Politiek en ik

Mijn streven is uit de buurt van de politiek te blijven. Ik bemoei me er alleen mee als er verkiezingen zijn. Ik breng mijn stem uit en nestel mij 's avonds voor de televisie om te zien wat ik met het rode potlood teweeg heb gebracht. De uitslag, die doorgaans niet brengt wat ik ervan hoopte, accepteer ik gelaten. Lang geleden, toen er nog geen televisie was, nam ik op verkiezingsavond de tram naar de N.Z. Voorburgwal waar de landelijke dagbladen waren gevestigd. Voor hun gevels hingen grote lappen papier waarop de uitslagen werden gekalkt. De redactiebureaus van De Waarheid en het Algemeen Handelsblad lagen naast elkaar. Tot in de nacht waren communisten, socialisten en li-beralen in heftige discussie verwikkeld, beschenen door het licht van de straatlantaarns, als op een tekening van Dick Matena.


Ik had toen al het gevoel dat al dit gekrakeel buiten me omging. Mijn leven speelde zich elders af, ver van politieke idealen of inzichten. Ik voelde me wereldburger, maar daar was geen partij voor. Het was dan ook een uiterst vaag begrip. Je kon er geen omelet van bakken, waarvoor eieren gebroken moesten worden. Een kennis van mij was trotskist, aanhanger van de wereldrevolutie en het breken van eieren. Hij ventte het blaadje De Tribune uit. Dat kwam hem op zo'n verkiezingsavond te staan op een pak slaag van de gestaalde kaders van de stalinisten, voor wie hij een 'scheurmaker' was.


Zijn arm met gebalde vuist omhooggestoken, werd hij weggedragen. Hij vond mij een bourgeoiszoontje, verstoken van de vitale kracht van het proletariaat. Ik dacht een dichter te zijn, die klassen niet erkende.


Wat was het rustig die zeven weken dat de politiek zich had teruggetrokken in het Catshuis. Welk een weldadige stilte, die radiostilte. De journalisten meldden dat er niets te melden was, elke dag opnieuw.


Ik kreeg met ze te doen, zoals ze voor die hekken stonden, hun microfoons in het luchtledige stekend. In die rust konden we ons ongestoord overgeven aan onze eigen ditjes en datjes. Het leven bestaat uit ditjes en datjes en die zijn in de meeste gevallen beheersbaar. Alles was pais en vree, tot de bom barstte die de hele tijd in het Catshuis had liggen tikken. Sinds dat moment zitten we in een onophoudelijke schervenregen.


Hoe graag ik ook wil, het politieke theater valt niet meer te ontwijken. Ik zal en moet de voorstelling bijwonen, gedwongen door de publieke omroep en de kranten. Ik kan natuurlijk uitwijken naar de commerciële zenders, maar die bieden niets dat me aantrekt. Ophouden met kranten lezen is te veel gevraagd voor een dagbladjunk die niet buiten zijn dagelijkse spuit drukinkt kan.


In het slechte stuk dat in het Haagse theater wordt opgevoerd, begeert iedereen de hoofdrol. Men neemt zijn verantwoordelijkheid, zoals dat heet. Mijn partij heeft de wijsheid in pacht, mevrouw de voorzitter. Nee, de mijne, geachte collega. Europa moet maar even wachten, tot we zijn uitgespeeld. Murw geslagen kijkt het publiek in de zaal toe. Wanneer valt eindelijk het doek?


Terwijl de begrotingen me om de oren vliegen, ruk ik me los van de voorstelling en verlaat de zaal. De holle stemmen van de spelers klinken nog na. Buitengekomen is het rumoer weggestorven tot wat afdrijvend onweer in de verte. Op straat spelen de kinderen. Vogels vliegen af en aan. De bomen botten uit. Ik koop een brood bij de bakker. Degene die ik lief heb borstelt haar haar. Straks gaan we naar de film. Die heeft liefde tot onderwerp.


In september zijn er verkiezingen, door de politiek met man en macht 'over de zomer heen getild'. Tegen een van mijn weinige principes in, overweeg ik om deze keer maar eens niet te stemmen. Maar ja, dat is ook politiek.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden