‘Politici vechten, het volk lijdt’

Hij vocht tegen deportatie van zijn moeder, won, maar zag haar niet levend terug...

‘Op 3 oktober begon de campagne tegen de Georgiërs. Moeder werkte op de markt. Ze werd op de 4de opgepakt. ’s Avonds belde ze vanuit de gevangenis om te zeggen dat de documenten voor haar deportatie werden voorbereid.’

Niko Jabeli (23), die met zijn familie in 1993 uit het Abchazische oorlogsgebied naar Moskou kwam, spreekt op neutrale toon over de gebeurtenissen van een jaar geleden. Als rechtenstudent begon hij een campagne tegen de pogingen van de autoriteiten om zijn moeder uit te zetten.

Dat ging niet makkelijk. De eerste vier advocaten die hij belde, wilden de zaak niet: er was een staatscampagne tegen Georgiërs begonnen en het enthousiasme om ze te verdedigen was niet groot. Niko’s volharding – en de hulp van mensenrechtenorganisaties – brachten uiteindelijk winst in de rechtszaal. Toch moest hij na afloop zijn moeder begraven.

‘Op 5 oktober was de eerste zitting. Binnen tien minuten was het besluit genomen: deportatie. We hadden tien dagen om in beroep te gaan, maar niemand wilde de daarvoor benodigde kopie van de uitspraak afstaan.’

Door bemiddeling van Moskouse mensenrechtenactivisten lukte dat uiteindelijk toch. ‘Het document was een nachtmerrie. Er stond in dat mijn moeder had afgezien van het recht op een advocaat en vertaler en dat ze uit vrije wil wegging. Haar handtekening was vervalst.’ Niko hielp zijn moeder, die aan hoge bloeddruk leed, beroep aan te tekenen.

De uitspraak zou binnen twee dagen volgen, maar werd telkens uitgesteld. ‘Na vele pogingen lukte het me om de secretaresse van de rechtbank aan de praat te krijgen. Ze vertelde dat de rechter haar de opdracht had gegeven het document voor het beroep kwijt te raken.’ Na anderhalve maand ging Manana Jabeli in hongerstaking, totdat de datum van de rechtszitting bekend was. Opnieuw kon de familie geen advocaat vinden die haar bij wilde staan en dus moest ze zichzelf verdedigen. Ze won. Het besluit tot uitzetting werd herroepen.

Maar ze was nog niet vrij. Eerst moest de rechter die haar had uitgewezen het hoger beroep ondertekenen. ‘Moeder lachte. Ik heb twee maanden vastgezeten, ik kan nog wel twee of drie dagen langer wachten. Na anderhalve dag kreeg Niko een telefoontje van de gevangenisdirecteur. Dat zijn moeder was overleden, 51 jaar oud. De gevangenis weigerde Niko of anderen toe te laten tot de cel, of te laten praten met andere Georgiërs die er op uitzetting wachten. ‘Ze wilden alles over de omstandigheden van haar dood wegmoffelen.’

Uiteindelijk werd er toch een onderzoek ingesteld, dat nog steeds aan de gang is. ‘Als de politici vechten, lijdt het gewone volk’, is Niko’s conclusie over de anti-Georgische haatcampagne van een jaar terug.

Over een half jaar krijgt hij zijn Russische paspoort. Naast zijn rechtenstudie runt hij nog steeds het marktstalletje van zijn moeder. ‘Vroeger wilde ik voor het Openbaar Ministerie gaan werken, maar na wat mijn moeder is overkomen, weet ik het niet meer.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden