Porno als consumptieartikel

BIJNA TIEN jaar na Irvine Welsh' debuut Trainspotting (1993) zijn ze weer terug: de 'helden' uit de Edinburghse havenwijk Leith, die lezers en bioscoopbezoekers imponeerden en afschuw inboezemden met hun eigenzinnige, agressieve, door speed voortgedreven bestaan....

Aan het eind van het boek belazerde Mark Renton zijn vrienden door er na een drugsdeal met het geld vandoor te gaan. Een decennium later gaat het nog steeds behoorlijk naar wens met Renton. Hij is naar Amsterdam gevlucht en runt daar een nachtclub. Ook Sick Boy, die zich tegenwoordig liever Simon Williamson laat noemen, mag niet klagen. Na een tijd van moeizaam gesappel bij een Londense striptent krijgt hij de kans om, terug in Leith, de pub van zijn tante Paula over te nemen: de Port Sunshine. Leith is net bezig een upgrading te ondergaan: er worden luxueuze yuppenwoningen gebouwd, er komen steeds betere restaurants en andere horeca, en het lijkt een kwestie van één of twee jaar of ook de Port Sunshine kan gaan meeprofiteren van deze opwaartse ontwikkeling.

De psychopatische Frank Begbie staat op het punt uit de gevangenis te worden ontslagen na acht jaar wegens doodslag te hebben vastgezeten (in feite ging het om moord, maar hij heeft zichzelf verwondingen toegebracht om zich op zelfverdediging te kunnen beroepen). Begbie wordt verteerd door wraakgevoelens, niet in de laatste plaats omdat hij in de gevangenis (door Renton verstuurde) homoporno heeft ontvangen. Hij popelt om de afzender te ontdekken en met hem af te rekenen.

En dan is er nog Spud Murphy, de goedzak van het stel. Hij is als enige in Leith blijven wonen, doet zijn best om van de drugs af te komen, heeft inmiddels een vriendin en een zoon, en neemt zich voor een boek over de geschiedenis van Leith te schrijven. Maar in de lokale bibliotheek voelt hij zich een indringer, hij heeft geen idee hoe hij het op microfiches opgeslagen archief moet raadplegen, het afkicken lukt maar niet, en verder zit ook alles tegen.

Emotioneel heeft het viertal zich in bijna tien jaar tijd niet echt ontwikkeld. Ze zijn inmiddels allen dertigers, maar nauwelijks volwassen te noemen. Bewust of gelaten meten ze zich de rol van misfit of screw-up aan.

Terug in Leith komt Sick Boy in contact met 'Juice' Terry Lawson, die Welsh-liefhebbers zich zullen herinneren uit Glue. De twee besluiten in te haken op de nieuwe trend om amateurpornofilmpjes te maken in de achterkamertjes van kroegen, waarbij de cliëntèle als model fungeert. Oftewel: waar karaoke en Big Brother elkaar ontmoeten en de logische volgende stap zetten.

Ambitieus en berekenend als hij is, wil Sick Boy het hier niet bij laten. Hij wil de professionele porno in. Ster in zijn eerste film - het bijna literair getitelde Seven Rides for Seven Brothers - wordt Nikki Fuller-Smith. Zij is een Engelse studente film en media aan de Universiteit van Edinburgh, die in de avonduren in een massagesalon werkt, waar ze af en toe kleine extra's verricht voor wat extra geld. Nikki droomt ervan zelf pornofilms te regisseren en te produceren, maar voorlopig blijft het bij modelwerk.

Wanneer Sick Boy de hulp van Renton inroept voor de productie en distributie van pornofilms, en Begbie op vrije voeten is, zijn de ingrediënten voor een hogedrukpan vol emotionele spanningen aanwezig. Net als in Welsh' eerdere boeken is ook Porno rijk aan heftige, gewelddadige scènes, die worden afgewisseld met dikwijls cynische humor.

Irvine Welsh is een bekwaam satiricus en een degelijk moralist. In deze roman laat hij zien hoe porno zich heeft ontwikkeld van een fenomeen in de marge van onze cultuur, tot een mainstream-consumptieartikel. Sick Boy heeft die evolutie haarfijn in de peiling: 'Kijk eens naar de vernederingstelevisie, kijk naar de kranten en tijdschriften, kijk naar het klassensysteem, de jaloezie, de bitterheid die onze cultuur ademt: wij willen in Groot-Brittannië mensen gefuckt zien worden.'

Sick Boy is de Britse Menno de Buch. Het kan niet anders of rijkdom ligt voor hem en de zijnen in het verschiet.

Elders in het boek gaat moralist Welsh zelfs nog een stapje verder en laat hij Renton drugs, alcohol, armoede en de gecorrumpeerde media de wapens noemen waarmee het kapitalisme de massa's onderdrukt, en dat op een manier die aanzienlijk effectiever is dan de methoden van de nazi's.

Welsh kan gerust zijn: hij mag dan in zijn boeken diep, gretig en met kennis van zaken in vuil en ellende wroeten, we begrijpen dat dat slechts gebeurt om een ideologisch punt te maken. Ondertussen is ook dit boek weer een fonetische uitdaging voor iedereen die het regelmatig opduikende Leith-accent wil omzetten in begrijpelijk Engels: 'You, ya fuckin dirty hoor, keep out ay ma sight, ah'm fuckin telling ye, ah jist warns the cunt. She kens me well enough tae ken thit ah'm no fuckin well jokin n hur eyes go aw wide n hur face is even fuckin whiter thin ever.'

Het is te doen, maar het houdt wel op.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden