregen, nu ook in het nieuwe gebouw staan te pronken. Zowel een setje kariatiden als het jugendstilhek kwamen terug.


En gelukkig heeft ook Hertzberger zelfs zijn eigen oude muziekcentrum in het complex nog een bescheiden extra eerbetoon gegeven. Dat zie je direct na binnenkomst, waar de treden van de brede ontvangsttrap haast botsen tegen een pilaar. Hertzberger zelf ontdekte dit bijtijds en begreep meteen dat dit beter kon. Hij bouwde de onderste twee treden uit tot een halfrond plateau, rond de kolom, dat inmiddels dankbaar wordt gebruikt als bankje. Het is precies die aandacht voor vriendelijke details die de Grote Zaal van het Muziekcentrum zijn bijzondere karakter gaf - dat nu in TiovoliVredenburg blijft voortbestaan.


Alle muziekstijlen


TivoliVredenburg werd gaandeweg meer dan een optelsom van zalen. Het idee is dat elke zaal, aanvankelijk voor één genre bedacht, voor alle soorten muziek kan dienen, en bovendien allerlei optredens mogelijk zijn op de binnenpleinen en de foyers. De zalen hebben daarom neutrale namen gekregen, die niet aan genres zijn gebonden. Naast de Grote Zaal (1.700 stoelen, Herman Hertzberger) is er de ooit voor popmuziek bedoelde zaal Ronda (2.000 bezoekers, Jo Coenen), de oorspronkelijk voor jazz bedachte zaal Cloud Nine (400 bezoekers, Thijs Asselbergs) en de zogeheten cross-overzaal Pandora (650 bezoekers, NL architects). Alleen Hertz (543 stoelen) dient expliciet voor kamermuziek. De naam van de zaal verwijst zowel naar de meeteenheid van geluidsfrequentie, als naar Hertzberger, hoofdarchitect.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden