ANALYSE

Politieke correctheid: horen, zien en dan zwijgen

Dat je politiek correct bent, zeggen niet veel mensen van zichzelf. Daarvoor is het begrip te beladen. Maar wat is politiek correct eigenlijk? Een onverbloemde verkenning.

Beeld Reuters / ANP / AP

Pap, wat is politieke correctheid? De rechtsgeleerde en filosoof Paul Cliteur kon deze vraag, die zijn 17-jarige dochter hem onlangs stelde, niet ogenblikkelijk beantwoorden. Het begrip mag deze dagen dan te pas en te onpas worden gebruikt, een sluitende definitie is niet meteen voor handen.

Politiek correct: dat is, in de definitie van Wikipedia, 'een term voor voorzichtig taalgebruik over, of het vermijden van, onderwerpen die politiek gevoelig liggen, om belediging (van met name minderheden) te voorkomen'.

Politiek correct: dat etiket werd geplakt op Wolfgang Albers, de gewezen politiechef van Keulen, omdat hij de hand zou hebben gehad in de trage informatievoorziening over de massa-aanrandingen in zijn stad in de nacht van 31 december op 1 januari - om extreem-rechts een schot voor open doel te onthouden. Politiek correct: dat is bondskanselier Angela Merkel, volgens de anti-islam beweging Pegida althans, omdat zij niet wil onderkennen dat Duitsland met de komst van honderdduizenden asielzoekers zijn culturele identiteit verliest.

Politiek correct: dat is, volgens de anti-migratie partij Zweden Democraten, de politie van Stockholm die de aanranding door migranten van bezoekers van een jeugdfestival heeft verzwegen om de idylle van de multiculturele harmonie niet te verstoren. Politiek correct: dat zijn volgens GeenStijl-verslaggever Jan Roos al diegenen die niet hebben weten te verhinderen dat islamitische terroristen met treurige regelmaat in Europa weten toe te slaan. 'Goedemorgen policor Nederland', twitterde hij na de aanslagen in Parijs van 13 november. 'Al beseft wat jullie ons land hebben aangedaan? O, nog niet? Dan vraag ik het bij de volgende aanslag weer.'

Politiek correct: dat zijn volgens de geharnaste pleitbezorgers van Zwarte Piet de defaitisten die een prachtige traditie aan de wilgen hangen om een overgevoelige minderheid te ontzien.

Politiek correct is, met andere woorden, het containerbegrip waarmee het onbehagen over het multiculturalisme en het islamitisch fundamentalisme tot uiting wordt gebracht. Het wordt toegepast op de elite die het zover heeft laten komen.

Diffuus begrip

Maar tezelfdertijd is het een diffuus begrip. Er is, zegt Cliteur, tot dusverre opmerkelijk weinig over gepubliceerd. Hooguit in afgeleide zin. Zo zou Biedermann und die Brandstifter van de Zwitserse toneelschrijver Max Fritsch (1911-1991) als een studie van het verschijnsel politieke correctheid kunnen worden opgevat: een rechtschapen man biedt zijn zolderverdieping als woonruimte aan voor twee vreemdelingen. Die slepen jerrycans met benzine naar boven en wekken ook voor het overige niet de indruk zich als voorbeeldige huurders te willen gedragen. Maar de huisbaas wil die onaangename werkelijkheid niet onder ogen zien. Totdat de huurders zijn huis metterdaad in de as leggen.

Dat is, wat Cliteur betreft, de kern van politieke correctheid: 'De neiging om dingen naast ons neer te leggen die ons niet welgevallig zijn, ook als die dingen wetenschappelijk zijn onderbouwd.' Hoewel die neiging volgens Cliteur de laatste decennia 'spectaculaire vormen' heeft aangenomen, heeft ze een voorgeschiedenis van eeuwen. Altijd heeft er frictie bestaan tussen wetenschap en wensdenken.

Toen Ed van Thijn (PvdA) burgemeester was van Amsterdam - van 1983 tot 1994 - zouden onprettige misdaadstatistieken waarin allochtonen figureerden, onder de pet zijn gehouden. Toenmalig politiecommissaris Eric Nordholt kwam onder vuur te liggen toen hij, in strijd met de tijdgeest, vertelde wat niemand wilde horen. De Nederlandse politie registreert wetsovertreders overigens nog steeds niet op basis van etniciteit, omdat die categorisering 'niet relevant' zou zijn.

Deze mechanismen waren ook zichtbaar in Keulen, na de aanrandingen in nieuwjaarsnacht, en - vooral - in Stockholm, waar soortgelijke voorvallen ruim anderhalf jaar konden worden weggestopt.

Horen... Beeld reuters

Politiek opportunisme

In het radioprogramma Stand.nl suggereerde de socioloog Bram Peper - oud-burgemeester van Rotterdam en lid van de PvdA, 'een partij met een zekere hang naar politieke correctheid' - dat het verzuim van de Zweedse elite een reactie was op de Tweede Wereldoorlog 'waarin Zweden niet tot de moedigste landen behoorde'. Hij doelde op het feit dat Zweden tot diep in de oorlog ijzererts leverde aan nazi-Duitsland en Duitse troepenbewegingen op Zweedse bodem heeft toegestaan. 'Zweden was helemaal niet neutraal tijdens de Tweede Wereldoorlog', stelde de Zweedse schrijver en journalist Staffan Thorsell in 2007 vast - tot misnoegen van al die landgenoten voor wie de Zweedse neutraliteit een geloofsartikel was.

Voor de Amerikaans-Nederlandse historicus James Kennedy, decaan van het University College Utrecht, getuigt de verheimelijking van de gebeurtenissen in Stockholm echter meer van politiek opportunisme dan van politieke correctheid. 'Er zijn dingen verdoezeld die de regering in verlegenheid zouden hebben gebracht. Dat is heel onverstandig geweest, maar de weigering om onwelgevallige feiten niet onder ogen te zien, is volgens mij toch iets anders dan politieke correctheid.'

Die zienswijze strookt met de klacht die voormalig topambtenaar Roel Bekker uitte in zijn boek Marathonlopers (2012) dat ambtenaren niet langer worden geselecteerd op hun bereidheid hun politieke bazen tegen te spreken, maar meer op hun vermogen hun bazen voor politieke problemen te behoeden. Het politiek opportunisme waarover Kennedy het had, is dus geïnstitutionaliseerd - niet alleen in Nederland, maar ook elders.

zien... Beeld anp

Taal

Het grootste deel van zijn leven heeft Kennedy (52) doorgebracht in een land waar politieke correctheid is gestold in de taal. Talrijke instanties zien erop toe dat de Amerikaanse taal zoveel mogelijk wordt ontdaan van elementen waaraan een van de talrijke minderheden aanstoot zou kunnen nemen.

Een van die instanties is de Task Force on Bias-Free Language of the Association of American University Presses. Voor deze puristen is het woord gettoblaster 'beledigend als stereotype van de Afro-Amerikaanse cultuur'. Een door Indianen - excuus: native Americans - gewonnen veldslag waarbij veel kolonisten om het leven kwamen, mag niet meer als 'bloedbad' (massacre) in de geschiedenisboeken worden gekenschetst.

De taal is in de Verenigde Staten al vergaand sekseneutraal gemaakt. Zo zijn policemen, firemen en chairmen in het spraakgebruik vervangen door police officers, firefighters en chairpersons. In een recente aflevering van de satirische animatieserie South Park was Cartman, de hoofdfiguur, zwaar in overtreding met het gebruik van het woord zegsman. Schooldirecteur P.C. Principal beukte hem in elkaar onder de uitroep: 'Gebruik je met opzet woorden die vrouwen uitsluiten?'

De Republikeinse presidentskandidaat Donald Trump heeft aan zijn populariteit bijgedragen met een frontale aanval op de taalcodes. Van de Amerikanen onderschrijft 68 procent de stelling 'dat politieke correctheid een groot probleem is voor dit land'. Dat percentage slonk overigens tot 53 procent toen de respondenten werd duidelijk gemaakt dat deze stelling afkomstig was van Trump. Veel Amerikanen zijn toch te politiek correct om met Trump geassocieerd te willen worden - ook al zijn ze het met hem eens.

En dan zwijgen. Beeld AP

Problematische ontwikkeling

In de nominatiestrijd, vooral aan Republikeinse zijde, is politieke correctheid onderhand uitwisselbaar met landverraad en appeasement. Dat is een heel problematische ontwikkeling, zegt Kennedy. Want in een heterogene samenleving is taal het bindmiddel bij uitstek. 'Met het taalgebruik kun je laten zien dat Afro-Amerikanen en vrouwen geen tweederangsburgers meer zijn. Met het taalgebruik kun je laten zien dat je iets hebt geleerd van de geschiedenis. Die sensitiviteit is echt heel wezenlijk voor een samenleving van minderheden.'

In Europa uit politieke correctheid zich niet zozeer in de taal maar in het streven naar 'sociale rechtvaardigheid': eerlijk delen en gelijke kansen. 'Hier moet je jezelf er vooral voor behoeden dat je als rechts-radicaal of fascist wordt weggezet. Met grappen die wij in de Verenigde Staten als ontoelaatbaar zouden ervaren, bijvoorbeeld over minderheden, hebben de Europeanen echter minder moeite. Maar dat wil niet zeggen dat Europeanen minder politiek correct zijn dan de Amerikanen. Hun politieke correctheid uit zich alleen anders.'

'Politieke correctheid vervult je met een gevoel van welbehagen', zegt Paul Cliteur. 'Je kunt je deelgenoot voelen van een groep goede mensen die het goed voor heeft met de wereld.' Die mensen - in de regel geletterd - oefenen zich in schuldbesef over alle dwalingen in het verleden. Vandaar dat politieke correctheid in de jaren zestig zo sterk wortel heeft geschoten. Het begrip is weliswaar ouder - in de jaren dertig werd het gebruikt om het opiniedictaat in nazi-Duitsland en de Sovjet-Unie te omschrijven - maar vanaf de jaren zestig kreeg het zijn huidige betekenis. 'Dus na de morele catastrofe van de Tweede Wereldoorlog en de pijnlijke dekolonisatie.'

Maatschappelijk bindmiddel

Volgens politicoloog Philip van Praag hield in Nederland iedere levensbeschouwelijke zuil er ooit zijn eigen politieke correctheid op na. Na de onverhoedse verdwijning van de zuilen namen de Nederlanders - eigenlijk pas voor het eerst - kennis van andere levensbeschouwingen dan de hunne. 'Er ontstond een nationale politieke opinie. En die werd, onder invloed van een andere kijk op de Tweede Wereldoorlog, gekenmerkt door een scherp debat over goed en kwaad. In de vrijheid die ontstond, botsten groepen. Politieke correctheid diende ter onderbouwing van het eigen gelijk.'

Als politieke correctheid al ooit een maatschappelijk bindmiddel is geweest, is ze dat nu in elk geval niet meer. 'Ze brengt de afkeer van het andere kamp tot uiting', zegt Kennedy. 'Nooit zal iemand zichzelf politiek correct noemen. Het begrip is altijd van toepassing op de tegenpartij, en daarmee is per definitie geen vergelijk mogelijk.'

Het is het hedendaagse equivalent van het vaak gebezigde 'fascist' in de jaren zeventig: een krachtige morele diskwalificatie.

Henk en Ingrid

Politiek correct: dat is volgens Geert Wilders de Haagse elite die Henk en Ingrid niet heeft willen behoeden voor een moskee om de hoek en een azc in de stad. Wilders vertolkt heel effectief de oeroude angsten voor 'de vijand in ons midden', de 'vijfde colonne' waarover Theo van Gogh en Pim Fortuyn al spraken in verband met de islamisering van Nederland.

Elk tijdvak heeft z'n eigen vijfde colonne en meestal moest achteraf worden vastgesteld dat het met de gevreesde dreiging nogal meeviel. Maar na de aanslagen door moslims die in Europa zijn opgegroeid, na de moord op Theo van Gogh en na de gebeurtenissen in Stockholm en Keulen kan Wilders op akelige feiten wijzen. Dat doet hij dan ook met overgave.

En de bestuurselite? Die wil vooral niet de indruk wekken dat ze de feiten miskent. Daarvoor moet ze af en toe lekker politiek incorrect durven zijn, zoals de Rotterdamse burgemeester Aboutaleb met de 'rot toch op'-uitspraak waarmee hij iedereen de wacht aanzegde die zich van onze samenleving afwendt. Maar erg bedreven in dit soort uitspraken zijn de Nederlandse bestuurders nog niet: velen waren Aboutaleb er wellicht erkentelijk voor dat hij - van Marokkaanse afkomst, dus onverdacht - woorden gebruikten waarvoor zij nog huiveren.

Ontvang elke dag de Volkskrant Avond Nieuwsbrief in uw mailbox, met het nieuws van vandaag, tv-tips voor vanavond, en alvast zes artikelen uit de krant van morgen. Schrijf u hier in.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.