Politie en OM zetten rechter op dwaalspoor

POLITIE EN JUSTITIE Politie en justitie maken opvallend veel fouten, waardoor onschuldigen veroordeeld kunnen worden en misdadigers de dans kunnen ontspringen.

We hadden reeds de breed uitgemeten rechterlijke dwalingen zoals de twee van Putten, de parkmoord in Schiedam, Ina Post, Lucia de Berk. In al die zaken speelde de politie en het OM een onprofessionele rol. Recent kan aan dit rijtje de Chinese restaurantmoord in Breda worden toegevoegd. Zes mensen jarenlang achter de tralies zonder deugdelijk bewijs. Sterker: ontlastend bewijs werd voor de rechter achtergehouden.

We zijn bijna Europees kampioen in het opsluiten van onschuldige mensen: 30.000 in de afgelopen tien jaar. Ook hierin speelt de politie als toegangspoort tot de strafrechtspraak een grote rol, maar tevens het OM onder wiens verantwoordelijkheid het recherchewerk wordt verricht. Deze voorlopige hechtenis heeft de belastingbetaler bijna 80 miljoen euro aan uitgekeerde schadevergoedingen gekost.

De doelmatigheid van de politie is nauwelijks te achterhalen, net zo min als de kwaliteit. Dat schreef de Rekenkamer in het recente opzienbarende rapport over het strafrechtapparaat. Van het onderzoek naar de vraag of de 6,2 miljard euro voor politie, OM en strafrechtspraak doelmatig worden gebruikt, werd door politici nauwelijks gerept. Uit dat onderzoek bleek dat zo'n 90 procent van wat de burger bij de politie meldt over gewelds- en vermogensmisdrijven (circa één miljoen per jaar, en dat is slechts een derde waarvoor de burger naar de politie gaat) tot helemaal niets leidt: geen waarschuwing, geen boete, werkstraf noch cel. Met aftrek van sepots, vrijspraken enzovoort legde de strafrechter in maar 5 procent een sanctie op.

Het management is er nauwelijks van op de hoogte, legt er geen verantwoording over af en stuurt ook niet op het voorkomen ervan. Ook het OM niet. De Rekenkamer schetst een beeld van een losse federatie van strafrechtelijke instanties. En die zogeheten strafrechtketen rammelt aan alle kanten. Jaarlijks blijven ook nog eens 700.000 aangiften liggen, 16 procent van de opgelegde straffen wordt niet uitgevoerd en 14 procent van de boetes wordt niet geïnd.

De omvang van het Nederlandse politieapparaat is sinds 1994 met bijna de helft toegenomen. Het leeuwendeel van die extra agenten is in bureaufuncties terechtgekomen. Dat blijkt uit twee recente onderzoeksrapporten, waaruit vooral een beeld naar voren komt van een volledig scheefgegroeide bureaucratische organisatie met 45 procent overhead. Veel meer dan bij universiteiten (25 procent) of ziekenhuizen (15 procent). Het ophelderingspercentage is ondanks de forse groei slechts met enkele procenten toegenomen tot ruim 20 procent.

In Noordrijn-Westfalen, qua omvang en criminaliteit vergelijkbaar met Nederland, schommelt het ophelderingspercentage al jaren rond de 50 procent. Er zijn daar per hoofd van de bevolking ook nog minder agenten dan in Nederland. Zowel de politieke als de ambtelijke leiding faalt dus vanwege interne verspilling van capaciteit, geld en tijd, veroorzaakt door een versnipperde organisatie met eigen koninkrijkjes, bestuurlijk mismanagement en politiek wanbeheer. Politieagenten klagen massaal over de kloof tussen top en werkvloer.

In 2010 is het Programma Versterking Opsporing en Vervolging (PVOV) naar aanleiding van de dwaling in de Schiedammer Parkmoord afgerond. Het evaluatierapport daarover was toen te triomfantelijk, veel te zeer naar binnen gericht en zonder zelfreflectie. Een verbeteringsprogramma, gedurende vier jaar, voor 75 miljoen euro, met als resultaat dat waarheidsvinding bovenaan de agenda kwam te staan, transparantie geboden zou zijn en tunnelvisie verleden tijd! Maar het strafrecht is volgens de Rekenkamer nog steeds een vergiet en berust vooral op Haagse illusies.

Het evaluatierapport gaf toen ook geen antwoord op de analyse van de wetenschapsfilosoof Ton Derksen in zijn boek Het OM in de fout - 94 structurele missers. Daarin constateert Derksen dat justitie opvallend veel fouten maakt. Derksen analyseert het optreden van het OM in onder andere de zaak-Lucia de B., de zaak-Sweeney, de zaak-Henk H. en de Deventer moordzaak. Derksen constateert talloze manco's, zoals: het OM houdt informatie achter, raapt willekeurige feiten bij elkaar, maakt cruciale argumentatiefouten en staat niet open voor kritiek. Door deze fouten bestaat ernstige twijfel over de juistheid van de veroordelingen, omdat rechters op het verkeerde been worden gezet door het OM.

Daarop wijzen de rechtspsychologen Crombag, Van Koppen en (wijlen) Wagenaar al jaren. Als rechters het broddelwerk van justitie aanvaarden, kunnen onschuldigen veroordeeld worden of kunnen zware misdadigers de dans ontspringen. De kritiek komt al jaren uit alle hoeken - zelfs vanuit de Hoge Raad en het Europese Hof - maar politici slapen en willen niet gewekt worden.

De roep van sommige politici om zwaarder te straffen ter bestrijding van de criminaliteit is onzin. Het is vooral de pakkans die bepalend is. En die pakkans is klein, omdat de politie wordt geleid door 'papieren' managers en onze 'speurders' onvoldoende zijn opgeleid en worden ondersteund. Dat zien we vaak terug in het wettig bewijsmiddel: het proces-verbaal. In de praktijk blijkt dit vaak doordrenkt van feitelijke onjuistheden, onvolledigheden en interpretaties van de verbalisant: een vertekend beeld van de waarheid, doordat 'straat'-methoden van waarheidsvinding worden gebruikt.

Een nationale politie zal daar (voorlopig) weinig aan veranderen.

WIM ORBONS

is econoom en jurist.

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden