Positieve plasjes

Meer dan enige andere sport verleidt het wielrennen tot schrijven - en eens te meer in een tijd van dopingschandalen. Bart Jungmann overziet de berg recente Tourliteratuur.

Frans Netscher schreef in hoofdletters over fietsen. Dat leidde van Godin Fiets tot Koningin Vélo en nog ging het hem niet ver genoeg. 'De grootste lofzanger op Koningin Vélo moet nog geboren worden', schreef hij. 'Het kalme gemoed der Hollanders' was niet in staat 'de schoonheid en de deugden van Godin Fiets' afdoende onder woorden te brengen.


Frans Netscher schreef deze eerbiedige woorden aan het eind van de negentiende eeuw. Netscher, een vriend van plaatsgenoot Louis Couperus, begeleidde de schaatsende wielerkampioen Jaap Eden en prees hem vervolgens de hemel in na weer een wereldtitel.


Voor een juist tijdsbesef: de eerste Ronde van Frankrijk moest nog verreden worden. Nu is de honderdste aflevering alweer een week op stoom.


Ongetwijfeld is Netscher in de afgelopen 120 jaar op zijn wenken bediend en anders weerklinkt de lofzang misschien dit jaar wel. Als het om sport gaat, heeft de Hollander allang zijn kalmte verloren.


Meer dan enige andere sport verleidt het wielrennen tot schrijven. Het zal te maken hebben met de oorsprong. Veel wegwedstrijden werden op poten gezet door kranten. Ze joegen de coureurs langs berg en dal en deden daarna in ongeremde lyriek verslag van hun heldendaden.


Kranten werden boeken en zo bleef het wielrennen in al zijn facetten een bron van inspiratie. De lyriek is inmiddels getemd, maar de hartstocht is gebleven. Zelfs het grootste dopingschandaal heeft de toetsenborden niet tot bedaren gebracht.


Sterker nog, elk dopingschandaal is een boek. Het einde van Lance Armstrong als grootste Tourrenner aller tijden werd ingeluid door The Secret Race met daarin de bekentenissen en beschuldigingen van oud-ploeggenoot Tyler Hamilton. En Bloedbroeders is een schriftelijke afrekening met de Raboploeg.


In 2002, Lance Armstrong was nog de gevierde man aan de voet van de Arc de Triomphe, verscheen het tijdschrift De Muur voor de eerste keer. Drie mannen wisten een uitgever ervan te overtuigen dat het wielrennen een schriftelijke lofzang in kwartalen verdiende. Voor het openingsnummer schreef ik, destijds een van die mannen, een soort van manifest.


Daarbij kwamen de gloedvolle woorden van Netscher goed van pas. Koningin Vélo ontpopte zich als een verraderlijke minnares en dat beschouwden we ook als haar grootste charme. De Muur was van mening dat wielrennen meer was dan de heroïek van Netscher. Er moest ook een beetje gesjoemeld worden en wat was doping meer dan een beetje sjoemelen?


Met de kennis van nu had de liefdesbetuiging wel een onsje minder gemogen. Van een beetje sjoemelen, zo bleek later, was allang geen sprake meer. De ploeg van Armstrong had het dopinggebruik tot in de puntjes geregeld en dat gold vermoedelijk voor het overgrote deel van het peloton. Zeker 80 procent was destijds aan de dope, aldus de inschatting van de commissie-Sorgdrager vorige maand.


Maar met de gebrekkige kennis van toen zat er kennelijk wel waarheid in onze opvatting. De Muur bleek een blijvertje in dit sportieve segment van literatuur en journalistiek. De ontmaskering van Armstrong en de daaropvolgende liquidatie van de Raboploeg hebben geen roet in het eten gegooid. Begin dit jaar verscheen de 39ste editie met de veelzeggende titel: 'Blijf met je rotpoten van ons rotwielrennen af.'


De onwrikbare liefhebber komt op dit moment het sterkst naar voren in de persoon van collega Bert Wagendorp, nog altijd redacteur van De Muur en bovendien schrijver van de succesvolle roman Ventoux. Uitgevers doen graag een beroep op Wagendorp voor een hartelijke aanbeveling. Ze zetten die op hun boekomslagen als een stempel van het ware.


De Mont Ventoux, een onwrikbare berg in de glooiende Provence, is het ijkpunt in deze onvoorwaardelijke aanhankelijkheid. Wat de Alpe d'Huez is voor de kankerbestrijding, is de Ventoux voor de hardcore wielerfan. Zo verscheen dit voorjaar een geactualiseerde versie van De kale berg, een boek vol van smachten en afzien. Wagendorp noemt het 'de bijbel van elke Ventouxbedwinger'.


In 1967 liet Tommy Simpson het leven op de Mont Ventoux aan een giftig mengsel van alcohol, doping en doorzettingsvermogen. Het gebeurde toen doping nog kon worden opgeleukt met het opgewekt Vlaamse begrip d'n drog. Zijn dood had de tragische heroïek van een onverschrokken sjoemelaar.


Volgende week zondag gaat de Tour de France opnieuw de Mont Ventoux op - en dat is dus wel veranderd: een dopingdode wordt niet langer opgehemeld. Onder de vleugels van Koningin Vélo heeft het gebruik van stimulerende middelen zijn schuldige onschuld wel verloren.


In de Nederlandstalige uitgaven is die ontwikkeling niet onopgemerkt gebleven, zij het vaak in de kantlijn. Michael Boogerd, een van de hoofdrolspelers, zette voor de tweede keer zijn handtekening onder het Handboek Tour de France. Het woord doping komt sporadisch ter sprake en is nooit aanleiding voor een zekere reflectie. Boogerd voelt zich meer slachtoffer dan dader.


Televisiejournalist Mart Smeets neemt zichzelf wel onder de loep. Hij doet dat in een verzameling van stukken en stukjes onder de dubbelzinnige titel Gepakt. In een open brief aan Lance Armstrong betrekt Smeets het voltooid deelwoord op zichzelf. 'Je hebt hard en meedogenloos tegen mij persoonlijk staan liegen, to put it mildly.' Nog een slachtoffer dus.


Smeets is niet de enige die Armstrong gebruikt voor een één-tweetje. Journalist Sven Remijnsen heeft alle hoofdrolspelers uitgenodigd voor zijn boek De beste Tour aller tijden. Nog één keer gaan ze met z'n allen op pad om uit te maken wie de beste is.


Doping voert in deze gedachtenexercitie bepaald niet de boventoon. Maar aan het eind van de ronde pakt Armstrong, nummer 7 in het eindklassement, de microfoon voor het slotakkoord. De boodschap heeft weinig om het lijf, maar het zegt veel over Armstrong dat Remijnsen de grootsheid van de Tour afmeet aan diens nederige excuses.


Herman Chevrolet schreef Het mysterie van de gele trui, over personen en gebeurtenissen die 99 afleveringen van de Tour een gezicht gaven. Slechts in één daarvan komt doping aan de orde, opnieuw in de persoon van Lance Armstrong. Chevrolet, een in Nederland woonachtige Vlaming, legt hem een monoloog in de mond. Langs een parcours van krachttermen, to put it mildly, maakt Armstrong gehakt van de rest van de wereld. 'Het is de biecht die had moeten zijn', aldus de auteur.


Herman Chevrolet heeft zich de laatste jaren ontwikkeld tot de belangrijkste schrijver in deze sector. Twee jaar geleden verscheen Het feest van list en bedrog, waarin Koningin Vélo in al haar lelijke hoedanigheden schitterend voor het voetlicht kwam. Frans Netscher zal het zo niet bedoeld hebben, maar overtuigender klonk een lofzang zelden.


De prijs voor de beste formulering gaat naar Peter Winnen, de ervaringsdeskundige bij wie de twijfel altijd sterker is. Van hem verscheen God of duivel, een bundeling van columns met doping als leidraad. In 2004 schreef Winnen:


'Ik heb nooit positief geplast. Wat zegt dat over mij? In ieder geval dat ik een gemankeerde renner ben. Eén positief plasje is het minste wat op de palmares van een wielrenner thuis hoort. '


DE BESTE DRIE

1.Martin Bons: De kunst van het dalen

Thomas Rap; euro 16,90


'Dalen lijkt een noodzakelijk kwaad, een bijzaak', schrijft de Nederlandse journalist Martin Bons. 'En dat is niet terecht.' Dat werd ook de achterliggende gedachte achter dit aanstekelijke boek. Bons neemt zichzelf daarin als voorbeeld. Hij is de o zo herkenbare fietser die zich suf trapt om boven te komen, maar niet durft te genieten van de beloning die in de diepte op hem wacht.


Sinds het optreden van Bradley Wiggins in de Ronde van Italië weten we dat ook Tourwinnaars bevangen kunnen worden door die verlammende angst. Het grootste compliment dat je Bons kunt maken, is dat Wiggins nog iets kan opsteken van zijn relaas.


Martin Bons heeft zich vastgebeten in de materie, en plaatst de kunst van het dalen in historisch en anekdotisch perspectief. Hoofdstukken hebben titels als 'Tim Krabbé weerlegt theorie Dick Swaab'. Zo'n boek kan niet stuk.


Aan het slot een Top-25 van dalers. Rini Wagtmans en Eddy Merckx zijn de enige vertegenwoordigers uit de lage landen.




2. Steven Derix en Dolf de Groot: Bloedbroeders

Thomas Rap; euro 17,90


Aan Bloedbroeders van NRC-journalisten Steven Derix en Dolf de Groot kleeft een maar. Het meest pikante nieuws zit verstopt in een kantlijn. Dat gaat over Michael Boogerd, die zijn grootste prestatie zou hebben geleverd op het bloed van zijn broer Rini. Voor de zege op La Plagne in 2002 nam de eerzuchtige broer het bloed van de talentvolle broer tot zich via een infuus.


Dat zou nogal wat zijn, zelfs in het licht van alle eerdere onthullingen rond de Raboploeg. Maar het is op papier gezet alsof de schrijvers het zelf ook niet helemaal vertrouwen. Per saldo beslaat de handeling slechts een alinea en is een feitelijke vaststelling. Er wordt geen enkel perspectief geboden.


Als boektitel moet Bloedbroeders dus in het brede verband van de Raboploeg worden opgevat. De onthullingen daarover hebben zich het afgelopen jaar opgestapeld in met name de Volkskrant en NRC Handelsblad. Allengs werd duidelijk dat de misstap van een enkel individu plaats had onder de paraplu van het collectief. Dat is ook de conclusie van Bloedbroeders.


De draad die De Groot en Derix hebben gevolgd, is die van het Oostenrijkse dossier rond dopingdealer Stefan Matschiner. Uit die kluwen hebben ze een helder verhaal gesponnen. Belangrijk dat de ondergang van Rabobank als wielersponsor ook te boek is gesteld.


3. Jan Boesman: De fiets van Lautrec

Atlas Contact; euro 24,95


De Vlaming Jan Boesman legt de essentie van het wielrennen bloot, niets meer en niets minder. En ja, daar hoort doping bij. Iedereen die het wel even had gehad met wielrennen en zijn opgeblazen romantiek vindt bij Boesman de oude betovering terug. Het is wel even doorzetten, want Jan Boesman gaat niet over een nacht ijs.


Hij voert de lezer mee naar het Parijs van de vorige eeuwwisseling. De stad raakt in de ban van het wielrennen en dat geldt ook voor de schilder Toulouse-Lautrec. Hij maakt een reclameposter voor een fietsenmerk. Op een afgekeurd ontwerp figureert een zekere Choppy Warburton en om hem is het Boesman te doen.


De boomlange Engelsman begeleidde ruim honderd jaar geleden een groep van coureurs, die het wielrennen domineerde. Hoogstwaarschijnlijk was dat geen zuivere koffie, maar in de terminologie van Boesman wordt Choppy Warburton een druïde en zijn toverdrankjes heten elixer. Dat is toch andere koek dan dopingdokter en bloedzak.


Jan Boesman in zijn epiloog: 'Het gebruik van stimulantia door professionals werd aanvaard, zelfs noodzakelijk geacht voor de uitoefening van hun beroep.'




EN VERDER

De spectaculairste Tour aller tijden Meulenhoff; euro 19,95

Geweldige reconstructie van duel tussen Lemond en Hinault in 1986, geschreven door de Schotse ex-renner Richard Moore.


Mijn jacht op Lance Armstrong Tirion; euro 19,95

Journalist David Walsh over de ontmaskering van een Tourheld.


Le Tour 100 Veltman Uitgevers; euro 29,99

Chronologie in beeld en statistiek door vier Britse auteurs, met routekaarten en historische foto's.


De geschiedenis van de gele trui Deltas; euro 29,95

Geel koffietafelboek van Franse makelij, met feiten en anekdotes.


Amigo! De Muur; euro 19,95

Mailwisseling van wielrenner Pedro Horillo en journalist Nando Boers; met prachtige passages van eerstgenoemde.


Mijn Tijd Lannoo; euro 19,99

Biografie van Bradley Wiggins, Tourwinnaar in 2012. Geschreven door insider William Fotheringham.


Thuis voor de Tour Nieuw Amsterdam; euro 19,95

Reisgids voor thuisblijvers, door Anne Spapens en Monique Huijdink.


In het geel Voetbal International; euro 17,95

Louis Bovée portretteert zeventien geletruidragers van Nederlandse bodem.


Het Frankrijk van de Tour Arbeiderspers; euro 29,95

Cultureel-historische rondreis met Tour-verslaggever Jeroen Wielaert.


De 100 opmerkelijkste Nederlanders uit 100 jaar Tour Tirion; euro 19,95

Verhalen uit de Nederlandse Tourgeschiedenis sinds 1936, verzameld door Rose Mentink.


DOPING IS...

'Doping is ranzig, begrijpelijk, onrechtvaardig, immoreel, noodzakelijk, kwajongensachtig, een probleem van niks, een knipoog, maffioos, aantrekkelijk, verwerpelijk. Het is een zegen en het is een kwaad.'


Peter Winnen in God of duivel (Thomas Rap; euro 14,90). Winnen is voormalig profwielrenner. Hij fietste achtmaal in de Tour de France, behaalde tweemaal ritoverwinningen op de Alpe d'Huez en eindigde in 1983 als derde in het klassement.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden