Politiek kan niet zonder spionage

Amsterdam Na het eind van de Koude Oorlog dachten velen dat de spionagestrijd tussen Oost en West voorbij was. De recente ontmaskering van een Russisch spionagenetwerk in de VS en de spionnenruil tussen Moskou en Washington tonen hun ongelijk....

Van onze verslaggever Jeroen Saat

Contraterrorisme is de laatste jaren weliswaar de eerste prioriteit geworden voor geheime diensten, maar spionage blijft een onlosmakelijk onderdeel van de buitenlandse politiek van staten, zegt Ben de Jong, docent aan de Universiteit van Amsterdam, specialist in Russische inlichtingen- en veiligheidsdiensten. ‘Kennis is macht. Daarom willen landen altijd zoveel mogelijk informatie over beleidsvoornemens van andere landen.’

De Jong vindt het ‘veelzeggend’ dat het Westen net als tijdens de Koude Oorlog weer veel aandacht besteedt aan het ‘gesloten Kremlin’. ‘Vroeger probeerden analisten te doorgronden hoe het gesteld was met de gezondheid van Brezjnev. Tegenwoordig proberen ze, door foto- en videomateriaal te vergelijken, een indruk te krijgen van Poetins gesteldheid.’

Ook industriële geheimen vormen een populair doelwit voor moderne spionnen, zegt De Jong. ‘De Sovjet-Unie had altijd veel interesse voor Westerse technologieën. Dat geldt ook voor het huidige Rusland. De Russische wet op inlichtingendiensten noemt het vergaren van informatie die kan bijdragen aan het economisch welzijn van Rusland zelfs een hoofdtaak. Een andere topprioriteit is het volgen van de tegenpartij. De Russen en Amerikanen proberen nog altijd elkaar te snel af te zijn.’

De spionageruil die donderdag begon tussen Rusland en de VS was volgens De Jong in het voordeel van beide partijen. ‘De regering-Obama is druk bezig de betrekkingen met Rusland te normaliseren. Een langlopend schandaal kan Washington daarbij niet gebruiken. Voor het Kremlin geldt tot op zekere hoogte hetzelfde: Moskou wil de relatie met de VS niet onnodig onder druk zetten.’

De Russen hadden echter nog een motief om mee te werken aan een snelle oplossing. De Jong: ‘Het Russische spionagenetwerk was al langer actief in de VS. In de aanklacht van de FBI wordt desondanks niet gesproken over spionage. De media concludeerden daaruit dat er geen geheime informatie was doorgegeven. Maar Moskou was als de dood dat deze mensen in een Amerikaanse cel een boekje zouden opendoen over hun daadwerkelijke activiteiten.’

Volgens het jaarverslag van de Nederlandse AIVD over 2009 zijn Russische inlichtingendiensten ook in Europa en Nederland ‘heimelijk actief’. De zaak van de Est Herman Simm toont aan dat er ook spionnen rondlopen in West-Europa, zegt De Jong. ‘De Russen hebben een lange traditie met zogeheten illegale spionnen, die lastig zijn op te sporen.’

Simm, oud-topman van het Estse ministerie van Defensie, kreeg vorig jaar 12,5 jaar celstraf omdat hij jarenlang geheime informatie had doorgegeven aan Rusland. Zijn contactpersoon was een Portugees die zich vrij kon verplaatsen in de Schengenzone. Toen Simm werd opgepakt, verdween de verbindingsman spoorloos. De Jong benadrukt dat zulke mensen ook in Nederland actief kunnen zijn.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden