Potje hoop

Al geloven we er eigenlijk helemaal niet in, we kopen steeds meer antirimpelcrèmes. Drie varianten onder de loep genomen. En, voor wie het iets krachtiger wil: het wondermiddel van de dermatoloog....

Misschien komt het doordat de babyboomers zo'n beetje allemaal de middelbare leeftijd hebben en babyboomers nu eenmaal weigeren oud te worden. Misschien ook, zoals dermatoloog Loek Hab be ma zegt, omdat juist zij vele uren ombekommerd zonnebadend hebben doorgebracht. 'Zij hebben het hoogtepunt van de zoncultuur meegemaakt, en niets veroorzaakt zoveel rimpels als de zon.'

Hoe dan ook: nooit zijn er zoveel potjes antirimpelcrème verkocht als nu. En de groei lijkt er nog niet uit. In de vs bijvoorbeeld gingen vorig jaar 10 procent meer gezichtscrèmes over de toonbank dan het jaar ervoor. In de drugstores groeide het aantal antiverouderingsvarianten met maar liefst 29 procent.

In Nederland wordt dit minder precies uitgezocht. Wel is duidelijk dat de totale cosmeticamarkt steeds groter wordt, met 7 tot 9 procent per jaar. Huidverzorging vormt al jaren ongeveer 18 procent daarvan. Alleen aan ons haar spenderen we meer: 23 procent van ons verzorgingsbudget.

De meeste vrouwen zijn nuchter genoeg om er vanuit te gaan dat een dure pot met het laatste wonderingrediënt echt niet binnen een paar weken een totaal opgeknapte huid oplevert, wat de reclamecampagnes ook mogen beloven.

Overigens zouden die beloftes binnenkort wel eens flink minder kunnen worden: Dior moest in Engeland onlangs de advertentiecampagne voor zijn NoAge Essential Cream stoppen na een klacht over niet waargemaakte toezeggingen).

Maar toch: bij iedere aanschaf sprankelt weer dat kleine beetje hoop. En misschien is dat ook wel genoeg: een fijne pot in de badkamer die de moed erin houdt.

'Het kan een placebo-effect hebben', zegt Geneviève Coudin, een Franse hoogleraar psychologie van '50-plus' ('maar ik zie er jonger uit'). Coudin houdt zich bezig met onderzoek naar de effecten van ouder worden, en mag zelf ook graag een crèmetje opsmeren, 'al weet ik natuurlijk heel goed dat het allemaal ideologie is.'

Of, zoals de tekst luidt op een potje voor de oudere huid van het Amerikaanse merk Philosophy: 'Waar hoop is, kan geloof zijn. Waar geloof is, kan een wonder gebeuren.'

Naam van de crème: Hope in a jar.

Het luxeproduct: science sells

Coco Chanel (1883-1971) kon behoorlijk pittig uit de hoek komen. De uitspraak van de ontwerpster die groot op de muur is geschreven bij de introductie van Chanels nieuwste antirimpelcrème, Ultra Cor rec tion, liegt er dan ook niet om, zeker als je bedenkt dat de ontwerpster de geschiedenis is ingegaan als de uitvinder van het inmiddels zo verfoeide zonnebaden: 'Een vrouw van 50 is verantwoordelijk voor haar gezicht.'

Ultra Correction maakt deel uit van het zogeheten Précision systeem, dat precies op de huid afgestemde spullen zegt te leveren. Dat wil zeggen: subjectief afgestemd. Als je naar een Chanel-counter in een parfumerie of warenhuis gaat om te laten beoordelen welk type huid je hebt, moet je zelf gegevens aanleveren. Op basis daarvan krijg je een serie producten aangeraden, waarvan er soms drie over elkaar dienen te worden gesmeerd. Ben je van mening dat je aan rimpels lijdt, krijg je daar iets tegen, ongeacht of die rimpels door derden worden gezien of niet.

Chanel presenteert de crème tijdens een tweedaags evenement in Wenen, waarvoor 60, opvallend vaak in Chanel geklede (cosmetica) journalisten zijn uitgenodigd. Lekker eten, een aangenaam hotel, waar in de badkamer de hotelzeep is vervangen door een stuk zeep uit de Chanel 5-lijn, en een kort 'wetenschappelijk congres' in een collegezaal van de plaatselijke universiteit.

Wetenschap is Chanels grote marketingtroef. Het heeft zelfs een eigen wetenschappelijk instituut, c.e.r.i.e.s. (Centre de recherches et d'investigations épidermiques et sensorielles) en dat is meer dan alleen een kreet. Dat wil zeggen; er zijn serieus te nemen dermatologen aan verbonden, die allen werken aan een universiteit en regelmatig publiceren. De wetenschappelijke directeur van het instituut, Erwin Tschachler, een vrolijke veertiger met een oorbelletje, is bijvoorbeeld ook hoogleraar en hoofd van de vakgroep dermatologie aan de Weense universiteit, waar hij zich onder meer bezighoudt met aidsonderzoek. Een of twee dagen per week werkt hij voor Chanel, dat op haar beurt weer onderzoek aan zijn universiteit bekostigt. 'Ik doe waardevol werk voor Chanel', zegt hij. 'Hoe meer zij en wij over huidveroudering weten, hoe beter. Natuurlijk ontleent Cha nel er geloofwaardigheid aan, maar de producten worden van research ook beter.'

Het congresje is gewijd aan uitkomsten van recent onderzoek. Drie aan c.e.r.i.e.s. verbonden dermatologen en een biometrist laten met een hoop grafieken en cijfers zien dat rimpels met de leeftijd toenemen (intrinsieke veroudering, heet dat) en dat ze vooral na de menopauze hard toeslaan. Vrouwen die veel roken en, inderdaad, met name vrouwen die heel veel in de zon zitten, hebben er meer dan hun leeftijdsgenoten. Vrouw en daarentegen die erg dik zijn, hebben er minder. De interessantste vraag - of veel antirimpelcrème gebruiken een gladdere huid oplevert - is niet gesteld. Maar dat komt ook, legt Tschachler na afloop uit, door dat het bijna onmogelijk is een controlegroep te vinden van vrouwen van middelbare die niets op hun huid smeren.

Geneviève Coudin - niet verbonden aan c.e.r.i.e.s. - is ingevlogen voor een praatje over de psychologische gevolgen van een ouder wordend gezicht. Die vallen niet mee. Mensen die rimpels, hangende mondhoeken en oogleden of een slappe huid hebben, zien er zielig en droevig uit in de ogen van de rest van de mensheid. En ze voelen zich daarom ook zo. Als ze erg op hun uiterlijk zijn gefixeerd, voelen ze zich soms zelfs geheel uitgesloten van de maatschappij.

De oplossing voor dit leed volgt een dag later, met de introductie van de nieuwe crème. Die is bedoeld voor vrouwen van 45 jaar en ouder, hoewel je dat wel verteld moet worden: het 26-jarige topmodel Kirsty Hume is het gezicht van de reclamecampagne. 'Maar voor een model is zij oud', zegt Christine Dagousset, Chanels glamourous marketingdirecteur huidverzorging. 'Bovendien hebben we haar niet geretoucheerd.'

Bij de productpresentatie wordt wederom een stortvloed van grafieken en cijfers gepresenteerd. Volgens onderzoek van c.e.r.i.e.s., vertelt Dagousset, verhelpt de crème (prijs: fl.153,- voor emulsie of dagcrème, fl.172,- voor de nachtcrème) met gistextract en glutaminezuur rimpels, verlies aan stevigheid en pigmentvlekken. Helemaal als je daarnaast de tamelijk ingewikkelde en hardhandige 'plastische zelfmassage' toepast, waartoe bij de nachtvariant stretch handschoenen met rubber vingertoppen zijn bijgeleverd. Die massage moet ontspannend werken, waardoor de gezichtsspieren minder worden gebruikt. Daar bij zou massage huidverschrompeling beperken. Na vier weken zie je er, als je het allemaal goed doet, tien tot vijftien jaar jonger uit.

Tien tot vijftien jaar; is dat niet een erg zware claim om je naam als hoogleraar aan te verbinden? Tschachler zegt ervan geschrokken te zijn. 'c.e.r.i.e.s. heeft niets met die uitspraak te maken. Wij doen alleen de research vooraf, met het product bemoeien we ons niet. Je kunt er ook niet zomaar tien tot vijftien jaar jonger uitzien. Misschien dat de huid aan de oppervlakte wel weer functioneert zoals bij een jonger iemand.'

De massacrème: one size fits all

Er zijn relatief weinig Nederlandse vrouwen die cosmetica kopen van Chanel of Dior. Hier wordt de markt voor gezichtscrèmes aangevoerd door fabrikanten van betaalbare merken. Proc ter & Gamble (Oil of Olaz) is nummer één, Beiersdorf (Nivea) is twee en L'Oréal (van Lanc"me, maar vooral van het goedkopere en in Nederland vele malen grotere l'Oréal Plénitude) staat op drie. De meeste huidproducten van deze drie kosten nog geen 20 gulden.

Maar vorig jaar deed Procter & Gamble iets opmerkelijks. Het lanceerde Total Effects, een antiverouderingscrème met een voor een massamarktproduct behoorlijk hoge prijs van 50 gulden. Ter vergelijking: voor het in 1995 geïntroduceerde Revitalift van Plénitude, het meest geavanceerde product uit die lijn, betaal je maar de helft daarvan. Niettemin: al na een jaar doet Total Effects het net zo goed als de hele gezichtslijn van Unilevers Dove, Nederlands vierde op de huidverzorgingsmarkt.

Bij het Engelse kantoor en het lab van Procter & Gamble, in Egham bij Londen, ziet helemaal niemand er glamourous uit. En ook de gebouwen zijn verre van chic: een saai jaren zeventig-kantoor met een hoop noodgebouwtjes eromheen, met hier en daar een vitrinekast waarin P & G-cosmeticamerken; tentoongesteld staan. Max Factor, Head & Shoulders, Pantène, Ellen Betrix en natuurlijk Oil of Olay, zoals het in Engelstalige landen heet.

Egham is een van Procter & Gambles drie technische centra, waar nieuwe producten worden ontwikkeld en getest. In totaal heeft de multinational een kleine 9000 man aan wetenschappelijk opgeleid personeel in dienst, dat de afgelopen vijf jaar alleen al op huidverzorgingsgebied bijna tweehonderd patenten heeft verworven.

De oorspronkelijke Oil of Olay is geen eigen vinding: het werd in de jaren vijftig gemaakt door een Zuid-Afrikaanse chemicus die er zijn vrouw een plezier mee wilde doen. In de jaren zestig maakte de roze, vloeibare crème een succesvolle opmars door de wereld en in 1985 kwam het in handen van Procter & Gamble dat er, om het ook aansprekend te maken voor een jongere doelgroep, een hele productlijn van maakte. Toen fruitzuren een tijdje geleden bijvoorbeeld helemaal de rigueur waren (na verhalen over huidbeschadiging zijn ze weer een beetje uit) was er binnen no time een potje Oil of Olaz dat ze had. Het merk heeft tegenwoordig wereldwijd een omzet van een miljard dollar. Total Effects is verreweg het meest prestigieuze product tot nu toe, zegt research & development manager Phil Marchant, die de leiding had over de ontwikkeling. Het kostte vier jaar voor het er was.

Een onderzoek onder 6000 vrouwen leerde dat zij zeven tekenen van veroudering onderscheiden (zichtbare poriën, vlekken, ongelijkmatige teint, ruwe structuur, dofheid, rimpels en lijnen, en droogheid). Total Effects moet die allemaal tegengaan met een combinatie van voornamelijk vitamine b-complex en vitamine e. En dat lukt - volgens eigen onderzoek dan. Het werd in een blinde test onder 3000 vrouwen tegenover vier bekende prestigeproducten - waarmee het nadrukkelijk ook wil concurreren; Total Effects werd in Engeland dan ook gelanceerd via upmarket modeblad Vogue - en vier populaire massacrèmes gezet. Alle acht keer scoorde het beter tot veel beter. 'En niemand had last van negatieve effecten als irritatie', zegt Marchant. 'Bovendien is het geschikt voor alle leeftijden en alle typen huid.'

In Egham staan computers die je rimpels meten en die ze afzetten tegen die van andere vrouwen van jouw leeftijd en huidtype. Bij de introductie van Total Effects zijn zulke apparaten in 300 grote Engelse drogisterijen geïnstalleerd en ze schijnen een groot succes te zijn, al gaat het er confronterender aan toe dan bij Chanel (Wat, méér rimpels dan gemiddeld?). Er is ook een nieuwe variant: die speurt op de huid van de rest van het lichaam naar mankementen. Want veel aandacht en geld mag dan nu nog gaan naar het gezicht, geavanceerde huidverzorging voor het hele lichaam wordt gezien als dé groeimarkt. Behalve een dag- en een nachtcrème en een crème met een zonnefilter is er een Total Effects handcrème (met een vleugje groen erin om rode plekken te maskeren) en ook bijvoorbeeld Clinique heeft een handenvariant van haar antirimpelcrème Stop Signs. Binnenkort te verwachten: Total Effects bodylotion. Volgens de computer in ieder geval goed voor het zeer korte-termijnwerk: houd een elleboog voor het scherm en je ziet een angstaanjagend maanlandschap, maar een likje van het product erop en het oogt al een stuk gladder.

De cultcrème: het wondertje van de nasa

Etentje bij Frans Molenaar, afgelopen voorjaar, ter gelegenheid van de voorjurering voor zijn jaarlijkse prijs voor jong modetalent. De couturier en een vrouwelijk jurylid bespreken tussendoor hun nieuwste ontdekking: Crème de la mer, een net in Nederland geïntroduceerde crème. Het jurylid, dat van haar man een pot cadeau kreeg, is erg tevreden over de werking, al vindt ze het product lastig aan te brengen. Eerst moet een kleine hoeveelheid in de handpalmen worden verwarmd om de ingrediënten, zoals dat heet, los te maken, waarna het voorzichtig op het gezicht moet worden gedrukt. Molenaar is onverdeeld enthousiast. 'Iedereen zegt: wat zie je er goed uit.'

Een terras in Breda, een paar maanden later. Met een plechtig gebaar zet Francine Oerter, pr-vrouw voor België en Nederland van de Amerikaanse cosmeticagigant Estée Lauder, een klein wit potje op tafel. 'Voilà: ons wondertje!'

Crème de la Mer is de natte droom van elke cosmeticafabrikant. Er wordt niet voor geadverteerd, het is slechts te koop in een paar drogisterijen - vier in heel Nederland - en het is, om het zacht uit te drukken, best aan de prijs. Een potje van 30 ml., genoeg voor vier tot zes weken, kost 250 gulden, een pot van 60 ml. fl.450. Maar het verkoopt heel goed. Zoals Bert Veen van parfumerie Louise in Am sterdam zegt: 'Het is ongelooflijk, niet aan te slepen. Ook niet bij mannen: Harry Mens heeft al vijf grote potten gekocht'. Reden: Crème de la mer heeft Een Verhaal, en niets is zo goed voor een hype als Een Verhaal.

De crème werd in de jaren zestig op de markt gebracht door Max Huber, een nasa-fysicus, die hem had ontwikkeld om de derdegraads brandwonden te behandelen die hij had opgelopen toen raketbrandstof in zijn gezicht explodeerde. Tot tien jaar geleden produceerde Huber de crème zelf, samen met zijn dochter Marley. 5000 potten per jaar verkochten ze, net voldoende om een cultstatus te krijgen. Estée Lauder loerde er al midden jarig tachtig op, maar werd manmoedig buiten de deur gehouden. Maar na Hubers dood in 1991 wist zijn dochter de productie niet op gang te houden en vijf jaar later, toen de wachtlijsten eindeloos waren geworden, gaf ze toe. Het duurde een tijdje voor Estée Lauder de precieze formule te pakken had: niets was opgeschreven, alles zat in het hoofd van Marley Huber.

Hoofdingrediënten van de crème, die nog precies zo is samenge steld als in 1965: zeewier en drie maanden in wodka gefermenteerde limoenschil. Na toevoeging van nog een aantal natuurlijke ingrediënten moet het een paar maanden koud gisten, terwijl er regelmatig lichtflitsen en geluidsgolven ('Een beetje magie', noemt Oerter dat) op los worden gelaten. Om te bewijzen hoe natuurlijk en zacht de crème is, mocht Huber in zijn tijd in gezelschap graag een flinke dot in zijn mond stoppen.

Behalve om zijn antiverouderingswerking, wordt het product geprezen om het genezende effect waarvoor het dus eigenlijk gemaakt is. Een Belgische journaliste vertelde een paar maanden geleden hoe ze haar dochter een lelijke schram wilde laten zien die de kat haar de dag ervoor had bezorgd, en hoe die na een lik Crème de la Mer al helemaal verdwenen bleek te zijn. Ook bij huidaandoeningen als eczeem zou het effect wonderbaarlijk zijn, hoewel een familielid van mij na tien dagen geen verbetering zag bij de lichte eczeemplekken die hij had ingesmeerd met de crème, vergeleken met niet behandelde plekjes.

Oerter heeft nog een handige tip: na het opwarmen en het insmeren van het gezicht de restanten in de palmen meteen naar de buitenkant van de handen brengen. Heb je er een gratis handcrème bij. 'Een van de vrouwen in de familie Lauder smeert het ook op haar voeten. Persoonlijk vind ik dat wel een beetje decadent.'

Naar de dokter: het effect van vitamine A-zuur

'Als er een stof is waarvan bewezen is dat hij tegen rimpels werkt', zegt Loek Habbema, 'dan is het vitamine a-zuur of tretinoïne.' In de jaren zeventig werd dat ontdekt door een Amerikaanse dermatoloog, die de stof gebruikte bij acnebehandelingen. Zijn patiënten merkten dat hun huid er ook jonger van uit ging zien. Zoals Habbema uitlegt: 'Het gaat de effecten van photo-aging (veroudering die wordt veroorzaakt door blootstelling aan zonlich, red.) tegen. Als je het langere tijd gebruikt, wordt de opperhuid dikker en worden kleine rimpels minder zichtbaar en ga je er dus beter uitzien. Daarbij worden er meer collageen en bloedvaten aangemaakt.' In een later onderzoek bleek bovendien dat het ook de zogenoemde ouderdomsvlekken vermindert. Enige probleem: het kan snel irriteren, vandaar dat het alleen door een arts mag worden voorgeschreven. In cosmetica mag alleen een milde variant worden gebruikt: retinol, oftewel vitamine a. 'Maar dat heeft een veel geringer effect', zegt Habbema.

Ziehier de markt voor dermatologen als Habbe ma, die zeven jaar geleden zijn baan als hoofd van de dermatologische polikliniek van het Dijkzigt ziekenhuis in Rotter dam verruilde voor een privé-praktijk in Medisch Centrum 't Gooi, waar hij alles doet om verouderde huid op te knappen. Het gezicht opvullen met eigen vetweefsel uit de billen ('een baby heeft ook een rond gezicht, rond is jong') bijvoorbeeld. Of hij dient de in Amerika zeer populaire botox-injecties toe die de gezichtsspieren tijdelijk lamleggen en zo voornamelijk voorhoofdsfronsen verhinderen en verminderen. Of de melkzuurinjecties waar Vanessa's glamourkliniek in Den Haag op draait. 'Al zijn die vooral geschikt voor plooien onder de mondhoeken. Als je er een heel gezicht mee doet, kan het resultaat rampzalig zijn, een hoofd vol rode bobbeltjes.' Eigenlijk doet Habbema alles wat er op dit gebied bestaat en dat hij als veilig beschouwt, behalve facelifts. 'Je maakt het gezicht er niet voller mee en bovendien levert het littekens op'.

Het zijn hele gewone dertigers, veertigers en vijftigers die de kliniek binnenstappen, zegt Habbema. 'Mensen - 30 procent is man - die niet extreem in de zon gezeten hebben, maar een paar keer per jaar op zonvakantie gaan en zich ergeren aan de rimpels die ze daaraan hebben overgehouden.'

Een langdurige kuur met Vitamine a-zuur, waarbij hij de dosering per potje opvoert, is nog de meest simpele en goedkope behandeling (één potje crème kost net zoveel als een potje van een luxemerk). Wie het ietsjes kracht iger wil, kan aanvullende peelings (waarbij een laagje van de huid wordt afgeschraapt) overwegen.

We nemen in de tuin van zijn Amster damse grachtenpand een paar stoffen door die de laatste jaren als wondermiddel genoemd zijn: Vitamine b, e en c, groene thee, gist, glutaminezuur, zeewieren en de meest recente hypes: witte thee en koper. Habbema is er kort over: 'Ik lees iedere week wel weer iets onzinnigs. Om een voorbeeld te geven: vitamine c is veel te instabiel om er een goed product mee te maken. Ik beperk me tot stoffen waarvan de werking is aangetoond: tretinoïne dus, en verder vooral fruitzuren, die goed zijn voor heel fijne rimpels, maar waarvan je wel heel hoge concentraties moet gebruiken, wat de kans op bijwerkingen weer groot maakt.'

En wat gebruikt de dokter (met, het moet gezegd, op zijn 47ste een stralende huid) zelf? Hij smeert zijn gezicht in met handcrème (handcrèmes zijn vetter dan gewone) van Sporex, een merk waaraan geen synthetische stoffen zijn toegevoegd.

Cliënten adviseert hij ook wel de retinolcrème van Roc, een hypo-allergeen merk, al heeft hij dus weinig vertrouwen in de retinol. 'Maar je hebt ook verzorging nodig; leren schoenen moet je ook niet laten uitdrog en. Dit kan in elk geval geen kwaad. En apothekers hebben nu eenmaal niet de middelen om net zo'n lekker crèmetje te maken als een cosmeticabedrijf.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden