Portugal wil 85 Miro's laten veilen

Portugal zit in geldnood en dus wil de regering haar collectie Miro's voor flink geld kwijt. De verantwoordelijke bewindsman vindt dat logisch, maar elders groeit het verzet tegen deze 'volslagen waanzinnige verkoop'.

AMSTERDAM - De Portugese regering is van plan werk van de Spaanse surrealistische kunstenaar Joan Miró te verkopen. Het betreft 85 schilderijen en tekeningen. Ze zouden meer dan 35 miljoen euro moeten opleveren, als extra geld voor de begroting.

'Ik vind de collectie niet van groot belang voor Portugal', legt de Portugese staatssecretaris van Cultuur, Jorge Barreto Xavier, uit. 'Op dit moment heeft Portugal het geld hard nodig. We zitten met een fors begrotingstekort. Iedereen, ook wij van de cultuursector, moet een steentje bijdragen.'

De verkoop van de werken staat gepland op 4 en 5 februari bij veilinghuis Christie's in Londen. Het gaat onder meer om de schilderijen Peinture, Toile brulée 3 en Femmes et oiseaux. Laatstgenoemd werk, uit 1968, heeft een richtprijs van ongeveer 7 miljoen euro.

Joan Miró (1893-1983) geldt als van de belangrijkste vertegenwoordigers van de het Europese surrealisme, naast kunstenaars als René Magritte, Salvador Dalí en Max Ernst. Werken van Miró scoren de laatste tijd hoog op veilingen. Anderhalf jaar geleden werd bij Sotheby's het schilderij Peinture (Etoile bleue), uit 1927, voor een persoonlijk record van 30 miljoen euro verkocht. Dat was driemaal hoger dan er vijf jaar eerder voor was betaald.

Kunst verkopen om een gapend gat in de begroting te dichten - de wijze waarop de Portugese regering dat voornemens is, is geen incident. Eind vorig jaar werd bekend dat de failliete gemeente Detroit een deel van de kunstcollectie van het Detroit Institute of Arts te gelde wilde maken. Het ging om werk van onder anderen Van Gogh, Bronzino en Arman. Met de opbrengst, geschat op een half miljard dollar, wilde de stad de begroting weer op orde krijgen.

In 2011 kondigde de directeur van het Rotterdamse Wereldmuseum, Stanley Bremer, aan zijn Afrika-collectie af te stoten. Zijn argument luidde: het museum moest meer eigen vermogen hebben en minder afhankelijk van de overheid zijn.

In beide gevallen ging de verkoop uiteindelijk niet door. Maar de voornemens in Rotterdam, Detroit en Portugal geven wel aan dat, als het om de financiële of culturele waarde van kunst gaat, onder de druk van een begrotingstekort de eerste waarde doorslaggevend is: geld.

De overtuiging is blijkbaar dat je met het afstoten van kunst banenverlies, een slechtere gezondheidszorg of minder pensioen kan tegen gaan. Het is 'mensen of schilderijen', zoals ambtenaren in Detroit het stelden. Ze vreesden voor hun oudedagsvoorziening.

In Portugal is protest ontstaan tegen de 'culturele uitverkoop' van de Miró-verzameling. Initiatiefnemer van het verzet, Carlos Cabral Nunes, zegt de veiling 'volslagen waanzin' te vinden. 'Het is een van de belangrijkste collecties van Miró ter wereld. Ter vergelijking: het gaat om ongeveer eenderde van het totale aantal schilderijen dat de Fundació Joan Miró in Barcelona bezit. Je bent gek als je dat zomaar wegdoet.'

Vijf jaar geleden kreeg de Portugese overheid de collectie, die 70 jaar van Miró's oeuvre beslaat, in handen toen de BPN-bank voor 1,8 miljard euro werd genationaliseerd. Of de verkoop doorgaat, is overigens de vraag. Komende vrijdag wordt de geplande veiling in het Portugese parlement besproken.

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden