Portugese dichters kennen Pessoa misschien te goed

Gerrit Komrij wees er al op in zijn openingswoord: de buitenlandse invloed van de Portugese dichter Fernando Pessoa is misschien nog wel groter dan zijn binnenlandse....

Poetry International organiseert tegenwoordig ieder jaar naast het grote festival in juni een mini-festival dat geheel aan één stad of land is gewijd. Zuid-Afrika, Sint Petersburg, Turkije en Japan, deze keer was Portugal aan de beurt. De zelf deels in Portugal woonachtige Komrij introduceerde vier door hem uitgekozen dichters die een wedstrijd in monotonie leken te houden.

Afgezien van een verkouden Fernando Pinto do Amaral, kwam geen van hen op het idee om met het voordragen iets aan hun eigen poëzie toe te voegen.

Ze gingen staan, ze lazen snel voor en ze vertrokken weer.

Een methode die alleen in het voordeel van Tirade werkte, want het nieuwste nummer van dit tijdschrift fungeerde als tekstboek en moest wel gekocht worden om te zien waarover de dichters gesproken hadden.

Nuno Júdice, de enige dichter wiens werk al eerder in het Nederlands was vertaald, bleek veruit de sterkste van de vier:

'maar wáár is dat een hond, wanneer/

hij blaft, en andere honden wak ker maakt,/

de nacht zelf wakker maakt, haar spoken, en/

ons dwingt te kijken, door het raam, naar wat/

men niet kan zien, ofwel, het centrum van/

de nacht, de zwarte motor van de wereld.'

Zo ingetogen als de eerste avond was, zo levendig was de tweede, geheel aan Pessoa gewijde avond. Vertaler August Willemsen hield een interessante en geestige lezing over Pessoa's nationalisme, dat vooral tot uiting komt in Mensagem, de enige bundel die Pessoa tijdens zijn leven publiceerde.

Deze is nu als Boodschap voor het eerst integraal in het Nederlands vertaald, inclusief de uit 1928 stammende 'Verdediging en rechtvaardiging van de militaire dictatuur in Portugal.'

Hieraan voorafgaand droegen zowel Nederlandse als Portugese dichters hun favoriete Pessoa-gedicht voor en verklaarden zij hun keuze.

René Huigen haalde Dionysus, Plotinus en Sartre van stal, terwijl Rob Schouten zijn liefde voor Pessoa baseerde op diens 'ongebreidelde belangstelling voor zijn eigen denkwereld.'

Van de Portugezen viel vooral het verhaal van Helder Mouro Pereira op. Aan de hand van Pessoa's gedicht Als je je doden wilt hield hij een schrijnend verhaal over de rol die een gedicht kan spelen als je met zelfmoordgedachten rondloopt: 'misschien is het even tragisch om door een gedicht te sterven als er door te worden gered.'

Eén van de grote Pessoa-klassiekers, het gedicht De sigarenwinkel werd prachtig voorgelezen door acteur Peter Sonneveld, maar onbetwist hoogtepunt van deze avond en tevens een geslaagde revanche voor zijn charmante stunteligheid van de avond ervoor, was de interpretatie die Gerrit Komrij gaf van een lang fragment uit De hoeder van kudden.

Ieder woord wist Komrij te raken en de enorme veelzijdigheid die het werk van Pessoa typeert, kwam voor het eerst geheel tot zijn recht.

De romantische nostalgie was het enige wat van Pessoa overbleef in de muziek van de fadozanger João Braga die met zijn ensemble de avond afsloot. Weg waren het ongemak van Pessoa, zijn weerbarstigheid en bovenal zijn humor.

Het was ook nu weer alsof de Portugezen, zowel de dichters als de muzikanten, te dicht op Pessoa stonden om hem in al zijn dubbelzinnigheid te zien.

Misschien is het tijd dat August Willemsen Pessoa aan de Portugezen gaat verklaren.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden