Pollesch' vrouwen schreeuwen uit vertwijfeling

Het Belgische KunstenFestivaldesArts brengt zesendertig projecten in drie weken. Stukken met een hoog wanhoopsgehalte, maar ook roerende poezie...

De actrices op de bank bij talkshow-host JéR & Ocirc;me Bel hebben schorre stemmen. Kapot geschreeuwd, geven ze toe. Al twee avonden staan ze in de voorstelling Hallo Hotel...! van René Pollesch, die het openingsweekeinde van de tiende editie van het Brusselse KunstenFestivaldesArts opluistert. En Hallo Hotel...! trekt een wissel op de stembanden.

Waarom, wil Bel weten. Waarom bedient de Duitse regisseur Pollesch zich in zijn voorstellingen vaak van zoveel verbaal geweld op hysterische toon? Bel verzorgt tijdens dit KunstenFestivaldesArts de nagesprekken met een groot deel van de makers van de in totaal zesendertig projecten die het festival gedurende drie weken brengt. The Jerry Bel Show heet die nazit, iedere avond rond een uur of elf ergens op een hoge verdieping in de Beursschouwburg, centrum van het festival. De host onderhoudt zich ontspannen met zijn gasten en laat zich niet licht uit het veld slaan, zelfs niet door de gedecideerd-kokette actrices van René Pollesch .

Het 'enfant terrible van de Prater' luidt de bijnaam van deze regisseur, en de Prater dat is de kleinere dependance van de Berlijnse Volksbühne. Pollesch maakt zeer specifieke, heftige, talige en geëngageerde voorstellingen die steeds draaien om het ongegeneerde, zielloze consumentisme waarmee hij zich geconfronteerd ziet, en waarover hij zich mateloos kan opwinden. Vaak is er nauwelijks sprake van een narratieve lijn en de personages zijn geen personages in de traditionele zin van het woord; ze zijn eerder 'transmitters' van de tekst.

Pollesch werkt veel met vrouwen. Zelf zit hij niet op de bank bij Bel, maar zijn actrices zijn alle vier present. Vrouwen, zo verwoordt Sophie Rois de visie van haar regisseur, kunnen goed schreeuwen. Mannen uiten eerder een Tarzankreet met de boodschap: hier ben ik! Vrouwen schreeuwen uit vertwijfeling en zo wil Pollesch het hebben, want hij is zelf vertwijfeld. Vo i l à .

Hallo Hotel...! (een co-productie met het Burgtheater) heeft een hoog wanhoopsgehalte, maar evenals zijn Pablo in Der Plusfiliale getuigt de voorstelling van gevoel voor humor. Vagelijk draait het hier om een hotel met merkwaardige gasten, een portier en een kamermeisje, maar als personages krijgen zij hooguit een contour. Vertwijfeld schreeuwen ze zich door de voorstelling - en dat doen ze prachtig. Lappen tekst waar soms alleen gevoelsmatig enige grip op te krijgen is, rijgen ze zonder hapering aan elkaar en beetje bij beetje ontstaat een beeld van een stel eenlingen op zoek naar contact, dat tegenover elkaar een imago probeert op te houden, maar halverwege die pogingen maar staakt. Hysterisch, jazeker, maar boeiend tot het eind.

JéR & Ocirc;me Bel is tijdens dit festival niet puur gastheer, later in de maand grijpt hij ook terug op zijn eigenlijke specialisme, als danser/choreograaf in een performance met zijn Thaise evenknie Pichet Klunchun: Made in Thailand. Het KunstenFestivaldesArts heeft de afgelopen tien jaar 'de focus steeds scherper gesteld op niet-westerse culturen' en in deze editie geldt die met name Thailand. Klunchun is aanwezig met nog twee choreografieën, er is een retrospectief van cineast Jia Zhang-ke, en in het openingsweekeinde is er de vernissage van Bangkok, Bangkok.

De Thaise curator Gridthiya Jeab Gaweewong presenteerde deze intrigerende installatie van zeven kunstenaars, die ieder op eigen wijze hun metropool belichten; uiteenlopend van een bepaald spookachtige fotoserie van Bangkok medio jaren negentig tijdens de economische krach, via een parodie op het metronet van de stad tot een innemend wajangpoppentheater, compleet met wierook.

Een zeker hoogtepunt van dit weekeinde is evenwel een Duits/Zwitserse (en Franstalige) co-productie van theatermaker Heiner Goebbels in samenwerking met het Mondriaankwartet. Eraritjaritjaka, in het Edinburgh Festival al gelauwerd, neemt teksten van Elias Canetti als uitgangspunt voor een roerende, poëtische voorstelling waarin het spel van de musici (verscheidene componisten) dat van acteur André Wilms en videowerk van Bruno Deville elkaar mooi aanvullen.

Eraritjaritjaka, Aborigine-taal voor 'het verlangen naar het verlorene' geeft de sfeer weer die over de voorstelling ligt: we volgen een oudere heer, aanvankelijk in zijn overpeinzingen (op toneel), later ook in zijn dagelijks doen en laten (op video). De kleine gebaren, de gedachten, de momenten van hoogmoed en eenzaamheid zijn beeldend, herkenbaar, speels en soms ook oneindig weemoedig. Op die momenten bijvoorbeeld waarop het voelt alsof Canetti -of Sjostakovitsj, wiens Strijkkwartet Nr 8 ten gehore wordt gebracht -ook even aanwezig zijn.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden