Pop

* * *..

Menno Pot

The Black Keys: Brothers. V2.

De voorbije jaren stonden voor The Black Keys in het teken van experiment en solowerk: op Attack & Release (2008), opgenomen met producer Danger Mouse, bevatte het ooit zo rauwe bluesrockgeluid meer studiofoefjes dan ooit, daarna volgden soloplaten en het half geslaagde hiphop/rock-project Blakroc (2009).

Op Brothers opereren The Black Keys weer als een duo. De opening van het album bevat lekker droog opgenomen, elementaire bluesrock, maar het albumgeluid wordt gaandeweg voller, poppier en gestileerder.

In de sterkste stukken op Brothers laten de ‘Keys’ die twee uitersten op natuurlijke wijze versmelten: bluesrock, goed geschreven songs, doeltreffende extra instrumentatie (bijvoorbeeld orgel) en soulvolle zang van Dan Auerbach, zoals in de single Tighten Up (de enige Danger Mouse-productie op het album) en I’m Not The One.

Helaas zijn niet alle songs zo goed en gaat het wat gepolijste studiogeluid toch ten koste van de opwinding, zeker in het slotkwartier van het met 55 minuten wat te lange Brothers.

Bijzonder meeslepend debuut
* * * *

Villagers: Becoming A Jackal. Domino/Munich.

Een doorbraak leek aanstaande voor gitaarband The Immediate uit Dublin, maar het sterke debuutalbum In Towers And Clouds (2006) was nog maar amper verschenen of Ierlands hoop ging uit elkaar.

Maar goed achteraf, want in zijn nieuwe band Villagers presenteert de jonge frontman Conor J. O’Brien zich pas echt als een bijzondere belofte. Becoming A Jackal is een bijzonder volwassen en meeslepend debuut, dat vooral opvalt door een haast ongelooflijke verscheidenheid aan sferen, zonder dat het een ratjetoe wordt.

Ship Of Promises heeft de intensiteit van Arcade Fire of Elbow, terwijl het lichtvoetige The Pact een Belle & Sebastian-compositie had kunnen zijn. De extatische finale van Pieces wordt gevolgd door een klein, akoestisch liedje en het lijkt wel alsof we op het album drie of vier verschillende zangers horen, zo groot is O’Briens vocale veelzijdigheid. En hij schrijft nog knappe teksten ook.

Villagers komt in juni naar Nederland voor optredens in Utrecht en Amsterdam.

Simpelweg prachtig
* * *

Teenage Fanclub: Shadows. PeMa/PIAS.

Ze worden vaak tot de ‘powerpop’ gerekend, maar eigenlijk is dat een misleidende aanduiding voor de muziek van Teenage Fanclub uit Glasgow: de grote kracht van hun mooiste liedjes, altijd weer schatplichtig aan Big Star en de vroege Byrds, is juist het dromerige, wat flegmatieke karakter ervan.

Die formule is al meer dan twintig jaar ongewijzigd. Teenage Fanclub is nu veertigplus. Zulke meesterlijke, complete platen als Bandwagonesque (1991) en Grand Prix (1995) zullen er wel niet meer komen. Toch kent ook het tiende album Shadows weer liedjes die in hun lome, zomerse pretentieloosheid simpelweg prachtig zijn.

Baby Lee, Dark Clouds, When I Still Have Thee; voor zulke liedjes is intense dankbaarheid op zijn plaats. Tijdloze zomervakantiepop.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden