Interview Paul van Musscher

Politiechef Paul van Musscher: ‘Ook vanuit Nederland wordt de mensensmokkel uit Afrika aangestuurd’

Mensensmokkelaars zijn steeds beter georganiseerd en worden steeds gewelddadiger. Paul van Musscher, landelijk portefeuillehouder migratiecriminaliteit en Haagse politiechef: ‘We hebben de morele verantwoordelijkheid om dit prioriteit te geven.’ 

De politie controleert in de Rotterdamse haven met speciale honden containers en vrachtwagens op verstekelingen. Beeld Marcel van den Bergh

Midden in de hittegolf zat hoofdcommissaris Paul van Musscher onlangs met 35 graden in een trailer in de Rotterdamse haven. Hij wilde weleens weten hoe dat voelde, als verstekeling in een vrachtwagen. ‘Dat was na vijf minuten zonder water al een hel, een verstikkend gevoel, stel je voor dat je daar urenlang zo zit. En dan moet je ook de overtocht naar Engeland nog maken. We hebben afgelopen halfjaar in de Rotterdamse haven driehonderd mensen uit die trailers gehaald. Mensen zetten echt hun leven en dat van hun kinderen op het spel.’

Sinds het kabinet dit voorjaar de zogenoemde migratieagenda presenteerde, is het tegengaan van illegale migratie ook een prioriteit van de Nederlandse politie. Van Musscher is behalve politiechef van de eenheid Den Haag ook landelijk portefeuillehouder vreemdelingenzaken en migratiecriminaliteit en belast met de uitvoering van dat beleid. Daarbij wordt intensief samengewerkt met de marechaussee, andere EU-landen, de grensbewakers van Frontex en ngo’s. Maar het blijkt nog niet zo eenvoudig om vanuit Nederland invloed uit te oefenen op zo’n ingewikkeld internationaal vraagstuk.

Hoe kunt u als politieman in Den Haag nou voorkomen dat iemand in Soedan besluit op reis te gaan naar Europa?

‘Het begint met dat wij in Soedan nu ook een vooruitgeschoven post hebben. Diverse landen zijn al vrij ­actief in Soedan om met de Soedanese politie die mensensmokkelnetwerken aan te pakken. Nederland gaat meewerken aan die aanpak.’

Dan neem je het middel weg, de smokkelroute. Maar niet de oorzaak: de burgeroorlog en de armoedige leefomstandigheden daar, die maken dat mensen weg willen.

‘Nee dat klopt, dat is ook niet aan de politie. Dat is overheidsbeleid, Europees beleid. Wat wij doen vloeit voort uit de ­migratieagenda van het kabinet. En dan is een van de belangrijkste dingen het voorkomen van irreguliere migratie en, als mensen toch naar ons toekomen, om dat humaan en ordentelijk te reguleren.’

U heeft het over mensonterende omstandigheden op die migratieroutes – mensen verdrinken, vrouwen worden onderweg verkracht. U wilt die slachtoffers tegen zichzelf beschermen. Tegelijkertijd gaat u iets doen wat zij helemaal niet willen, namelijk: hen tegenhouden op hun weg naar een betere toekomst in Europa.

‘Ja, dat is een dilemma. Ik snap ook wel dat die mensen deze kant op willen, maar de manier waarop smokkelaars rücksichtslos over de ruggen van dat soort slachtoffers hun geld verdienen, dat is echt laakbaar. Daar willen we een stokje voor steken.’

Had de Nederlandse politie zich hiermee ook beziggehouden als die mensen uiteindelijk niet hier terechtkwamen? Het lijkt er in de discussie vaak op dat het argument ‘we moeten ze beschermen’ wordt gebruikt om het tegenhouden van migranten te rechtvaardigen.

‘Ik vind het geen oneigenlijk argument. We kunnen niet al die duizenden mensen hier herbergen, maar we willen ook niet dat ze zich als lemmingen van de rots afstorten. Het was misschien een ver-van-m’n-bedshow, tot het onze kant op kwam. Cruijff zei het al: je ziet het pas als je het doorhebt.’

Jullie signaleren dat een deel van de mensensmokkel wordt aangestuurd vanuit Nederland. Wie zijn die mensen die zich daarmee bezighouden?

‘Dat weten we niet precies. Maar het gaat vaak om mensen uit de Hoorn van Afrika en de bron- en transitlanden die daarmee verbonden zijn: Soedanezen, Eritreeërs, Ethiopiërs, maar ook steeds meer uit West-Afrika, zoals Niger en Nigeria. Wij moeten nu echt onderzoek gaan draaien op wat daar gebeurt en hoe het wordt aangestuurd. Het is een illusie dat smokkel niet meer zou zijn dan wat mensen in een busje afzetten in Ter Apel.’

Wat moeten we ons dan precies voorstellen? Hier in Den Haag zit ergens een Nigeriaan op een flatje die contacten heeft in Afrika en onderdeel is van die smokkelketen?

‘Ja, zo moet je dat zien.’

Maar heeft u een concreet voorbeeld van een zaak waaruit dat blijkt?

‘Dat moet nog onderzocht worden. Maar wat zich al openbaart, als je de financiële stromen volgt, is dat er ook mensen in Nederland zijn die aan touwtjes trekken in het georganiseerd smokkelen van mensen uit Afrika. Mensen die hier al wonen en iets meer ingenesteld zijn. Soms hebben ze een financiële rol, door het verdiende geld ondergronds op de goede plek te brengen. Soms gaat het om het uiteindelijke organiseren van de hele route.’

En om hoeveel smokkelaars gaat dat?

‘Geen idee, dat gaan we echt onderzoeken.’

In 2015 was er een enorme piek in de migratiecijfers, hoe kan het dan dat dit pas drie jaar later een prioriteit wordt en u het nog moet gaan onderzoeken?

‘Het is een nieuwe vorm van criminaliteit die zich moeilijk openbaart.’

Nieuw? Er komen toch al tientallen jaren mensen uit Afrika?

‘Nou, niet in de mate zoals nu. Het georganiseerde verband is exponentieel in omvang gestegen. Als een vraagstuk zich meer manifesteert, krijgt het meer aandacht. We zien meer en meer migratiecriminaliteit doordat we steeds meer informatie krijgen van andere landen, Frontex, ngo’s en Europol, over hoe gewelddadig die smokkel eraan toegaat. Daar zit een georganiseerde keten achter.’

En die keten kon tot dusver tamelijk ongezien opereren?

‘Het is een vrij nieuw fenomeen. Wij hebben gezegd: als het zo groot wordt en er is zoveel leed, dan hebben wij de morele verantwoordelijkheid om dit prioriteit te geven boven de klassieke misdaad, zoals inbraken en overvallen. In het takenpakket van de nationale politie is dit nieuw en krijgt het nu de aandacht die het verdient.’

Landelijk officier van justitie Warner ten Kate uitte onlangs in een interview zijn zorgen, omdat het aantal smokkelzaken is afgenomen van zeshonderd tien jaar geleden naar driehonderd in 2017. Dat staat haaks op de bewering dat mensensmokkel nu de hoogste opsporingsprioriteit heeft.

‘Wij willen het niet alleen hebben over aantallen zaken. Het effect moet leidend zijn. Dus dat je probeert te voorkomen dat iemand uitgebuit wordt of sterft in de woestijn. Strafrechtelijke vervolging is het ultimum remedium. Liever willen we zaken voorkomen. Het resultaat daarvan is moeilijker te ­meten. Maar als officier Ten Kate het heeft over de afname van het aantal zaken, zou ik graag de discussie met hem willen aangaan van: o, zijn we dan dus minder effectief geweest? Preventie uit zich niet in aanhoudingen.’

Maar hoe verklaart u dat het aantal strafzaken in mensensmokkel is gedaald, terwijl het aantal inkomende migranten juist hoog was afgelopen jaren?

‘Een verklaring kan zijn dat we als nationale politie nog steeds kampen met de naweeën van de personele reorganisatie. We hebben ook behoorlijk wat voor de kiezen gekregen qua taken als het gaat om toezicht en handhaving. In 2015 en 2016, met die enorme toestroom, lag het zwaartepunt op het ordentelijk identificeren en registreren van binnenkomende vluchtelingen. Zeker na de aanslag in de Bataclan in Parijs werd dat geïntensiveerd, toen bleek dat een van die daders die zich opblies, was meegekomen met de asielstroom.’

De landelijk officier zegt ook dat slechts 70 procent van de smokkelzaken succesvol wordt afgesloten. Volgens hem komt dat door ‘de onbekendheid van de materie bij opsporingsambtenaren’. Is het pijnlijk dat hij zo over uw mensen spreekt?

‘Ik vind het deels pijnlijk. Als hij een foto maakt van de situatie en het is zoals het is, dan moeten we echt het been bijtrekken en dit prioriteren. Dan moet de kwaliteit omhoog. Ik herken de kritiek wel, dat is ook precies waarom we mensen verder gaan opleiden. Zodat ze de signalen herkennen.’

Want het opsporen en bestrijden van mensensmokkel lukt dus nog niet goed genoeg?

‘Niet in de mate waarin we dat graag zouden willen. Je ziet dat smokkelaars heel wendbaar zijn en met de nieuwste middelen communiceren en handelen. Dat vraagt echt een andere manier van werken van de politie en van onze partners. We moeten samenwerken met andere overheden en ngo’s. En we moeten niet bureaucratisch reageren op zo’n nieuw vraagstuk, want dan verlies je de strijd.’

De Europese samenwerking om migratie in goede banen te leiden, is een chaos. Er zijn landen die zeggen: wij doen gewoon niet mee aan het verdelen van vluchtelingen. Maar zonder die samenwerking is het toch een illusie dat de ­illegale migratie efficiënt kan worden aangepakt?

‘Dat ligt echt op de Europese tafel. Brussel zal een land moeten sanctioneren als een lidstaat niet meedoet. Dat is niet aan mij. De wereld is vele malen weerbarstiger dan wat je aan een beleidstafel kunt verzinnen. Ik vind wel: de politie is nu vele malen meer gefocust op dit thema dan een aantal jaren terug. En we zijn bereid om internationaal de samenwerking te zoeken. Sowieso zie je dat we in de overgang zitten naar veel meer ­samenwerken met andere organisaties. Het is niet meer zoals vroeger: wij van de politie weten wat goed voor u is. We zijn onderdeel van een netwerk. Dat is het nieuwe denken en dat vergt een andere basishouding.’

Jullie zoeken nu ook samenwerking met een ngo als Justice and Care. Waarom?

‘Denk bijvoorbeeld aan een situatie van minderjarige meisjes die worden uitgebuit in de prostitutie. Die praten makkelijker met mensen van een ngo, die weten hoe ze een vertrouwensband moeten opbouwen met zo’n meisje. Justice and Care kan bepaalde informatie met ons delen, zodat wij meer inzicht krijgen in de mensenhandel.’

Als het budget en de capaciteit geen enkele belemmering zouden zijn, wat zou u dan nu willen hebben om het probleem van migratiecriminaliteit effectief te bestrijden?

‘Mensen die goed Arabisch en andere vreemde talen spreken. Dat heb je ook nodig als je in de internationale context goed wil samenwerken. Hogeropgeleide mensen met verstand van internationale juridische vraagstukken, mensen die handig zijn in het financieel rechercheren om de routes van het geld verder te kunnen uitspitten. Cyberdeskundigen, mensen die weten hoe je informatie die wordt gedeeld op sociale media kunt gebruiken in de opsporing. Rechercheurs die een specialistische opleiding hebben gevolgd voor het doen van slachtofferverhoren, zodat je daar meer informatie uit krijgt. En meer migratiehonden waarmee we in de havens controleren op inklimmers. Daarvan hebben we er nu maar twee.

Samengevat zit u in een lastig parket: jullie kampen met een tekort aan goed opgeleide mensen, de smokkelaars blijven grotendeels onder de radar en de Europese lidstaten vechten elkaar de tent uit over de aanpak van de migratieproblematiek. Ga er maar aan staan.

‘Daar duid je de complexiteit van het vraagstuk goed. De omstandigheden ­nopen ons om een beweging te maken. Als je migratiecriminaliteit echt wil aanpakken, moet het anders dan het nu gaat.’

Politiechef van de eenheid Den Haag Paul van Musscher. Beeld ANP
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.