Pompeigenaren hebben een punt

Vorige week beoordeelde de rechter dat het alleenrecht van pompeigenaren op brandstofverkoop langs snelwegen niet wordt overtreden door het toelaten van snellaadstations voor elektrische auto's door andere exploitanten (Economie, 26 juli). Hoewel de term 'motorbrandstof' niet eenduidig gedefinieerd is, stelde de rechter dat duidelijk is dat het bij eerdere afspraken tussen overheid en pompeigenaren ging om 'de op dat moment gebruikelijke en dus fossiele brandstoffen'.


Dit is een bijzonder ongelukkig gekozen uitleg van de term 'motorbrandstof'. Ten eerste is het onnauwkeurig: het zet de deur open voor de verkoop van biodiesel door anderen (dat is immers niet van fossiele oorsprong), en het sluit met fossiele bronnen opgewekte elektriciteit in principe niet uit. Ten tweede is het onnodig: het aardige van elektrische auto's is dat er geen verbrandingsmotor in zit, en dus ook geen brandstof. Er is dus helemaal geen reden om impliciete aannames over de definitie van motorbrandstoffen te gebruiken: als er iets duidelijk is, is het wel dat het om brandstoffen gaat.


De pompeigenaren pleitten voor een ruimere uitleg van de term: het zou gaan om energie voor motorvoertuigen, ongeacht de energievorm. Daar valt best iets voor te zeggen. Dat er in de Benzinewet alleen wordt gepraat over brandstoffen, neemt niet weg dat de geest ervan is om de energievoorziening van voertuigen op het wegennet te organiseren. De echte vraag is dan ook niet of elektriciteit wel of geen motorbrandstof is, maar wie bepaalt voor welke voertuigen ons wegennet goed toegankelijk is. Dit vonnis doorbreekt het monopolie van de oliemaatschappijen en pomphouders, maar de rechtszaak maakt duidelijk dat de wetgeving tekortschiet in het nieuwe energietijdperk.


De transitie naar een nieuw energieregime is een gevecht tussen de gevestigde orde en duurzame(re) initiatieven die niet sterk genoeg zijn om zonder overheidshulp op gang te komen. Met de snellaadstations beschermt de overheid een specifieke niche, maar het is allerminst zeker dat elektrisch rijden zoals we het nu kennen inderdaad de toekomst zal zijn. Wat als we over een paar jaar waterstof willen tanken? Of accu's willen omwisselen?


In plaats van ad-hocregelingen, zou het beter zijn de Benzinewet toe te rusten voor een veranderende infrastructuur. Er zou bijvoorbeeld een regelmatig herziene specificatie kunnen komen van minimaal aan te bieden brandstoffen (of vooruit, energievormen) door pomphouders. Zo wordt voorkomen dat er bij elke ontwikkeling weer een rechter zich in bochten moet wringen om zijn vonnis te verdedigen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden